Nationaal Kompas Volksgezondheid (www.nationaalkompas.nl)

Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu Nationaal Kompas Volksgezondheid
Ziekte, kwaliteit van leven en sterfte Factoren die van invloed zijn op de gezondheid Activiteiten om gezondheid te handhaven of te verbeteren Gezondheidszorg Bevolking en economie Internationale vergelijkingen Gezondheidsachterstanden Ouderen

Preventie gericht op alcoholgebruik

Kort en bondig
Doel en organisatie
Bereik en effectiviteit
Kosten

Kijk ook eens bij:

25 september 2007
Preventie gericht op alcoholgebruik
Kort en bondig

Veel gezondheidsverlies door overmatig alcoholgebruik

Alcohol is het meest gebruikte en meest wijdverbreide genotmiddel in Nederland. Met uitzondering van ongeveer 20%, drinkt iedereen boven de 12 jaar wel eens alcohol. Bij ongeveer 15% van de mannen en 12% van de vrouwen is sprake van overmatig alcoholgebruik.

Overmatig alcoholgebruik heeft talrijke gevolgen voor de volksgezondheid. Voorbeelden hiervan zijn leveraandoeningen, verschillende vormen van kanker, verkeersongevallen, valincidenten, depressie en verslaving. Met alcoholmatiging is dan ook veel gezondheidswinst te behalen. Wanneer het alcoholgebruik in de bevolking afneemt met 10%, vermindert naar schatting het aantal fatale ongelukken met 5%. Het aantal mensen dat sterft aan de gevolgen van alcohol daalt dan met 20%.

Bevorderen verantwoord alcoholgebruik via mix instrumenten

Het ministerie van VWS streeft verantwoord alcoholgebruik na en wil het risico op alcoholgerelateerde problemen beperken. Primaire doelgroepen zijn jongeren en probleemdrinkers. In de praktijk is het bereiken van alcoholmatiging bij deze doelgroepen niet eenvoudig. De effectiviteit van interventies verschilt per methode, maar interventies blijken het meest effectief wanneer tegelijkertijd verschillende preventiemethoden worden ingezet

Het uitgangspunt van VWS is dat alleen een samenhangende aanpak doeltreffend is. Verschillende beleidsinstrumenten worden daarom tegelijk ingezet, zoals voorlichting, wetgeving, zelfregulering door de branche, hulpverlening en accijnsheffing.

Veel verschillende organisaties actief in alcoholpreventie

Het ministerie van VWS is verantwoordelijk voor het alcohol(matigings)beleid en heeft samen met het ministerie van Justitie een wet- en regelgevende rol. Het beleid en de wet- en regelgeving op het gebied van alcohol en verkeer valt onder het ministerie van Verkeer en Waterstaat en het ministerie van Financiën is belast met de accijnsheffing op alcoholhoudende drank. Het landelijke alcoholbeleid wordt in de praktijk concreet vormgegeven door gemeenten. Verschillende landelijke organisaties, zoals het Trimbos-instituut, NIGZ, VVN en STAP zijn actief op het terrein van voorlichting. Iedere organisatie heeft een eigen aanpak, doelgroep en setting. GGD'en en regionale instellingen voor verslavingszorg voeren op lokaal en regionaal niveau preventieprojecten uit, vaak in samenwerking met scholen, verenigingen en ondernemers.

Aanbod bestaat uit drie soorten interventies

De maatregelen gericht op alcoholpreventie kennen drie vormen, gericht op groepen met oplopend risico:

  • Universele preventie gericht op de algemene bevolking of subgroepen zonder alcoholproblemen (waaronder wet- en regelgeving en (massamediale) voorlichting).
  • Selectieve preventie gericht op risicogroepen, zoals kinderen van ouders met alcoholproblemen, die een vergrote kans lopen op drankproblemen (waaronder peer-educatie, voorlichting in uitgaanssetting en websites).
  • Gëindiceerde preventie gericht op mensen met problematisch alcoholgebruik die nog niet de diagnose alcoholmisbruik of -verslaving hebben (waaronder vroegsignalering, gespecialiseerd spreekuur, internet-drinktests).

Wet- en regelgeving het meest werkzaam

Van alle maatregelen en interventies ter bestrijding van schadelijk alcoholgebruik is wet- en regelgeving het meest effectief. Uit voornamelijk buitenlands onderzoek blijkt dat de volgende maatregelen het schadelijk alcoholgebruik daadwerkelijk verminderen: verhogen van de minimumleeftijd om te drinken, accijnsverhoging, beperking van de bereikbaarheid, alcoholcontroles in het verkeer en een beperking of verbod op alcoholreclame. De doeltreffendheid ervan wordt in de praktijk vooral beïnvloed door de complexiteit en toegankelijkheid van de regels en de mate waarin toezicht wordt gehouden op de naleving ervan.


25 september 2007
Preventie gericht op alcoholgebruik
Doel, organisatie en aanbod
Wat wordt beoogd met preventie gericht op alcoholgebruik?

Voorkómen alcoholgerelateerde schade

Alcoholpreventie heeft als doel verantwoord alcoholgebruik te stimuleren en de schadelijke gevolgen van alcoholgebruik te voorkómen (VWS, 2006l). Alcohol is het meest gebruikte en meest wijdverbreide genotmiddel in Nederland. Met uitzondering van ongeveer 20%, drinkt iedereen boven de 12 jaar wel eens alcohol. Bij 14,9% van de mannen en 11,6% van de vrouwen is sprake van overmatig alcoholgebruik (POLS, gezondheid en welzijn). Probleemdrinken komt voor bij 10,3% van de bevolking van 16-69 jaar; deze groep heeft een hoog alcoholgebruik en ondervindt hier ook problemen door (Van Dijck & Knibbe, 2005). Alcoholgebruik kan talrijke schadelijke gevolgen hebben. Naast gezondheidsproblemen voor de drinker zelf (zoals leveraandoeningen en verhoogde kans op kanker) levert het ook risico's op voor de omgeving (gezin en werk) en de maatschappij (verkeer en uitgaan). Bij sommige aandoeningen zorgt matig alcoholgebruik voor een lager risico dan niet-drinken of een hoger alcoholgebruik. Dit geldt voor coronaire hartziekten en (iets minder duidelijk) voor beroerte. Netto gezien hebben de negatieve gevolgen voor de gezondheid meestal de overhand, pas bij matige drinkers vanaf 35 jaar wordt dit anders. Zie voor meer informatie: wat zijn de mogelijke gezondheidsgevolgen van alcoholgebruik?

Grote gezondheidswinst door afname alcoholgebruik

Eén procent van de sterfte (ongeveer 1.900 personen) en 4,5% van de totale ziektelast in Nederland kan worden toegeschreven aan alcoholgebruik. Daarnaast veroorzaakt alcoholmisbruik een aanzienlijk (5,4%) verlies aan kwaliteit van leven (zie: kwaliteit van leven bij alcoholafhankelijkheid). Terugdringen van het alcoholgebruik zou gezondheidswinst opleveren op het terrein van de ongevallen en op het terrein van de chronische aandoeningen, zowel lichamelijke aaandoeningen als psychische stoornissen (Schram et al., 2001). Uit de internationale literatuur komt de verwachting naar voren dat de alcoholgerelateerde sterfte zal dalen met ongeveer 20% en het aantal fatale ongelukken zal dalen met 5%, wanneer de alcoholconsumptie afneemt met 10% (IUHPE, 1999).

Interventies vooral gericht op specifieke groepen

Veel preventieve interventies richten zich op specifieke doelgroepen. Naast kinderen en jongeren die nog niet drinken, richt de preventie zich op regelmatige drinkers en op groepen waarbinnen het aantal mensen dat overmatig drinkt hoger is dan in de rest van de bevolking (adolescenten en studenten). Preventie van alcoholgebruik richt zich ook op groepen met speciale risico's zoals zwangeren, ouderen en mensen met medicijn- en/of druggebruik. Verder richt alcoholpreventie zich op gezinsleden van alcoholisten, op probleemdrinkers en op de verstrekkers van alcohol. Tot slot is er ook aandacht voor alcoholpreventie in specifieke situaties waar gebruik van alcohol een gevaar oplevert voor de gebruiker zelf of anderen zoals op de werkplek en in het verkeer.

Alcoholpreventie door middel van wet- en regelgeving als de Drank- en Horecawet en accijnsheffing is gericht op alle drinkers.

Specifiek beleid gericht op jongeren

De overheid voert sinds enkele jaren specifiek beleid gericht op het terugdringen van het alcoholgebruik onder jongeren. In 2006 is het project 'Alcohol en opvoeding' gestart. Hierin worden de bestaande grote landelijke programma's gericht op jongeren gebundeld met als doel dat kinderen op latere leeftijd en liefst niet onder de 16 jaar beginnen met drinken en dat jongeren boven de 16 jaar niet overmatig alcohol gebruiken. De samenhangende aanpak die het kabinet hierbij wil volgen staat beschreven in de Preventienota (VWS, 2006l).

Mix van preventiemethoden ingezet om doel te bereiken

Vanaf het midden van de jaren tachtig ligt de nadruk op een samenhangend alcoholpreventiebeleid. Vanuit de overtuiging dat beleid alleen dan doeltreffend kan zijn, zet de overheid een samenhangend pakket van verschillende instrumenten in om schadelijk alcoholgebruik te beperken:

  • voorlichting
  • wet- en regelgeving
  • convenants (afspraken met partijen waaronder de alcoholbranche)
  • accijnsheffing op alcoholhoudende dranken
  • ondersteuning lokaal beleid
  • subsidie, bijvoorbeeld voor wetenschappelijk onderzoek naar de werkzaamheid van nieuwe voorlichtingsmethodes

Wat betreft voorlichting is er de laatste jaren sprake van groeiende interesse voor het internet, vooral sites met individueel advies-op-maat via de computer (tailoring). In opdracht van het ministerie van VWS zijn bijvoorbeeld de alcoholzelftest en de internet-zelfhulpcursus 'Minder drinken' ontwikkeld.


25 september 2007
Preventie gericht op alcoholgebruik
Doel, organisatie en aanbod
Wie doet wat?

Wetgevende rol voor ministeries

Het ministerie van VWS is verantwoordelijk voor het alcoholbeleid en daarbinnen voor de coördinatie van de preventie van schadelijk alcoholgebruik. VWS heeft daarin samen met het ministerie van Justitie een wet- en regelgevende rol. Het grootste gedeelte van de regels die betrekking hebben op alcohol staan beschreven in de Drank- en Horecawet. Deze wet heeft als uitgangspunt een verantwoorde verstrekking van alcohol. Handhaving van deze wet wordt uitgevoerd door de Voedsel en Warenautoriteit (VWA). Sinds 1 maart 2005 heeft de VWA de mogelijkheid bedrijven bij overtreding bestuurlijke boetes uit te delen. Het beleid en de wet- en regelgeving op het gebied van alcohol en verkeer valt onder het ministerie van Verkeer en Waterstaat. Het ministerie van Financiën ten slotte is belast met de accijnsheffing op alcoholhoudende drank.

Lokale aanpak alcohol door gemeente

Het lokale bestuur geeft het landelijke alcoholbeleid in de praktijk concreet gestalte (VWS, 2006l). Zo verleent de gemeente de vergunningen aan horeca- en slijtersbedrijven. De gemeenteraad kan in het kader van de Drank- en horecawet in een verordening extra regels stellen. GGD'en en regionale instellingen voor verslavingszorg voeren op regionaal en lokaal niveau preventieactiviteiten uit, vaak in opdracht van de gemeente. De uitvoering van de activiteiten vindt meestal plaats in samenwerking met scholen, verenigingen en ondernemers.

Landelijke campagne en lokale ondersteuning door NIGZ

NIGZ-Alcoholvoorlichting voert in opdracht van het ministerie van VWS de landelijke alcoholmatigingscampagne uit. Deze campagne is bij het publiek bekend onder de slogan "DRANK maakt meer kapot dan je lief is" (zie ook: wat is het aanbod?). De activiteiten van de campagne worden op lokaal niveau in samenwerking met regionale Instellingen voor Verslavingszorg en GGD'en, de zogenaamde AVP-steunpunten, uitgevoerd. Daarnaast ondersteunt NIGZ-Alcoholvoorlichting de regionale en lokale overheid in het opstellen en implementeren van lokaal alcoholmatigingsbeleid (Van Buuren & Scholten, 2000). NIGZ verricht ook voorlichtings- en ondersteuningsactiviteiten op het gebied van alcohol en werk.

Trimbos gericht op preventie alcoholmisbruik en -verslaving

Het Trimbos-Instituut ontwikkelt vooral interventies gericht op de preventie van alcoholmisbruik en -verslaving. Zo heeft het Trimbos het project 'De gezonde school en genotmiddelen' ontwikkeld. Het project beoogt riskant experimenteergedrag met onder meer alcohol terug te dringen door schoolgezondheidsbeleid te ontwikkelen en in te voeren (Jonkers et al., 1999; zie ook: preventie op school). Ook ontwikkelde het instituut een website voor kinderen van mensen met een alcoholprobleem. Het Trimbos-instituut voert verder het secretariaat van het Partnership Vroegsignalering Alcohol (PVA), een samenwerkingsverband tussen organisaties en beroepsverenigingen uit de preventie- en de zorgsector.

Vroegsignalering en voorlichting door zorgaanbieders eerstelijn

Ook zorgaanbieders in de eerstelijn zoals huisartsen, praktijkassistentes en verloskundigen voeren alcoholpreventie. Naast vroegsignalering (en eventuele doorverwijzing naar alcoholhulpverlening) vindt in de huisartspraktijk ook voorlichting over de schadelijke gevolgen van alcoholgebruik plaats (zie ook: preventie in de huisartsenpraktijk). Alcoholvoorlichting aan zwangeren behoort in Nederland tot het standaardpakket verloskundige zorg.

Diverse organisaties betrokken bij preventie alcoholgebruik in verkeer

Veilig Verkeer Nederland ontwikkelt voorlichtingsmateriaal over alcohol en verkeer. Incidenteel gebeurt dit in samenwerking met het NIGZ. De politie voert regelmatig alcoholcontroles uit onder bestuurders. Het CBR is verantwoordelijk voor maatregelen gericht op opgespoorde bestuurders met een te hoog alcoholpromillage. Een groot samenwerkingsverband van ministeries, brancheorganisaties en Veilig Verkeer Nederland is betrokken bij de Bob-campagne gericht op het alcoholvrij rijden.

STAP pleit voor effectief alcoholbeleid

De Stichting Alcoholpreventie (STAP) pleit voor een effectief alcoholbeleid van de overheid en zet zich in voor publieke bewustwording van de risico's van alcohol. STAP richt zich met nadruk op het terugdringen van alcoholgebruik onder jongeren, door ondermeer het algemene publiek, beleidsmakers en professionals te informeren. Hiertoe beheert de stichting verschillende internetsites en voert projecten uit gericht op specifieke thema's zoals lokaal alcoholbeleid, alcoholmarketing en alcohol en zwangerschap. Voorbeelden van andere activiteiten zijn advisering, signalering en initiëren van onderzoek.

Alcoholbranche dubbele rol in alcoholpreventie

De alcoholbranche heeft een dubbele rol in alcoholpreventie. Aan de ene kant toont de sector zich betrokken bij de strijd tegen alcoholmisbruik. Zo streeft de alcoholbranche er via de Stichting Verantwoord Alcoholgebruik (STIVA) naar om verantwoord alcoholgebruik te bevorderen en alcoholmisbruik terug te dringen. Aan de andere kant voert de branche een krachtige lobby tegen preventieve maatregelen zoals een verbod op alcoholreclame of accijnsverhoging, vanwege een mogelijk negatief effect op de verkoop van alcohol. Ook het Centraal Bureau Levensmiddelenhandel (CBL), waarin supermarkten verenigd zijn, kenmerkt zich door die dubbele rol. Het CBL is aan de ene kant actief op het gebied van alcoholpreventie met de "Soms moet je nee verkopen" campagne, ontwikkeld om supermarktpersoneel te informeren en instrueren over het niet verkopen van alcohol aan personen onder de 16 jaar. Aan de andere kant is de organisatie tegen het voorgestelde verbod om in supermarkten mixdranken te verkopen.


25 september 2007
Preventie gericht op alcoholgebruik
Doel, organisatie en aanbod
Wat is het aanbod?


Overzicht aanbod van alcoholpreventie

Drie verschillende soorten preventieve interventies

De preventieve maatregelen gericht op beperking van alcoholgebruik kennen drie vormen, gericht op groepen met een oplopend risico:

  • Universele preventie is gericht op de bevolking in het algemeen en op specifieke groepen zoals (ouders van) jongeren.
  • Selectieve preventie is gericht op risicogroepen, zoals kinderen van ouders met alcoholproblemen, die een vergrote kans lopen op drankproblemen.
  • Geïndiceerde preventie is gericht op mensen met problematisch alcoholgebruik die nog niet de diagnose alcoholmisbruik of -verslaving hebben.

Hieronder wordt het aanbod per vorm globaal beschreven. Voor een overzicht van de afzonderlijke interventies zie: tabellen aanbod alcoholpreventie.

Zie ook: Wat is preventie?

Integrale aanpak combineert verschillende instrumenten

Het uitgangspunt van de Nederlandse overheid is dat alleen een samenhangende integrale aanpak doeltreffend kan zijn (VWS, 2006l, VWS, 2006e). Iedere partij speelt daarin een eigen rol (zie: wie doet wat?).


Universele preventie nader bekeken

Drank- en Horecawet regelt alcoholverstrekking

De Drank- en Horecawet schept randvoorwaarden voor een verantwoorde distributie van alcohol in de samenleving. De wet bevat speciale regels voor verkopers van alcohol en overheden (niet voor de gebruikers). In de wet staan bijvoorbeeld regels over horeca- en slijtersvergunningen, over leeftijdsgrenzen voor alcoholverkoop en over speciale regels die gemeenten kunnen instellen. De wet is afkomstig uit 1964 en is sindsdien een aantal keer aangepast. Op 1 november 2000 zijn wijzigingen doorgevoerd die met name waren gericht op een intensievere preventie van alcoholmisbruik en handhaving van bestaande regels. De laatste wijziging betrof de invoering van de bevoegdheid van de VWA om bestuurlijke boetes op te leggen.

Alcohol en verkeer bij wet geregeld

In de Wegenverkeerswet, de Wet luchtverkeer en de Scheepvaartverkeerswet wordt aandacht besteed aan alcoholgebruik. In de alcoholverkeerswetgeving is onder meer vastgelegd wat precies wordt verstaan onder 'rijden onder invloed'. Sinds 2006 overtreden nieuwe automobilisten de wet als ze één biertje gedronken hebben. Het maximaal toegestane alcoholpromillage voor beginnende bestuurders is toen verlaagd van 0,5 naar 0,2. Ook de ademanalyse en de EMA-cursus maken deel uit van de wet. Verkeersdeelnemers die zijn aangehouden voor rijden onder invloed kunnen worden verplicht tot het volgen van de EMA-cursus.

Reclamecode voor alcoholhoudende dranken

De alcoholbranche heeft zelf regels opgesteld over alcoholreclame en deze vastgelegd in de Reclamecode voor alcoholhoudende dranken (RvA). Sinds 2000 hebben producenten, detailhandel en horeca ieder een eigen code. De Reclame Code Commissie en de brancheorganisaties zien toe op de naleving. In Nederland is geen wettelijk reclameverbod voor alcoholreclame. Wel heeft de overheid de alcoholbranche aangespoord via zelfregulering te komen tot een vermindering van de blootstelling van minderjarigen aan alcoholreclame. Dit heeft er toe geleid dat sinds 2006 bij alle reclamespotjes voor zwakalcoholhoudende drank, zoals bier en mixdrankjes, minimaal 5 seconden een educatieve slogan wordt getoond die gericht is op het niet drinken onder de 16 jaar. (Zie ook: zijn er internationale verschillen?)

Verplichte voorlichting aan alcoholverstrekkers

Horecaondernemers en leidinggevenden van (sport)kantines zijn verplicht de cursus 'Sociale Hygiëne' te volgen die ingaat op verantwoorde alcoholverstrekking. Daarnaast wordt in de cursus 'horecaportier' aandacht geschonken aan risico's van alcoholverstrekking en is de cursus 'leren omgaan met agressie, drugs en alcohol' ontwikkeld voor mensen die in horecagelegenheden werken. Om barvrijwilligers in sportkantines, studentenverenigingen en buurthuizen te instrueren over het verantwoord verstrekken van alcohol is een twee uur durende cursus ontwikkeld; de instructie verantwoord alcoholgebruik.

Voorlichting onder vlag 'Drank maakt meer kapot dan je lief is'

Sinds 1986 wordt de landelijke alcoholmatigingscampagne 'Drank maakt meer kapot dan je lief is', uitgevoerd. Onder die naam worden verschillende campagnes gevoerd die zijn gericht op twee doelgroepen: overmatig drinkende jongeren van 15-25 jaar (vooral jongens) en overmatig drinkende volwassenen van 35-55 jaar.

Voorlichting vaak op school en gericht op meerdere genotmiddelen

Alcoholvoorlichting vindt voornamelijk plaats via de massamedia, op scholen en op plaatsen waar jongeren alcohol drinken (horeca, festivals en vakantie). Uit een inventarisatie naar preventieprojecten over verslaving en genotmiddelengebruik, blijkt dat de meeste van dergelijke projecten op scholen worden uitgevoerd. Bijna alle projecten richten zich niet alleen op alcohol maar ook op andere genotmiddelen (LSP, 2005). Zie ook: preventie op school.

Informatie en voorlichting via telefoon en internet

Informatie en voorlichting over alcohol wordt geboden via de telefonische informatielijn en internet. De Alcohol-Infolijn is te bereiken voor informatie over alcohol of aan alcohol gerelateerde problemen, adressen en voorlichtingsmateriaal. Bellers kunnen luisteren naar informatie of kiezen voor een persoonlijk gesprek (anoniem). Er zijn ook verschillende informatieve websites. De website alcoholinfo is voor de algemene publieksvoorlichting, via de website drinktest kunnen bezoekers vragen over hun eigen alcoholgebruik op hun computer invullen, waarna ze direct een digitaal advies-op-maat ontvangen. Het advies bevat informatie over verantwoord alcoholgebruik en tips voor situaties waarin het lastig is minder te drinken. Ouders van jongeren die voor het eerst alleen op vakantie gaan, kunnen voor opvoedingstips terecht op de site goedvoorbereid. Verder zijn er nog allerlei sites met informatie over een specifiek onderwerp zoals alcoholbeleid, alcoholreclame, alcohol en opvoeding, alcohol en zwangerschap en alcoholvrije omgeving.

Voorlichtingscampagne zwangeren en alcohol

In september 2007 is de campagne 'Negen maanden zwanger, negen maanden alcoholvrij' gestart. De campagne is ontwikkeld door Foetaal Alcohol Syndroom Stichting Nederland, Stichting Alcoholpreventie en Tactus Verslavingszorg. De campagne bestaat uit een website en informatiemateriaal, waaronder posters op plaatsen waar jonge vrouwen komen zoals kinderdagverblijven, consultatiebureaus, gynaecologen en verloskundigen. De boodschap uit de campagne volgt het advies van de Gezondheidsraad op. De Gezondheidsraad geeft aan dat niet is vast te stellen hoeveel alcohol zonder risico door een zwangere geconsumeerd kan worden. Het enige veilige advies aan vrouwen die zwanger willen worden of zijn, is geen alcohol drinken (Gezondheidsraad, 2004h). Uit onderzoek blijkt dat zwangeren tijdens het intakegesprek met de verloskundige kort gewezen worden op de risico's van alcohol tijdens de zwangerschap. Het meerendeel (88%) van de verloskundigen geeft aan hun cliënten het advies om helemaal geen alcohol te drinken tijdens de zwangerschap (De Laat, 2007).

Voorlichting gericht op alcohol bij ouderen

Er wordt ook voorlichting gegeven over de risico's van alcoholgebruik bij ouderen. De voorlichting is vooral bedoeld voor professionals die met ouderen werken. Voorbeelden zijn de factsheet 'alcohol en ouderen' van NIGZ en de brochure 'ouderen en gebruik van medicijnen in combinatie met alcohol. Een onderschat probleem' van het Nederlands Kenniscentrum Ouderenpsychiatrie, beide uit 2005. Er is ook een cursus ontwikkeld voor personeel in zorginstellingen, vooral gericht op het bespreekbaar maken van alcoholgebruik onder ouderen. De cursus wordt in de regio Friesland en Drenthe/Groningen uitgevoerd in verpleeg-en verzorgingstehuizen.


Selectieve en geïndiceerde preventie nader bekeken

Selectieve interventies nu nog vooral voor volwassenen

Selectieve interventies gericht op alcoholgebruik zijn voornamelijk ontwikkeld voor volwassenen. Zie voor een overzicht van het aanbod: tabellen aanbod alcoholpreventie. In Nederland wordt voor volwassenen toegewerkt naar een stepped-care aanbod via het internet voor mensen met beginnende tot en met ernstige alcoholproblemen. Voor jongeren zijn er slechts enkele selectieve interventies, waarbij ondermeer gedacht moet worden aan kinderen van verslaafde ouders. Naast een groepsversie bestaat er ook een interventie die via het internet wordt aangeboden, ‘Drankjewel’.

Eerste geïndiceerde preventie voor jongeren in 2006

De eerste geïndiceerde preventieve interventie voor jongeren dateert uit 2006. Tot die tijd bestond er geen geïndiceerde preventieve interventie (Meijer et al., 2006), terwijl juist jongeren vanwege hun fors alcoholgebruik een risicogroep vormen. Vroegherkenning en vroege interventies zijn bij hen dus bij uitstek gewenst. Inmiddels zijn er op dit gebied enkele initiatieven genomen, waarbij de ouders een belangrijke rol toebedeeld krijgen. Eén van deze initiatieven is het gespecialiseerde spreekuur "Alcoholproblematiek bij kinderen" van het Reinier de Graaf Gasthuis in Delft.

Geïndiceerde preventie vooral aangeboden als zelfhulp

Geïndiceerde alcoholpreventie voor volwassenen wordt in Nederland vooral aangeboden in de vorm van zelfhulp, in boekvorm of via internet. Internet biedt mogelijkheden om de preventieve interventies aan te passen aan de ernst van de problemen (Meijer et al., 2006). Zo kunnen bezoekers van een website worden doorverwezen naar andere websites waar voor hen geschiktere interventies worden aangeboden. Door het aanbod op deze manier te structureren, krijgen de gecombineerde internet-interventies samen een groter bereik. Deze aanbiedingsvormen op internet gaan met lage kosten gepaard.

Vroegsignalering in de huisartsenpraktijk

In de huisartsenpraktijk vindt vroegsignalering van problematisch alcoholgebruik plaats. In de NHG-standaard problematisch alcoholgebruik (uit 2005) staan hiertoe aanbevelingen. In het kader van het Partnership Vroegsignalering Alcohol worden activiteiten uitgevoerd om gebruik van de standaard in de huisartsenpraktijk te vergroten. Zo is er een 'praktijkprotocol' onder alle huisartsen verspreid om kennis en vaardigheden op te frissen, te toetsen en uit te breiden en wordt er een training aangeboden op het gebied van motiverende gespreksvoering. Verder zijn er verschillende NHG-patiëntbrieven voor patiënten met problematisch alcoholgebruik.


25 september 2007
Preventie gericht op alcoholgebruik
Wat is het aanbod?
Tabellen aanbod alcoholpreventie


De informatie op deze pagina is afkomstig uit het rapport ‘Gezond verstand. Evidence-based preventie van psychische stoornissen’ (Meijer et al., 2006). Deze publicatie is een bundeling van kennis van het Trimbos-instituut en het RIVM. Het rapport biedt een overzicht van de in Nederland beschikbare interventies ter preventie van schadelijk alcoholgebruik, inclusief ontwikkelingsniveau en wetenschappelijke bewijskracht. Wet- en regelgeving zijn hier buiten beschouwing gelaten. Andere overzichten van beschikbare interventies zijn te vinden via de website van de Landelijke Steunfunctie Preventie (www.lsp-preventie.nl).


Jongeren

Tabel 1: Overzicht van in Nederland beschikbare interventies ter preventie van schadelijk alcoholgebruik bij jongeren (Meijer et al., 2006).

Vorm interventie

Bewezen effectiviteit

Doelgroep

Aanbod (anno 2006)

Universeel

Massamediale campagnes

media

*

K

Nederlandse bevolking of brede groepen daaruit

Gezonde school en genotmiddelen

les

**

K

leerlingen VO

op ongeveer de helft van de scholen voor voortgezet onderwijs

Alcohol en opvoeding

media

**

K

ouders van jongeren die drinken

recent gestart

Preventief Gezondheids Onderzoek

individueel

niet effectief

K

leerlingen klas 1-2 VO

verschillende GGD'en

Selectief

Drank, de kater komt later

peer-educatie

*

K

veeldrinkende jongeren die uitgaan of op vakantie zijn

de meeste instellingen voor verslavingszorg

Homeparty

voorlichting in eigen taal cultuur

*

K

ouders van jongeren uit achterstandswijken en allochtonen

verschillende instellingen voor verslavingszorg

Kinderen van Verslaafde Ouders

groep

*

K

kinderen van verslaafde ouders

de meeste GGZ- en IVZ-instellingen

Drankjewel jongeren

internet

*

K

kinderen van ouders met drankproblemen

ongeveer 4000 bezoekers per maand

Uitgaan en drugs

integrale aanpak

*

K

jongeren (en jong-volwassenen) die overmatig drinken, ± uitgaansdrugs

de meeste instellingen voor verslavingszorg

Big deal

peer-educatie

*

K

jongeren

onbekend

Geïndiceerd

geen

Vorm interventie: Les: lesprogramma op scholen, Groep = groepscursus, Internet = internet-groepscursus, Media = massamediale campagne.

Bewezen effectiviteit: * = gepubliceerde mening van deskundigen, of mening van werkgroepleden, ** = gebaseerd op één gerandomiseerde trial of meerdere onderzoeken zonder controlegroep.

Bewezen effectiviteit: K = effect op klachten.

Doelgroep: VO = Voortgezet Onderwijs.


Volwassenen en ouderen

Tabel 2: Overzicht van in Nederland beschikbare interventies ter preventie van schadelijk alcoholgebruik bij volwassenen en ouderen (Meijer et al., 2006).

Vorm interventie

Bewezen effectiviteit

Doelgroep

Aanbod (anno 2006)

Universeel

Massamediale campagnes

media

*

K

Nederlandse bevolking of brede groepen daaruit

Selectief

Drankjewel volwassenen

internet

*

K

volwassen kinderen van probleemdrinkers

ongeveer 15.000 bezoekers per jaar

Geïndiceerd

Drinktest

internet

**

R

volwassen alcoholgebruikers

in 2003 ongeveer 280.000 geregistreerde bezoekers en 150.000 adviezen op maat

Hoe minder te drinken

zelfhulp

*

R

volwassen probleemdrinkers

onbekend

Minder drinken

internet

**

R

volwassen probleemdrinkers

onbekend

Minder drinken: doe het zelf

Teleac

-

K

volwassen alcoholgebruikers

onbekend

Educatieve Maatregel alcohol en verkeer

groep

niet effectief

K

automobilisten die teveel gedronken hebben

ongeveer 8000-9000 deelnemers per jaar

Zelhulpprogramma alcohol

internet

onbekend

K

volwassen probleemdrinkers

onbekend

Behandeling online

internet

onbekend

K

volwassen probleemdrinkers

onbekend

Alcohol de Baas

internet

onbekend

K

volwassen probleemdrinkers

onbekend

Vorm interventie: Les = lesprogramma op scholen, Groep = groepscursus, Internet = internet-groepscursus, zelfhulp = schriftelijke zelfhulpcursus, Teleac = televisiecursus.

Bewezen effectiviteit: * = gepubliceerde mening van deskundigen, of mening van werkgroepleden, ** = gebaseerd op één gerandomiseerde trial of meerdere onderzoeken zonder controlegroep, - = nog niet onderzocht.

R = effect op risicostatus (meer drinken dan gangbare richtlijn voor verantwoord alcoholgebruik, zie Gezondheidsraad, 2004h), K = effect op klachten.


25 september 2007
Preventie gericht op alcoholgebruik
Doel, organisatie en aanbod
Zijn er verschillen tussen Nederland en andere landen?


Europese verschillen in alcoholbeleid

Alle EU-landen kennen een vorm van nationale alcoholpreventie

In 2007 voeren alle EU-landen beleid op het gebied van alcohol. Zelfs landen die lang achterbleven wat betreft gezondheidsbeschermende maatregelen zoals Portugal en Griekenland voeren nu beleid voor een of meerdere aspecten van alcoholconsumptie.

Nederland strenger geworden ten aanzien van alcoholgebruik

Tot de jaren zeventig had Nederland een gematigd alcoholbeleid maar sinds de jaren tachtig behoort Nederland tot de strengere landen (Karlsson & Österberg, 2001). In 2000 is de Drank- en Horecawet in Nederland verder aangescherpt met het oog op preventie van schadelijk alcoholgebruik. In de jaren vijftig hadden met name de Scandinavische landen, met uitzondering van Denemarken, een streng gecontroleerd alcoholbeleid. In deze landen had de staat een monopolie op de productie, import, export en handel van alcoholhoudende dranken. De effecten van EU-regelgeving hebben er toe geleid dat deze landen hun beleid minder strikt hebben gemaakt (Crombie et al., 2007). Dit ging samen met een stijging in alcoholconsumptie en alcoholgerelateerde schade. Daarentegen is vanaf de jaren zestig de wet- en regelgeving in de meeste andere EU-landen geleidelijk strenger geworden. In de jaren tachtig en negentig is het beleid steeds verder uitgebreid en zijn bijvoorbeeld grenzen gesteld aan de leeftijd waaronder verkopers van alcohol niet mogen verkopen (Anderson & Baumberg, 2006; Österberg & Karlsson, 2002).

EU neemt met alcoholstrategie voorzichtige eerste stap

In najaar 2006 kwam de Europese Commissie met de notitie: Een EU-strategie ter ondersteuning van de lidstaten bij het beperken van aan alcohol gerelateerde schade (EC, 2006). De Commissie is terughoudend met voorstellen voor EU-wetgeving vanwege culturele verschillen en vanwege al bestaand nationaal beleid. De Commissie wil op EU-niveau uitwisseling van 'best practices' stimuleren, activiteiten gericht op het verminderen van rijden onder invloed coördineren en met belanghebbenden werken aan 'verantwoordelijke' reclame en marketing. In najaar 2007 is het Forum Alcohol en Gezondheid van start gegaan gericht op stimulering van 'best practices'. Gezondheidsorganisaties, alcoholproducerende bedrijven en organisaties waarin deze verenigd zijn, nemen deel aan dit Forum (EC, 2007b). In de huidige EU-strategie voor het beperken van aan alcoholgerelateerde schade ontbreken concrete voorstellen over beperkingen van alcoholreclame en het invoeren van waarschuwingslabels (Van der Wilk et al., 2007). In 2007 stemde het Europese Parlement in met een resolutie over de strategie. Hierin wordt de Commissie opgeroepen om doelstellingen voor de lidstaten te formuleren. Het Parlement vraagt in het bijzonder aandacht voor drinken door jongeren en zwangere vrouwen en voor alcohol in het verkeer. Met betrekking tot het laatste stelt ze een Europees maximaal toegestaan bloedalcoholgehalte voor dat zo dicht mogelijk bij 0,0 promille ligt (EP, 2007).

EU en Nederland leggen prioriteit bij jongeren

De EU-alcoholstrategie noemt bescherming van jongeren en (ongeboren) kinderen als één van de vijf prioriteiten van het alcoholpreventiebeleid. In verschillende lidstaten, waaronder Nederland, is sprake van een zorgwekkende toename van alcoholgebruik onder jongeren. De Nederlandse overheid legt vanwege deze trend zelf ook prioriteit bij het verminderen en uitstellen van drinken bij jongeren. Wat betreft interventies gericht op deze doelgroep loopt Nederland achter bij andere West-Europese landen. Zo geldt in ons land een leeftijdsgrens van 16 jaar voor het kopen van zwakalcoholhoudende dranken, terwijl dit in veel West-Europese landen 18 jaar is. In Nederland is (nog) geen sprake van een speciale belasting voor kant-en-klare mixdranken. Een dergelijke speciale belasting is in Denemarken, Frankrijk, Duitsland, Ierland en Luxemburg wel doorgevoerd (EC, 2006).

Nederland geen wetgeving om alcoholreclame te beperken

Nederland heeft geen wetgeving op het gebied van alcoholreclame. In de Europese richtlijn 'Televisie zonder grenzen' staan de, veelal inhoudelijke eisen die aan alcoholreclame gesteld worden. In ons land zijn de normen uit deze richtlijn ingevoerd door zelfregulering van de alcoholbranche via de Reclamecode voor Alcoholhoudende Drank. Hierin is geregeld dat alcoholreclame op tv gemaakt mag worden mits minder dan 25% van de kijkers minderjarig is. In veel andere EU-lidstaten is alcoholreclame op tv geheel of gedeeltelijk verboden. Zo geldt in Frankrijk een totaalverbod, is in Zweden alle reclame voor alcohol verboden, behalve voor ‘lichte’ bieren en mag in Portugal geen alcoholreclame op tv worden uitgezonden voor 21.30 uur ’s avonds (VWS, 2005j).

Zie ook: Internationale verschillen in alcoholgebruik


Alcohol en verkeersveiligheid

In de meeste EU-landen geldt zelfde grens voor alcoholgebruik onder bestuurders

Vanwege de grote invloed van alcoholgebruik op de verkeersveiligheid is er een grens gesteld aan het aantal alcoholische consumpties waarmee bestuurders zich in het verkeer mogen begeven (SWOV, 2005b). Deze grens wordt uitgedrukt in de 'bloed alcohol concentratie' en was in 2006 in Nederland en de meeste andere EU landen 0,5 promille (Anderson & Baumberg, 2006). Sinds 2006 geldt in ons land een grens van 0,2 promille voor chauffeurs die minder dan 5 jaar een rijbewijs hebben. Ook in andere landen zijn de afgelopen jaren grenzen voor 'bloed alcohol concentratie' vast- of bijgesteld (ETSC, 2006).


Alcohol en accijnsbeleid

Grote Europese verschillen in accijns op alcohol

De EU-lidstaten voeren een uiteenlopend accijnsbeleid. Zo bedraagt de accijns voor een liter gedistilleerd nog geen drie euro in Italië tegen bijna negentien euro in Zweden. Zeven wijnproducerende landen heffen geen accijns op wijn. De Nederlandse accijnstarieven behoren tot de middenmoot (zie tabel 1). De accijnstarieven die in de EU gelden, zijn niet afdoende om de kosten (zoals ziektekosten en kosten door verkeersongelukken) die alcoholconsumptie voor de maatschappij veroorzaakt te dekken (Cnossen, 2006).

Tabel 1: Accijnstarieven op alcoholhoudende dranken in aantal EU-landen (euro's per liter consumptie). Peildatum april-juli 2006 (Trimbos-instituut, 2006c).

Bier a

Wijn b

Gedistilleerd c

Zweden

0,79

2,37

18,85

Ierland

0,99

2,73

13,74

Finland

0,97

2,12

9,89

Verenigd Koninkrijk

0,98

2,53

10,07

Denemarken

0,34

0,82

7,04

NEDERLAND

0,25

0,59

5,26

België

0,21

0,47

6,13

Frankrijk

0,13

0,03

5,08

Duitsland

0,90

0

4,56

Luxemburg

0,10

0

3,64

Oostenrijk

0,24

0

3,50

Griekenland

0,14

0

3,97

Portugal

0,16

0

3,28

Spanje

0,11

0

2,91

Italië

0,28

0

2,80

a 5% alcohol b 11% alcohol c 35% alcohol

Zie ook:

Internationale vergelijkingen van preventie in het Kompas


25 september 2007
Preventie gericht op alcoholgebruik
Bereik en effectiviteit
Wat is het bereik?

Landelijke campagnes grote bekendheid

De landelijke campagnes over alcohol hebben grote bekendheid. De campagne 'Voorkom alcoholschade bij uw opgroeiende kind' ging eind 2006 van start en maakt deel uit van het project 'Alcohol en Opvoeding'. De campagne zorgde voor een stijging in het bezoek aan de website alcoholinfo en ook het aantal ouders dat belde met de alcoholinfolijn steeg licht. De campagne loopt door in 2007 en verplaatst zich langzaam van het landelijke naar het regionale niveau. De campagne 'Drank maakt meer kapot dan je lief is' is bij 96% van de jongeren en 86% van de volwassenen bekend (Rijksvoorlichtingsdienst, 2000a). Van de jongerencampagne 'DRANK, de kater komt later' herkent 84% van de doelgroep één of meer uitingen (Cuijpers et al., 2006). In 2005 is met 37.000 jongeren een persoonlijk gesprek gevoerd over hun alcoholgebruik. Ruim 6.500 eerstejaarsstudenten hebben de alcoholwetenschapsquiz van de studentencampagne teruggestuurd.

Alcoholvoorlichting op ruim de helft middelbare scholen

Van middelbare scholieren (13 -17 jaar) heeft 52% op school voorlichting over alcohol gekregen (Regio Data, 2001). De helft van de Nederlandse middelbare scholen werkt actief met het voorlichtingsprogramma 'Gezonde school en genotmiddelen' en 70% is in aanraking gekomen met dit programma (Trimbos-instituut, 2004). Daarnaast wordt een aangepaste versie van dit voorlichtingsprogramma uitgevoerd op 20% van de 7.000 basisscholen in Nederland (VWS, 2005j).

Toename aantal hulpvragers Alcohol Infolijn

De Alcohol Infolijn is in 2006 door circa 9.000 mensen gebeld. Opvallend is de toename van het aantal mensen dat belt met een hulpvraag (voor zichzelf danwel in verband met problematiek in hun directe omgeving): in 2001 was dit nog 40% van de bellers, in 2002 was dit 47% en in 2006 werd door 55% van de bellers een hulpvraag gesteld. Hierdoor neemt het aantal verwijzingen naar de verslavingszorg toe (NIGZ, 2007b).

Internetsites populair

De internetsite alcoholinfo kent sinds haar verschijning een stijgend aantal bezoekers. In 2005 bezochten bijna 1,2 miljoen mensen de website. De site drinktest, gericht op volwassenen, is in 2006 door ongeveer 150.000 personen bezocht. De jongerenwebsite dekaterkomtlater heeft een sterk stijgend bezoekersaantal sinds de start van de campagne in 2003. In 2006 was dit opgelopen tot ongeveer 307.000 bezoekers (NIGZ, 2007b). Preventieve interventies via internet (zoals drankjewel en minderdrinken) hebben samen ongeveer 17.000 tot 100.000 bezoekers per jaar (Riper et al., 2007).

Meer lokale verordeningen via de Drank- en Horecawet

Tussen 2001 en 2003 is het aantal gemeenten dat een verordening opstelt op basis van de Drank- en Horecawet gestegen van 9% naar 40%. Het aantal gemeenten dat een Drank- en Horecawetvergunning intrekt, is ook gestegen van 10% naar 19%. De stijging vond plaats nadat in 2000 de mogelijkheden voor het opstellen van verordeningen en het intrekken van vergunningen zijn uitgebreid (VWS, 2004q).

Integraal lokaal alcoholbeleid langzaam in opkomst

De afgelopen jaren is een aantal regionale alcoholprojecten gestart, waarbij meerdere gemeenten betrokken zijn en waarbij expliciet voor een integrale aanpak is gekozen (GGD Gelre-IJssel & De Grift, 2006; GGD Gooi & Vechtstreek, 2006; SRE, 2006). In 2004 bleek dat gemeentelijk alcoholbeleid in Nederland veelal gefragmenteerd was. De koppeling tussen het terugdringen van alcoholgerelateerde overlast en beperking van gezondheidsschade ontbreekt. Van de ondervraagde 96 gemeenten had 28% geen op schrift gesteld alcoholbeleid en maar 3% een vorm van integraal beleid (Mulder, 2004b). Het lijkt erop dat ontwikkeling van integraal alcoholbeleid op lokaal niveau de laatste jaren langzaam meer aandacht krijgt (Dekker et al., 2006).


25 september 2007
Preventie gericht op alcoholgebruik
Bereik en effectiviteit
Wat zijn de effecten?

Effecten wet en regelgeving

Wet- en regelgeving het meest werkzaam

Van alle maatregelen en interventies ter bestrijding van schadelijk alcoholgebruik zijn over het algemeen de veranderingen in wet- en regelgeving het meest effectief (Meijer et al., 2006, Dekker et al., 2006). Uit voornamelijk buitenlands onderzoek (Babor et al., 2003, Chisholm et al., 2004) blijkt dat de volgende maatregelen het schadelijk alcoholgebruik daadwerkelijk verminderen:

  • Verhogen van de minimumleeftijd om te drinken.
  • Prijsverhoging door accijnsverhoging.
  • Beperking van de bereikbaarheid (zowel in verkooppunten als openingsuren).
  • Vermindering van de verkoop via self-service (vooral in supermarkten).
  • Blaastest bij verkeersdeelnemers.
  • Beperking of verbod op alcoholreclame.

Afname alcoholgebruik door prijsverhoging

Uit wetenschappelijk onderzoek (Babor et al., 2003) blijkt dat verhoging van de prijs van alcoholhoudende drank één van de meest effectieve manieren is om alcoholgebruik te matigen. Een accijnsverhoging met een extra 25% zou in Nederland 21.700 DALY's opleveren; bij een verhoging met 50% zijn dat er 24.300 (Meijer et al., 2006). Een hogere prijs werkt drempelverhogend voor beginnende drinkers (Babor et al., 2003). Het effect van een prijsverhoging op het drinken is niet rechtevenredig maar onder meer afhankelijk van de prijs en kwaliteit van een drank, voor de verhoging. Een prijsverhoging van goedkope dranken of dranken met een mindere kwaliteit heeft waarschijnlijk een groter effect op schadelijk drinken dan accijnsverhogingen bij duurdere dranken van hoge kwaliteit (Gruenewald et al., 2006; Cnossen, 2006).

Accijnsverhoging heeft geleid tot forse verkoopdaling

De accijnsverhoging op sterke drank in Nederland heeft de verkoop van sterk alcoholische dranken in ons land in 2003 met bijna dertig procent teruggebracht. De prijsverhoging op zogenaamde 'alcopops' (mixdrankjes die bijzonder populair zijn onder jongeren) in Duitsland heeft geleid tot instorting van de markt van deze drankjes aldaar (STAP, 2005a).

Maatregelen gericht op verminderen bereikbaarheid in theorie effectief

Voorafgaand aan de wijziging van de Drank- en Horecawet in 2000 zijn economische en gezondheidseffectsberekeningen uitgevoerd. Uit de economische berekeningen kwam naar voren dat door verhoging van de minimumleeftijd voor de verkoop van alcoholhoudende drank van 16 naar 18 jaar en een verbod op alcoholverkoop in benzinestations, personeelskantines en snackbars de gemiddelde alcoholconsumptie in ons land zou dalen met 1,5%. Deze daling zou volgens de gezondheidseffectberekeningen onder meer leiden tot een afname van het aantal excessieve drinkers met 11.000. Dat is een daling van 1,7%.

Naleving bepaalt effectiviteit wet- en regelgeving

Wet- en regelgevende maatregelen zijn in theorie werkzaam, maar naleving en draagvlak zijn hiervoor essentieel (Dekker et al., 2006; Meijer et al., 2006). Regels moeten voldoende maatschappelijk draagvlak hebben zodat het alcoholgebruik of -probleem niet verschuift of mensen de regels gaan ontwijken (Jansen et al., 2002). De naleving van wet- en regelgeving over alcohol is afhankelijk van de complexiteit en de toegankelijkheid van de regels (Smallenbroek & Ten Elshof, 1994). In 2004 is de Drank- en Horecawet geëvalueerd. Uit de evaluatie blijkt dat de wet redelijk wordt nageleefd. Bijna alle levensmiddelenzaken brengen tegenwoordig een duidelijke scheiding aan tussen alcoholhoudende en alcoholvrije dranken. Daarnaast is de verkoop van alcohol in niet-levensmiddelenwinkels, benzinestations en winkels in wegrestaurants gedaald. De naleving van de leeftijdsgrenzen behoeft echter nog verbetering. Ook minder positief is dat niet-levensmiddelenzaken, met name videotheken, hun assortiment uitbreiden met levensmiddelen waardoor zij tot laat in de avond alcohol kunnen verkopen (VWS, 2004q).

Kopen van alcohol door minderjarigen erg gemakkelijk

De 'Monitor Alcoholverstrekking Jongeren' wijst er herhaaldelijk op dat jongeren onder de wettelijk toegestane leeftijd alcohol veel gemakkelijker meekrijgen dan verkopers aangeven (Bieleman et al., 2006). De monitor werd in 1999, 2001, 2003 en 2005 uitgevoerd en zowel jongeren als verkopers werden ondervraagd. Hoewel het aantal jongeren dat alcohol probeert te kopen daalt, blijft het aantal geslaagde kooppogingen hangen op ongeveer 85%. Onderzoek met zogenaamde 'mysteryshoppers' van 15 en 17 jaar bevestigt dit: in verschillende regio's werd in ruim 85% van de kooppogingen zonder problemen alcoholhoudende drank verkocht (Gosselt, 2006). Een onderzoek van de Algemene Rekenkamer concludeerde in 2005 dat de handhavingscapaciteit voor leeftijdsgrenzennaleving niet toereikend was. Inmiddels is een uitbreiding van capaciteit doorgevoerd en er zijn plannen voor een uitbreiding van handhaving naar andere toezichthouders dan de VWA (Algemene Rekenkamer, 2005).


Effecten massamediale campagnes

Massamediale campagnes op zichzelf niet effectief

Massamediale voorlichtingscampagnes hebben over het algemeen een zeer klein effect op het gebruik van alcohol. Investeringen in maatregelen die alleen uit voorlichting bestaan zullen relatief gezien vrijwel niets opleveren ten opzichte van dezelfde investeringen in bijvoorbeeld wetshandhaving, prijsbeleid of verantwoord verkopen (Babor et al., 2003). Voorlichting kan wel effect hebben op de bewustwording van alcoholgerelateerde problemen en op het draagvlak voor specifieke maatregelen en beleidsveranderingen. Alcoholvoorlichting past bij een breder alcoholbeleid maar is geen effectieve preventiemaatregel op zichzelf (Anderson & Baumberg, 2006).

Evaluatie toont gunstig effect op kennis en voorgenomen drinkgedrag

Uit een evaluatie van de zomercampagne 'Ben jij sterker dan drank?' (en later DRANK, de kater komt later) komt een gunstig effect op kennis en voorgenomen drinkgedrag van jongeren naar voren. De jongeren die tijdens hun vakantie voorlichting kregen van andere jongeren (peer-education) gaven aan minder te hebben gedronken tijdens hun vakantie dan jongeren die niet deelnamen aan de interventie. Het is echter onduidelijk of jongeren tijdens het uitgaan daadwerkelijk minder hebben gedronken (De Graaff, 2003). Ook over de gedragseffecten van de andere deelcampagnes van 'Drank maakt meer kapot dan je lief is', is weinig bekend. Er is niet onderzocht of bekendheid met de campagnes en bezoek aan de verschillende websites ook tot alcoholmatiging leidt. Zie ook: tabellen aanbod alcoholpreventie.

Gedragsverandering door integrale aanpak

Een integrale aanpak van het alcoholbeleid is het meest effectief om effect te hebben op het schadelijk drinken van de bevolking. Dat betekent dat het beleid moet bestaan uit een mix van maatregelen gericht op de hele bevolking en maatregelen gericht op meer riskant drinkgedrag, zoals rijden onder invloed (Babor, 2002; Rehn et al., 2001). Optimaal effect wordt bereikt door een combinatie van maatregelen die samen de hele drinkomgeving beïnvloeden en aandacht hebben voor voorlichting, regelgeving en handhaving (Rehn et al., 2001; Dekker et al., 2006; Holder, 1998).

Gezonde school doet gebruik iets minder snel toenemen

Het project 'De gezonde school en genotmiddelen' heeft kleine gunstige effecten op alcoholgebruik onder scholieren (Cuijpers et al., 2006). Op scholen waar de interventie plaatsvond is in drie jaar tijd het aantal drinkers minder snel toegenomen dan op scholen waar de interventie niet plaatsvond. Ook het aantal glazen dat leerlingen per week drinken en het aantal glazen dat per keer wordt gedronken nam minder snel toe en de kennis over alcohol is toegenomen. In de houding die jongeren hebben ten opzichte van alcohol en persoonlijke effectiviteit is geen verschil geconstateerd tussen de scholen. De persoonlijke effectiviteit is de mate waarin jongeren inschatten er in te slagen om in sociale situaties (zoals op feestjes) niet te drinken (Cuijpers et al., 2002).


Effecten selectieve en geïndiceerde preventie

Effecten selectieve en geïndiceerde interventies nog vrijwel onbekend

De meeste selectieve en geïndiceerde preventieve interventies zijn nog niet onderzocht op hun effectiviteit (Meijer et al., 2006). Slechts enkele geïndiceerde preventieve interventies voor volwassenen en ouderen zijn geëvalueerd op het terugdringen van de risicostatus, dat wil zeggen of mensen minder gaan drinken dan de gangbare richtlijn voor verantwoord alcoholgebruik (Gezondheidsraad, 2004h). Het bestuderen van de effecten op de incidentie van alcoholgerelateerde stoornissen volgens de DSM criteria is geen traditie in alcoholonderzoek waardoor dergelijke onderzoeken nauwelijks verwacht kunnen worden. Veel van deze interventies hebben overigens al wel hun waarde bewezen in de behandeling van mensen met alcoholgerelateerde problemen en stoornissen, zelfs met aantoonbare gunstige effecten op alcoholgerelateerde mortaliteit (Cuijpers et al., 2006). Zie voor een overzicht van de effecten: tabellen aanbod alcoholpreventie.

Enkele internet-interventies veelbelovend

Van de drie goed onderzochte geïndiceerde interventies zijn er twee effectief gebleken in het terugdringen van de risicostatus: de internetcursus ‘Minder drinken’ en de internettest ‘Drinktest’. Deze laatste is echter alleen effectief bij vrouwen, en niet bij mannen. De voorlopige resultaten van een kosteneffectiviteitsanalyse (in voorbereiding) laat zien dat de zelfhulpinterventie ‘Minderdrinken’ waarschijnlijk ook kosteneffectief is (Meijer et al., 2006).

Vroegtijdige onderkenning in eerstelijn heeft effect

Kortdurende interventies gericht op probleemdrinkers in de eerstelijn hebben effect op individueel niveau en kunnen een effect hebben op de volksgezondheid omdat ze veel worden toegepast. Intensieve interventies in de verslavingszorg hebben alleen effect op individueel niveau. Door de kleine schaal waarop ze worden uitgevoerd hebben ze geen effect op niveau van de gehele volksgezondheid (Anderson & Baumberg, 2006; Cuijpers et al., 2006).


25 september 2007
Preventie gericht op alcoholgebruik
Kosten en financiering
Wat zijn de kosten?

Totaal beschikbare budget alcoholpreventie onbekend

Het budget voor alcoholpreventie bestaat uit vele verschillende posten en het totale beschikbare budget is niet bekend. Sinds 2001 stelt het ministerie van VWS uit de begroting jaarlijks ongeveer 2,5 miljoen euro beschikbaar voor voorlichting. Het ministerie van Verkeer en Waterstaat begroot jaarlijks 410.000 euro voor het thema alcohol en verkeer. De kosten van preventie binnen de verslavingszorg, de gemeentelijke budgetten voor lokale preventieve activiteiten en de uitgaven voor de handhaving van de wet- en regelgeving door de VWA en politie maken deel uit van het totale budget. In tabel 1 zijn voor enkele preventieactiviteiten de uitgaven weergegeven.

Incidentele uitgaven voor 2007

In de begroting voor 2007 verstrekt VWS een subsidie van 200.000 euro voor activiteiten gericht op opvoeders/ouders. Een zelfde bedrag aan subsidie is verstrekt aan het Partnership Vroegsignalering Alcohol. Voor het monitoren van drankverstrekking aan jongeren, van alcoholmarketing en van drankgebruik is 100.000 euro uitgetrokken. In de preventienota is voor 2007 voor vijf speerpunten, waaronder alcohol, in totaal 4,6 miljoen euro gereserveerd.

Extra budget voor terugdringen alcoholgebruik jongeren vanaf 2005

Het kabinet heeft voor het uitvoeren van de voornemens in de beleidsbrief Alcohol en jongeren (VWS, 2005j) vanaf 2005 op de begroting 680.000 euro extra beschikbaar gesteld. Dit zal worden besteed aan evaluatie van handhaving van leeftijdsgrenzen, opvoedingsvoorlichting, ontwikkelen van een gezamenlijke boodschap 'niet drinken onder de 16 jaar' en ondersteuning gemeenten. Ook heeft het ministerie van VWS in 2006 eenmalig 2 miljoen euro beschikbaar gesteld voor alcohol-opvoedondersteuning van ouders (VWS, 2006).

Tabel 1. Overzicht van enkele uitgaven aan preventie gericht op alcoholgebruik (x miljoen euro). Peiljaar 2003. (De Bekker-Grob et al., 2006).

organisatie

activiteit

bedrag

NIGZ

project Alcoholvoorlichting en Preventie

1,4

Trimbos

project Gezonde school en genotmiddelen (onderdeel alcohol)

0,13

CAD

diverse projecten

6,64

VWA

inspectie

1,73


Bronnen

Literatuur

Algemene Rekenkamer. Handhaven en gedogen.  Den Haag: Sdu Uitgevers, 2005.
Anderson P, Baumberg B. Alcohol in Europe: a public health perspective.  London: Institute of Alcohol Studies, 2006.
Babor T. Linking Science to Policy. The role of international collaborative research.  Alcohol Res Health, 2002; 26(I).
Babor TF, Caetano R, Casswell S, Edwards G, Giesbrecht N, Graham K, et al. Alcohol: No ordinary commodity. Research and public policy.  Oxford: University Press, 2003.
Bekker-Grob EW de, Polder JJ, Witte K, Mackenbach JP, Meerding WJ. Kosten van preventie in Nederland 2003: Zorg voor euro's - 4. RIVM-rapport nr. 270751011.  Bilthoven/Rotterdam: RIVM/Erasmus MC, 2006.
Bieleman B, Kruize A, Nienhuis A. Monitor alcoholverstrekking jongeren 2005.  Groningen: Intraval, 2006.
Buuren J van, Scholten C. Inventarisatie van effecten NIGZ-activiteiten op het werk van AVP-steunpunten.  Leiden: Research voor Beleid, 2000.
Chisholm D, Rehm J, Ommeren M van, Monteiro M. Reducing the global burden of hazardous alcohol use: a comparative cost-effectiveness analysis.  Journal of Studies Alcohol, 2004; 65: 782-793.
Cnossen S. Alcohol taxation and regulation in the European Union.  Den Haag: CPB Discussion Paper, 2006; 76.
Crombie IK, Irvine L, Elliott L, Wallace H. How do public health policies tackle alcohol-related harm: a review of 12 developed countries.  Alcohol and Alcoholism, 2007; 42(5): 492-99.
Cuijpers P, Scholten M, Conijn B. Verslavingspreventie; een overzichtsstudie.  Den Haag: ZonMw, 2006.
Cuijpers P, Jonkers R, Weerdt I de, Jong A de. The effects of drug abuse prevention at school: the 'Healthy School and Drugs' project.  Addiction 2002; 97(1): 67-73.
Dekker E, Dalen WE van, Kuunders MMAP, Mulder J. Beleid onder invloed. Alcoholpreventiebeleid in Nederland.  Utrecht: STAP, 2006.
Dijck D van, Knibbe RA. De prevalentie van probleemdrinken in Nederland. Een bevolkingsonderzoek.  Maastricht: Universiteit Maastricht, 2005.
EC, European Commission. Mededeling van de Commissie aan de Raad, het Europees Parlement, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de regio's. Een EU-strategie ter ondersteuning van de lidstaten bij het beperken van aan alcohol gerelateerde schade.  Brussel: EC, 2006a; 625.
EC, European Commission. Charter establishing the European Alcohol and Health Forum.  EC, 2007b.
EP, Europees Parlement. Resolutie van het Europees Parlement van 5 september 2007 over een EU-strategie ter ondersteuning van de lidstaten bij het beperken van aan alcohol gerelateerde schade.  Straatsburg: EP, 2007.
ETSC, European Transport Safety Council. Enforcement Monitor. ETSC's Newsletter on Traffic Law Enforcement in the EU.  Brussels: ETSC 2006; (05).
Gezondheidsraad. Risico’s van alcoholgebruik bij conceptie, zwangerschap en borstvoeding.  Den Haag: Gezondheidsraad, 2004h; 22.
GGD Gelre-IJssel & De Grift. Alcoholmatiging jeugd in de Achterhoek. Notitie.  Apeldoorn: GGD, 2006.
GGD Gooi & Vechtstreek. Startconferentie. Onder het genot van.?! Samen aan de slag tegen riskant alcoholgebruik jongeren in de regio Gooi en Vechtstreek. Programma.  Hilversum: GGD, 2006.
Gosselt JF. Drank kopen kent geen leeftijd. Alcoholverkoop aan jongeren onder de wettelijk toegestane leeftijdsgrens: een onderzoeksprotocol en een studie naar de naleving.  Enschede/Utrecht: Universiteit Twente/STAP, 2006.
Graaff D de. Zomercampagne 2002: een evaluatie van de 'peer'-benadering.  Haarlem: ResCon, 2003.
Gruenewald PJ, Ponicki WR, Holder HD, Romelsjö A. Alcohol prices, beverage quality, and the demand for alcohol: quality substitutions and price elasticities.  Alcohol Clin Expr Res, 2006; 30(1): 96-105.
Holder H. Alcohol and the community. A systems approach to prevention.  Cambridge: Cambridge University Press, 1998.
IUHPE, International Union for Health Promotion and Education. The evidence of health promotion effectiveness: shaping public health in a new Europe.  Brussel: IUHPE, 1999.
Jansen J, Schuit AJ, Lucht F van der. Tijd voor gezond gedrag. Bevordering van gezond gedrag bij specifieke groepen. Themarapport van de Volksgezondheid Toekomst Verkenning 2002. RIVM-rapport nr. 270555004.  Houten: Bohn Stafleu Van Loghum, 2002.
Jonkers R, Weert I de, Nierkens V, Jongkind S. De gezonde school en genotmiddelen. Eindevaluatie.  Haarlem: ResCon, 1999.
Karlsson T, Österberg E. A scale of formal alcohol control policy in 15 European Countries.  Nordic Studies on Alc and Drugs (Eng. Suppl) 2001; 18: 117-131.
Laat WJ de. Als het maar gezond is..: Een onderzoek naar de rol van de verloskundige in alcoholvoorlichting aan zwangere vrouwen  Enschede: Universiteit Twente, 2007; in publicatie.
LSP, Landelijke Steunfunctie Preventie. LSP-databank. http: //www.lsp-preventie.nl (geraadpleegd 20 februari 2005).  Utrecht: LSP, 2005.
Meijer SA, Smit F, Schoemaker C, Cuijpers P. Gezond verstand: evidence-based preventie van psychische stoornissen. RIVM-Rapport nr. 270672001; VTV Themarapport.  Bilthoven/Utrecht: RIVM/Trimbos-instituut, 2006.
Mulder J. Lokaal alcoholbeleid. Onderzoek naar het alcoholbeleid in de 100 grootste Nederlandse gemeenten.  Utrecht: STAP, 2004b.
NIGZ, Nationaal Instituut voor Gezondheidsbevordering en Ziektepreventie. Jaarbericht 2006. Alcohol infiolijn & alcoholwebsites.  Woerden: NIGZ, 2007b.
Österberg E, Karlsson T (red.). Alcohol policies in EU member states and Norway. A collection of country reports.  Helsinki: Stakes, 2002.
Regio Data. Inventarisatie Jongeren en alcohol.  Rotterdam/Groningen: Regio Data, 2001.
Rehn N, Room R, Edwards G (red.). Alcohol in the European Region – consumption, harm and policies.  Copenhagen: WHO Regional Office for Europe, 2001.
Rijksvoorlichtingsdienst. Campagne 'Wat doet drank met u?' Tracking eindrapportage.  Den Haag: DTC Rijksvoorlichtingsdienst, 2000a.
Riper H, Smit F, Zanden R van der, Conijn B, Kramer J, Mutsaers K. E-Mental Health. High Tech, High Touch, High Trust.  Utrecht: Trimbos-instituut, 2007.
Schram D, Maas IAM, Poos MJJC, Jansen J. De bijdrage van leefstijlfactoren aan de sterfte in Nederland.  Tijdschrift voor Gezondheidswetenschappen 2001; 79: 211-216.
Smallenbroek AJH, Elshof EJ ten. Beoordeling van Drank- en Horecawet. Naar een wet op de openbare inrichtingen?  Den Haag: SGBO, 1994.
SRE, Samenwerkingsverband Regio Eindhoven. Zuidoost-Brabant laat zich niet flessen! 21 gemeenten gaan vanaf vandaag de strijd aan tegen het overmatig alcoholgebruik onder jongeren. Persbericht.  Eindhoven: SRE, 2006.
STAP, Stichting Alcohol Preventie. Factsheet; Nederlands alcoholbeleid.  Utrecht: STAP, 2005a.
SWOV, Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid. www.swov.nl.  Leidschendam: SWOV, 2005b.
Trimbos-instituut. www.trimbos.nl (geraadpleegd 16 februari 2004).  Utrecht: Trimbos-instituut, 2004.
Trimbos-instituut. Nationale drugmonitor. Jaarbericht 2006.  Utrecht: Trimbos-instituut, 2006c.
VWS, Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Evaluatie van de Drank en Horecawet 2000.  Den Haag: VWS, 2004q.
VWS, Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Beleidsbrief Alcohol en jongeren.  Den Haag: VWS, 2005j.
VWS, Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. 2 miljoen voor alcohol-opvoedondersteuning van ouders. Persbericht, 30 mei.  Den Haag: VWS, 2006.
VWS, Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Kiezen voor gezond leven.  Den Haag: VWS, 2006l.
Wilk EA van der, Melse JM, Broeder JM den, Achterberg PW (red.). Leren van de buren. Beleid publieke gezondheid internationaal bezien: roken, alcohol, overgewicht, depressie, gezondheidsachterstanden, jeugd, screening. RIVM-rapport nr. 270051010.  Houten: Bohn Stafleu Van Loghum, 2007.

Gegevensbronnen

POLS, gezondheid en welzijn. Permanent Onderzoek Leefsituatie, gezondheid en welzijn (CBS)
VWS, 2006. VWS dossier alcohol.

Begrippen

Afkortingen

AVP   Alcohol Voorlichting en Preventie
CAD   Consultatiebureau voor alcohol en drugs
CBL   Centraal Bureau Levensmiddelenhandel
CBR   Centraal Bureau Rijvaardigheid
DALY   Disability-Adjusted Life-Year
DSM   Diagnostic and statistical manual of mental disorders
EMA   Educatieve Maatregel Alcohol en Verkeer
EU   Europese unie
GGD   Gemeentelijke/gewestelijke gezondheidsdienst
NIGZ   Nationaal Instituut voor Gezondheidsbevordering en Ziektepreventie
Trimbos   Trimbos-instituut, Netherlands Institute of Mental Health and Addiction
VWA   Voedsel en waren autoriteit
VWS   Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Definities

Matig alcoholgebruik   1 tot 3 glazen alcohol per dag voor mannen en 1 tot 2 glazen voor vrouwen.
Overmatig alcoholgebruik   3 of meer glazen alcohol per dag voor mannen en 2 of meer glazen per dag voor vrouwen.
Schadelijk alcoholgebruik   Drinken met schade tot gevolg of met een verhoogd risico op schade tot gevolg.
Stepped care   Volgens het uitgangspunt van stepped care (getrapte zorg) wordt een patiënt in eerste instantie de meest effectieve, minst belastende, goedkoopste en kortste vorm van behandeling aangeboden die mogelijk is gezien de aard en de ernst van de problematiek. Pas als deze minimale interventie onvoldoende effect heeft wordt naar een intensievere interventie overgegaan.
Verantwoord alcoholgebruik   (voor volwassen drinkers)
Niet meer dan twee glazen per dag voor een vrouw en drie voor een man, zeker twee dagen per week geen alcohol, in bepaalde situaties helemaal geen alcohol zoals in het verkeer, voor of na het sporten en tijdens studie of werk, niet drinken tijdens zwangerschap en bij het gebruik van bepaalde medicijnen (Lemmers, 2000).