Aantal wachtenden op klinische ziekenhuisopname
Verwachte wachttijden ziekenhuizen
Overschrijdingen Treeknorm
Wachten op eigen verzoek vs Problematisch wachten
Aantal wachtenden op klinische ziekenhuisopname | ![]() |
Daling aantal wachtenden op klinische ziekenhuisopname met 17% gedaald tussen 2002 en 2004 Rond de eeuwwisseling had Nederland - net als een aantal andere landen - relatief lange wachtlijsten voor planbare chirurgie (Siciliani & Hurst, 2003). In 2004 bedroeg het totale aantal wachtenden op ziekenhuisopname 53.300. Dit is een daling met 10.800 personen ten opzichte van 2002 (17%). De daling vond vooral in 2004 plaats. Het aantal wachtenden op dagopname daalde met 5%. De specialismen met het grootste aantal wachtenden waren eind 2004 voor klinische opname: chirurgie (9.800), orthopedie (15.700), plastische chirurgie (7.900) en keel-, neus- en oorheelkunde (5.200). Voor dagopname betrof het chirurgie (10.800), orthopedie (11.200), keel-, neus- en oorheelkunde (6.000) en kaakchirurgie (18.100). | Tabel 1: Aantal wachtenden voor opname in algemene ziekenhuizena (Bron: Prismant en NVZ, 2004).
a Uit het 4e kwartaal van het desbetreffende jaar. | |||||||||||||
Verwachte wachttijden ziekenhuizen | ![]() |
Verwachte wachttijden in ziekenhuizen nauwelijks veranderd De verwachte wachttijd voor het eerste polikliniekbezoek en voor klinische opname verschilde voor de meeste specialismen in 2004 weinig van 2003. Voor dagopname nam de verwachte wachttijd iets af. De gemiddelde verwachte wachttijd was verreweg het langst voor plastische chirurgie (14 weken voor het eerste polikliniekbezoek, 17 weken voor dagopname en 26 weken voor klinische opname) (Prismant en NVZ, 2004). | ||
Overschrijdingen Treeknorm | ![]() |
Overschrijdingen Treeknorm in ziekenhuizen onveranderd Tussen specialismen bestaan grote verschillen in het percentage patiënten dat op een bepaalde peildatum daadwerkelijk langer wacht dan de Treeknorm. Deze streefnorm geldt alleen voor niet-spoedeisende hulp en zijn in 2000 in het zogeheten Treekoverleg door ziekenhuizen, huisartsen en medisch specialisten vastgesteld. Specialismen waarbij voor klinische opname minder dan 5% van de patiënten langer dan de norm had moeten wachten waren in 2004: interne geneeskunde, gastro-enterologie, cardiologie, reumatologie en kindergeneeskunde. Daartegenover staan specialismen waarbij meer dan 50% van de patiënten langer dan de norm moest wachten: orthopedie, plastische chirurgie, keel-, neus- en oorheelkunde en oogheelkunde. De Treeknorm wordt vaker overschreden voor klinische opname dan voor dagopname. Er was weinig verschil tussen 2003 en 2004 in het percentage overschrijdingen. | ||
Wachten op eigen verzoek vs Problematisch wachten | ![]() |
Twintig procent van de wachtlijst planbare klinische ziekenhuiszorg problematisch Prismant onderzocht eind 2002 de zeven specialismen die verantwoordelijk waren voor de langste wachtlijsten. Onderscheid wordt gemaakt tussen wachtenden op eigen verzoek en problematisch wachtenden. Problematisch wachtenden betreft de groep patiënten die langer dan de Treeknorm wacht op hun opname c.q. behandeling en deze absoluut niet willen uitstellen. De problematische wachtlijst voor klinische opname en dagopname is onder te verdelen in twee groepen: een groep patiënten die zonder bepaalde reden nog wacht op een opname (direct planbaar) en een groep die om een aantal verschillende redenen niet direct opgenomen kan worden (niet direct planbaar). Van de onderzochte groep patiënten op de zogenaamde problematische wachtlijst, blijkt 37% om verschillende reden niet direct planbaar te zijn. De groep die langer dan de Treeknorm op de wachtlijst stond én voor wie bovendien geen verklaarbare reden was waarom nog geen (verdere) behandeling plaats kon vinden, is in dit onderzoek vastgesteld. Dit betrof op de peildatum 20% van alle wachtenden voor de zeven specialismen. Het betreft voor een groot deel planbare zorg zoals heup-, knie- en staaroperaties (Singeling, 2004). | ||





