Nationaal Kompas Volksgezondheid (www.nationaalkompas.nl)

Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu Nationaal Kompas Volksgezondheid
Bevorderen van borstvoeding
Bevorderen van borstvoeding samengevat

Borstvoeding heeft positieve gezondheidseffecten voor moeder en kind

Borstvoeding heeft positieve effecten op de gezondheid van zowel het kind als de moeder. Zo heeft het krijgen van borstvoeding een gunstig effect op maagdarminfecties, diarree en acute middenoorontstekingen en geeft het op lange termijn minder kans op overgewicht en een hoge bloeddruk. Het geruime tijd geven van borstvoeding verkleint bij de moeder de kans op het krijgen van reumatoïde artritis en borst- en eierstokkanker. Om optimaal te kunnen profiteren van de positieve gezondheidseffecten adviseert de WHO om kinderen tot de leeftijd van zes maanden uitsluitend borstvoeding te geven.

Beleid is er op gericht dat meer vrouwen langer borstvoeding geven

Het beleid van de Nederlandse overheid is er op gericht te stimuleren dat meer vrouwen beginnen met borstvoeding en dat ze langer doorgaan met het geven van borstvoeding. In Nederland hebben moeders over het algemeen een positieve houding ten opzichte van borstvoeding. Ruim 80 procent van de moeders begint met borstvoeding, maar een groot deel hiervan stopt alweer snel. Na drie maanden geeft nog ongeveer 30% van de moeders borstvoeding. Slechts een op de vijf kinderen krijgt de door de WHO aanbevolen zes maanden borstvoeding.

Masterplan voor het stimuleren van borstvoeding

Het Voedingscentrum voert in opdracht van het ministerie van VWS campagne om het geven van borstvoeding te stimuleren. Zij heeft hiertoe het masterplan ‘Borstvoeding 2008-2011’ ontwikkeld en voert onderdelen hiervan samen met andere organisaties uit. In dit kader is het platform ‘Borstvoeding’ ingesteld. Aan dit platform nemen zowel borstvoedingorganisaties als beroepsverenigingen van zorgverleners die direct of indirect met borstvoeding te maken hebben deel. Het platform is vooral gericht op afstemming en samenwerking in het stimuleren van borstvoeding.

Vele spelers actief op terrein van beschermen, bevorderen en ondersteunen borstvoeding

In Nederland zijn veel partijen betrokken bij het beleid en de uitvoering van het stimuleren van het geven van borstvoeding. De Samenwerkende Borstvoeding Organisaties (SBO) is een overleg van vijf organisaties die actief zijn op het gebied van het beschermen, bevorderen en ondersteunen van borstvoeding. De afzonderlijke organisaties hebben ieder een specifieke taak en samen bestrijken zij een belangrijk deel van het werkveld. De Stichting Zorg voor Borstvoeding geeft uitvoering aan de Nederlandse bewerking van het Baby Friendly Hospital Initiative, een wereldwijde campagne van de WHO en UNICEF. In het kader van deze campagne krijgen instellingen die aan bepaalde criteria voldoen een 'UNICEF Certificaat Zorg voor Borstvoeding'. Op regionaal niveau zijn onder andere verloskundigen, kraamzorgorganisaties, consultatiebureaus en lactatiekundigen actief, al dan niet in een specifiek samenwerkingsverband.

Internationale initiatieven ter bevordering van borstvoeding

De WHO heeft een gedragscode opgesteld die beoogt het geven van borstvoeding te beschermen en een juist gebruik van vervangingsmiddelen voor moedermelk te bewerkstelligen. Samen met UNICEF heeft de WHO een verklaring uitgebracht waarin wordt benadrukt dat het geven van borstvoeding vanzelfsprekend zou moeten zijn. Met de Warenwetregeling Zuigelingenvoeding heeft Nederland een deel van de gedragscode van de WHO uitgewerkt. Daarnaast is in de Arbeidstijdenwet vastgelegd dat moeders gedurende de eerste negen maanden na de bevalling het werk mogen onderbreken om borstvoeding te geven of melk af te kolven.