Papegaaienziekte, psittacose

Papegaaienziekte (psittacose) is een vorm van longontsteking die bij mensen in Nederland af en toe voorkomt. De papegaaienziekte wordt veroorzaakt door een bacterie (Chlamydia psittaci) die bij vogels kan voorkomen. Dieren die de bacterie bij zich dragen kunnen deze overdragen op mensen (zoönose). Niet alleen papegaaien, maar ook parkieten, pluimvee, duiven, eenden, kalkoenen, kanaries en andere vogels kunnen met de bacterie besmet zijn. Ook vogels die geen zichtbare klachten hebben kunnen de bacterie uitscheiden.

Wat is papegaaienziekte?

Papegaaienziekte is een infectieziekte die onder andere kan leiden tot longontsteking en veroorzaakt wordt door de bacterie Chlamydia psittaci.

Ziekteverschijnselen

De incubatieperiode is één à twee weken maar kan langer zijn. Papegaaienziekte is een infectieziekte met een zeer uiteenlopend ziektebeeld. De infectie kan (vrijwel) zonder symptomen verlopen, maar kan zich ook uiten als griepachtig ziektebeeld of ernstigere vormen waarvoor opname in het ziekenhuis noodzakelijk is. Ernstigere vormen zijn bijvoorbeeld longontsteking of bloedvergiftiging waarbij meerdere organen minder kunnen gaan functioneren of uitvallen. Heeft u bij papegaaienziekte passende ziekteverschijnselen en contact (gehad) met vogels? Meld dit dan bij uw huisarts/ behandelend arts.

Besmetting en preventie

De bacterie Chlamydia psittaci komt voor in oogvocht, snot en uitwerpselen van vogels die deze bacterie bij zich dragen. Mensen kunnen besmet raken door inademing van stofdeeltjes van ingedroogd oogvocht, snot of uitwerpselen van besmette vogels. Besmetting met deze stofdeeltjes kan ook plaatsvinden via contact met karkassen of veren van besmette vogels. Het risico op besmetting kan verminderd door het zoveel mogelijk voorkómen van contact tussen geïnfecteerde vogels (en besmette stofdeeltjes van vogels) en mensen. Dit kan door het dragen van handschoenen, beschermende kleding en een mond-neusmasker tijdens contact met mogelijk besmette vogels, door inademing van stofdeeltjes te voorkomen (nat schoonmaken van mogelijke besmette oppervlakten zoals vogelkooien om verstuiving te voorkomen, zorgen voor voldoende ventilatie in ruimtes met vogels e.d.) of door de vogels waarmee intensief contact bestaat C. psittaci-vrij te maken.

Als een vogel als huisdier gehouden gaat worden is het aan te raden om deze preventief door een dierenarts op C. psittaci-infectie of dragerschap te laten testen wanneer de vogelhandelaar dit niet heeft gedaan. Tevens is de dierenarts de aangewezen persoon om verdachte, zieke vogels te beoordelen en eventueel te behandelen.

Hoe vaak komt papegaaienziekte het voor bij mensen?

Papegaaienziekte bij mensen is in Nederland meldingsplichtig. Het aantal meldingen varieert de laatste jaren van circa 40 tot 80 per jaar (figuur 1). Het werkelijk aantal patiënten met papegaaienziekte zal echter hoger zijn dan het aantal meldingen, omdat artsen bij een longontsteking vaak geen laboratoriumtest laten doen om de diagnose te bevestigen. De actuele situatie van papegaaienziekte in Nederland is te zien in de Atlasinfectieziekten.

Meldingen psittacose 2006-2015 

Figuur 1. Aantal meldingen van psittacose per jaar naar methode van laboratoriumdiagnostiek, 2004 t/m 2015 (Bron: Osiris). Jaar is hier gedefinieerd op basis van datum eerste ziektedag of, indien onbekend, datum labuitslag óf datum melding GGD, afhankelijk van welke datum het vroegste is. Alleen door het RIVM geaccordeerde meldingen worden meegeteld. 

Actuele informatie over het aantal meldingen (per maand) kunt u vinden in het Infectieziekten Bulletin onder 'Meldingen Wet publieke gezondheid' (te vinden onder 'Documenten en publicaties' in de rechterkolom).

Voor literatuurverwijzingen en meer informatie zie LCI-richtlijn Psittacose

Twee papegaaien

Andere informatiebronnen

Home / Onderwerpen / P / Papegaaienziekte, psittacose

RIVM De zorg voor morgen begint vandaag
Menu