| Nationaal Kompas Volksgezondheid (www.nationaalkompas.nl) |
![]() |
|
![]() |
|
|
Vijf procent van de jongeren brengt zichzelf letsel toe Uit onderzoek onder jongeren in de leeftijdsgroep van 14-17 jaar is gebleken dat 5% zichzelf verwondt (CASE). Met uitzondering van dit ene onderzoek zijn uitsluitend cijfers beschikbaar van medisch behandelde zelftoegebrachte letsels. Jaarlijks ruim 7.000 slachtoffers na suïcidepogingen bij huisarts In de periode 2003-2007 hebben huisartsen jaarlijks gemiddeld 7.100 (4 per 10.000 mensen) patiënten behandeld met letsel dat ontstaan is door een suïcidepoging. In 2007 waren dit er 8.200 (5 per 10.000 mensen). Deze aantallen zijn schattingen op basis van gegevens van de CMR-Peilstations Nederland (jaarverslag 2007). De registratie van suïcidepogingen moet met enige voorzichtigheid geïnterpreteerd worden, omdat een suïcidepoging niet altijd gemeld wordt tijdens behandeling. Het gevolg is dat het aantal letsels als gevolg van suïcidepogingen is onderschat. Zelftoegebracht letsel leidt vaak tot de dood In de periode 2003-2007 overleden per jaar gemiddeld 1.000 mannen en 470 vrouwen als gevolg van zelftoegebracht letsel (suïcide). In dezelfde periode kwamen per jaar gemiddeld 15.000 slachtoffers (0,61 per 1.000 mannen en 1,2 per 1.000 vrouwen) met zelftoegebracht letsel op de SEH-afdeling van een ziekenhuis voor behandeling (zie figuur 1). Een opvallend hoog percentage hiervan (9.000, 60%) werd na behandeling op de SEH-afdeling opgenomen in het ziekenhuis. Het totale aantal mensen met zelftoegebracht letsel dat per jaar opgenomen werd in het ziekenhuis, met of zonder tussenkomst van de SEH-afdeling, was gemiddeld 9.900 (0,40 per 1000 mannen en 0,80 per 1.000 vrouwen) (zie figuur 2).Zowel op SEH-afdelingen als tijdens ziekenhuisopnamen vonden in de periode 2003-2007 de meeste behandelingen van zelftoegebracht letsel plaats bij 15- tot en met 54-jarigen. Twee derde (67%) van de op de SEH-afdelingen behandelde en in het ziekenhuis opgenomen patiënten bestond uit vrouwen, respectievelijk 9.900 en 6.600 patiënten. Daarentegen bestond ruim twee derde deel van alle dodelijke slachtoffers (68%, 1.000) uit mannen. Zie figuur 3 voor de verdeling naar leeftijd en geslacht (per 100.000 inwoners). Hoewel het aantal zelftoegebrachte letsels onder vrouwen groter is dan onder mannen, sterven er dus meer mannen aan. Meeste dodelijke slachtoffers door ophanging In tabel 1 staan ongevalmechanismen vermeld waar patiënten voor behandeld worden op SEH-afdelingen en tijdens ziekenhuisopnamen, of waar ze aan overlijden. Hieruit blijkt dat verstikking door ophanging de belangrijkste oorzaak van overlijden is na zelftoegebracht letsel, vooral bij mannen. Vrouwen suïcideren zich ook vaak door het innemen van bijvoorbeeld medicijnen of drugs; mannen doen dit minder vaak. Vergiftigingen maken het grootste deel uit van de op de SEH-afdeling en in het ziekenhuis behandelde zelftoegebrachte letsels. Verstikking leidt nauwelijks tot ziekenhuisopname. De reden hiervoor is waarschijnlijk dat verstikking vaak leidt tot de dood, waardoor behandeling niet meer mogelijk is. Tabel 1: Meest voorkomende ongevalmechanismen die medisch behandeld worden of tot de dood leiden; gemiddeld per jaar in de periode 2003-2007 (Bron: LIS)
| Werkelijke aantallen suïcide mogelijk hoger Er is mogelijk sprake van onderrapportage voor de niet-natuurlijke doodsoorzaken (Lichtveld et al., 2007). Dit betekent ondermeer dat er slachtoffers zijn van suïcide die de statistieken ingaan als zijnde gestorven door een natuurlijke doodsoorzaak. Mogelijk zijn ook de cijfers van suïcidaal gedrag een onderschatting van de werkelijke situatie (Das & Van der Wal, 2003). Figuur 1: Gemiddelde jaarincidentie van SEH-behandelingen voor zelftoegebracht letsel naar leeftijd en geslacht per 100.000 inwoners, 2003-2007 (Bron: LIS). ![]() Figuur 2: Gemiddelde jaarincidentie van ziekenhuisopnamen voor zelftoegebracht letsel naar leeftijd en geslacht per 100.000 inwoners, 2003-2007 (Bron: LMR). ![]() Figuur 3: Gemiddelde sterfte per jaar door zelftoegebracht letsel naar leeftijd en geslacht per 100.000 inwoners, periode 2003-2007 (Bron: CBS Doodsoorzakenstatistiek). ![]() Zie voor absolute aantallen de tabellen: | ||||||||||||||||||||||||||||