Het is belangrijk dat alle partijen die betrokken zijn bij de veiligheidsbeoordeling op nationaal en internationaal niveau samenwerken. Daarom neemt het RIVM deel aan verschillende (inter-) nationale projecten en netwerken. Op deze manier draagt het RIVM bij aan kennis, ervaring, verbetering, transparantie, vertrouwen en uiteindelijk acceptatie van nieuwe methoden.

Virtual Human Platform for Safety Assessment (VHP4Safety)

Een voorbeeld is het Virtual Human Platform for Safety Assessment (VHP4Safety) project dat gefinancierd wordt door de Nationale Wetenschapsagenda: Onderzoek op Routes door Consortia (NWA-ORC). Het belangrijkste doel van VHP4Safety is om uitsluitend op basis van menselijke fysiologie en biologie, en zonder dierproeven, te testen of chemische stoffen en geneesmiddelen veilig zijn. Door innovaties in datawetenschappen, menselijke weefselkweekmodellen en transitiemanagement te integreren, brengen de onderzoekers de transitie naar proefdiervrije veiligheidsbeoordeling in een stroomversnelling. Samen met de Universiteit Utrecht en Hogeschool Utrecht is het RIVM mede-coördinator van VHP4Safety. Co-financiering voor de bijdrage van het RIVM aan VHP4Safety komt van het ministerie van LNV Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit). Het project ontvangt een subsidie van >10 miljoen euro en is gestart per 1 juni 2021 met een looptijd van 5 jaar. Aan het project werken 33 organisaties mee.

Dierproefvrije testen voor hormoonverstoring - van wetenschap tot regulatoire acceptatie (AFARA)

AFARA wordt gefinancierd door het NWA-programma ‘Proefdiervrije modellen: acceptatie en implementatie’. AFARA wordt gecoördineerd door de Universiteit Utrecht en het RIVM. Daarnaast zijn verschillende stakeholders vanuit de industrie, regelgeving en NGO niet-gouvernementele organisatie (niet-gouvernementele organisatie)'s betrokken. Dit project zal een brug slaan tussen wetenschap en regelgeving met als hoofddoel: bevorderen van de  maatschappelijke en wettelijke implementatie en acceptatie van bestaande proefdiervrije testen voor hormoonverstoring. Hormoonverstorende stoffen (endocrine disrupting chemicals, EDC’s) kunnen leiden tot  schadelijke effecten in mens en dier. Er zijn nu nog dierproeven nodig om EDC’s te kunnen identificeren. Naast de ethische bezwaren is de relevantie van deze dierproeven voor mensen soms twijfelachtig en zijn er niet voor alle hormoonverstoring-gerelateerde effecten testen beschikbaar. Er zijn verschillende innovatieve, proefdiervrije modellen ontwikkeld die kunnen bijdragen aan de identificatie van EDC’s, al worden deze nog niet altijd geaccepteerd door wetenschap, regelgevende instanties en maatschappij. Het project ontvangt een subsidie van ongeveer 1 miljoen euro en start per 1 februari 2023 met een looptijd van 5 jaar.