U bevindt zich op: Home › Onderwerpen › Ziekten & Aandoeningen › W › Waterpokken › Zwangerschap Waterpokken
Informatie over waterpokken bij zwangeren
Waterpokken en gordelroos worden door hetzelfde virus (varicellazostervirus) veroorzaakt. Waterpokken is een zeer besmettelijke kinderziekte, te herkennen aan met vocht gevulde, jeukende blaasjes op de huid. Het virus wordt verspreid door vochtdruppeltjes in de lucht of door direct contact met de blaasjes. Ook gordelroos is besmettelijk: door contact met het vocht uit de blaasjes kan iemand die nog geen waterpokken heeft gehad waterpokken krijgen. De meeste volwassenen hebben ooit waterpokken gehad en zijn daarom beschermd tegen het virus. Ook het ongeboren of pasgeboren kind is dan beschermd.
Verwekker: varicellazostervirus.
Transmissieroute: druppelinfectie, direct contact met inhoud van de
blaasjes of transplacentair.
Incubatietijd: 10-21 dagen (meestal 13-18 dagen).
Symptomen: koorts en jeukende huiduitslag beginnend op hoofd of
romp; kleine bultjes die zich ontwikkelen tot blaasjes.
Besmettelijke periode: 2 dagen vóór tot max. 7 dagen na verschijnen
van blaasjes of tot deze ingedroogd zijn.
Zwangeren met een primo-infectie met VZV hebben meer kans op een ernstige longonsteking (varicellapneumonie).
Waterpokken kan in de zwangerschap leiden tot een asymptomatische intra-uteriene infectie (8-12%). Bij ongeveer 2% van de zwangeren (met bewezen waterpokken) tussen de 13 en 20 weken zwangerschap leidt het virus tot het congenitaal varicellasyndroom. De kenmerken hiervan zijn: huiddefecten, oogafwijkingen en hypoplastische ledematen, al dan niet in combinatie met defecten in het zenuwstelsel. Vóór de 13de zwangerschapsweek is de kans kleiner dan 0,4% en na 20 weken zwangerschap is geen congenitaal varicellasyndroom beschreven.
Wanneer de moeder 5 dagen vóór tot 2 dagen ná de partus waterpokken heeft bestaat de kans op neonatale infectie door placentaire overdracht van het virus. Deze vroege infectie kan leiden tot ernstige pneumonie, menigo-encefalitis, gastro-enteritis en hepatitis. Bij besmetting met VZV via derden (dus niet via de placenta) is het ziekteverloop minder ernstig omdat dan de normale besmettingscyclus wordt doorlopen. Prematuren van < 28 weken of < 1000 gram hebben wellicht ook een verhoogd risico bij een postnataal verworven infectie.
Wie ooit waterpokken heeft gehad is beschermd tegen
het virus. Wanneer men hier niet zeker van is, dan kan
dit door de huis- of bedrijfsarts gecontroleerd worden. Vrouwen die
niet beschermd zijn tegen het virus en vanwege hun werk een
verhoogd risico op blootstelling lopen kunnen overwegen om
voorafgaand aan de zwangerschap zich te laten vaccineren. Vermijd
contact met kinderen en volwassenen die mogelijk waterpokken of
gordelroos hebben. Ga naar de verloskundige, huisarts of
gynaecoloog als er toch contact is geweest met iemand met
waterpokken of gordelroos.