Teken-encefalitis is een hersen(vlies)ontsteking die veroorzaakt wordt door het tekenencefalitis-virus, ook wel ‘tick-borne encephalitis’ virus (TBE-virus) genoemd. Besmette teken dragen het TBE-virus over van dier naar dier en soms naar de mens.
Teken-encefalitis is een hersen(vlies)ontsteking die wordt veroorzaakt door het TBE-virus. Het virus wordt overgebracht door tekenbeten. Tot voor kort kwam het virus alleen in het buitenland voor, maar in het voorjaar van 2016 kwamen er aanwijzingen dat in Nederland reeën besmet zijn geweest met het virus en is het virus ook bij teken aangetoond in Nederland, op de Sallandse Heuvelrug en de Utrechtse Heuvelrug. Er zijn enkele patiënten die het virus in deze gebieden in Nederland hebben opgelopen.
Er bestaan verschillende typen TBE-virussen. De ziekten die door
deze virussen worden veroorzaakt verlopen in het algemeen
vergelijkbaar. De ziekte die wordt veroorzaakt door het subtype dat
in het Oosten van Rusland voorkomt, verloopt vaak ernstiger.
De kans op een infectie na een tekenbeet is zeer klein, omdat er
slechts zeer weinig teken besmet zijn met het TBE-virus. Bovendien verloopt een
infectie na een beet van een met TBE-virus besmette teek meestal
zonder klinische verschijnselen. Krijgt iemand wel klachten, dan
verloopt de ziekte vaak in 2 fasen. Na een incubatietijd van 7 tot
14 dagen volgt een fase met koorts, vermoeidheid, algehele malaise
en hoofdpijn. Dit duurt meestal 2 tot 7 dagen en wordt gevolgd door
een periode van ongeveer 1 week zonder klachten. Daarna volgt de
tweede fase van de ziekte met ernstige hoofdpijn, koorts en
hersen(vlies)ontsteking. Dan is ziekenhuisopname noodzakelijk. Een
deel van deze patiënten ontwikkelt neurologische
restverschijnselen. Ongeveer 1-2% van de patiënten met een
hersen(vlies)ontsteking overlijdt. Er zijn geen specifieke
medicijnen tegen teken-encefalitis.
Het virus wordt door besmette teken overgedragen naar de mens.
Er is een vaccin dat voor 95% bescherming geeft. Mensen die lange
tijd verblijven in gebieden waar teken-encefalitis veel voorkomt,
kunnen zich laten vaccineren. Dit wordt bijvoorbeeld aangeraden
voor verblijf in delen van Midden- en Oost-Europa. Op de website
van de Landelijke Coördinatie Reizigersadvisering staat vermeld in
welke landen/gebieden vaccinatie geadviseerd wordt. Vooralsnog is
er geen reden om in Nederland te vaccineren.
Ook het zo snel mogelijk verwijderen van een teek verkleint de kans
op infectie, hoewel het virus al snel na de beet wordt
overgebracht. Een snelle verwijdering kan deze ziekte dus niet
altijd voorkomen, maar verkleint ook de kans op andere ziekten die
door teken overgebracht kunnen worden, zoals de ziekte van Lyme.
Tekenbeten kunnen voorkomen worden door beschermende kleding te
dragen en de onbedekte huid in te smeren met een middel dat DEET
bevat. Deze maatregelen geven geen 100% bescherming zodat
tekenbeetcontrole altijd nodig is na verblijf in het groen.
Een andere, zeldzame besmettingsroute voor de mens is het drinken
van besmette rauwe melk of het eten van besmette rauwmelkse kaas.
Landbouwhuisdieren, zoals schapen, geiten en koeien kunnen namelijk
ook besmet raken. Zij scheiden het virus dan uit in de melk.
Het TBE-virus
komt voor in delen van Europa, waaronder Duitsland en Oostenrijk,
in Rusland en bepaalde gebieden in Centraal-Azië. In Europa zijn
ongeveer 2000 patiënten per jaar en in Rusland 10.000. In Nederland
is het virus alleen in teken gevonden op de Sallandse Heuvelrug en
Utrechtse Heuvelrug. Het RIVM
onderzoekt, samen met andere organisaties, de verspreiding van het
TBE-virus en hoe groot
het risico is om in Nederland teken-encefalitis op te lopen.
Delen op: