U bevindt zich op: Home › Normen › Rampen en incidenten
Verschillende toetsingswaarden worden gebruikt om de gezondheidsrisico’s te schatten tijdens rampen en incidenten met stoffen. Het gaat om waarden voor een éénmalige, kortdurende blootstelling aan stoffen via de lucht. Daarmee zijn de risico’s op gezondheidsklachten en sterfte, en de noodzaak van specifieke interventies in te schatten.
In Nederland zijn de zogenaamde interventiewaarden gevaarlijke stoffen afgeleid. Per stof zijn drie interventiewaarden afgeleid:
De interventiewaarden zijn afgeleid voor blootstelling aan de
stof gedurende één uur.
Vind de
Interventiewaarden gevaarlijke stoffen 2007 (PDF).
In de Verenigde Staten zijn soortgelijke interventiewaarden
afgeleid, de AEGL
en de ERPG.
Naast interventiewaarden gevaarlijke stoffen zijn ook
probitrelaties afgeleid voor een aantal stoffen. Een probitrelatie
geeft het verband weer tussen de dosis (als
functie van de concentratie van de stof en de blootstellingstijd)
en de respons (de fractie van de blootgestelde
populatie die een bepaald effect vertoont, in dit geval sterfte).
Zo kan met een probitrelatie voor een stof voor iedere willekeurige
concentratie en blootstellingstijd het te verwachten percentage
sterfte worden berekend.
Vind meer informatie over Probitrelaties.