RIVM_Logo

A reanalysis of the BOP dataset : Source apportionment and mineral dust

Een heranalyse van de BOP dataset

Publiekssamenvatting

Om het effect van beleidsmaatregelen te kunnen inschatten is kennis van het gedrag van fijn stof essentieel. Dit rapport beschrijft een wetenschappelijk deelonderzoek van metingen en berekeningen van fijn stof. RIVM, ECN en TNO hebben op zes locaties uitgebreide metingen uitgevoerd van de concentraties fijn stof (PM) in de lucht. De metingen zijn uitgevoerd voor het eerste Beleidsgericht Onderzoeksprogramma PM (BOP), dat erop gericht is om kennis te verwerven over samenstelling en verspreiding van fijn stof. Bij de metingen is onderscheid gemaakt tussen de totale hoeveelheid fijn stof (PM10) en de fijnere fractie ervan (PM2,5). De dataset bevat informatie over de chemische componenten waaruit fijn stof is opgebouwd. Deze samenstelling geeft belangrijke informatie over de bronnen van fijn stof, zoals industrie en verkeer. Enkele vragen over de herkomst van fijn stof bleven na het eerste onderzoek onbeantwoord. Omdat dit invloed heeft op het inzicht in de effectiviteit van maatregelen, heeft het RIVM twee van deze vragen in het kader van het tweede BOP-programma nader onderzocht via een beperkte heranalyse van de data.

Verklaring voor inconsistente samenstelling PM10 en PM2,5 per bron
Via een geavanceerde bronanalyse techniek (Positive Matrix Factorisation) zijn de PM10 en PM2.5 datasets in BOP apart geanalyseerd. De resultaten waren voor de belangrijkste componenten goed vergelijkbaar. Voor één component, elementair koolstof (roet), was het resultaat inconsistent. Die inconsistentie zou kunnen komen doordat de analyse op de beide datasets afzonderlijk is uitgevoerd. Om dit te controleren is de analyse herhaald op de gecombineerde dataset. De inconsistentie was daarmee niet verdwenen. Dit betekent dat de herkomst van roet nog steeds niet geheel bekend is. Verdere analyses van de bestaande data set zullen vermoedelijk deze vraag niet beantwoorden. Het feit dat het resultaat niet veranderd door de PMF analyse anders uit te voeren betekent dat een dergelijke bronanalyse, die ook door de EU wordt gepropageerd, robuuster is dan verwacht.

Verschillen tussen Nederland en Vlaanderen in bijdrage bodemstof
De tweede vraag betrof het aandeel dat opwaaiend bodemstof levert aan de concentratie van PM10 in de lucht. Volgens eerdere berekeningen zou bodemstof in Nederland de helft minder bijdragen aan de fijnstofconcentratie dan in Vlaanderen. Dit verschil blijkt grotendeels verklaard te kunnen worden door de gebruikte definitie van bodemstof. In Vlaanderen bevat de definitie van bodemstof meer componenten. Met dezelfde definitie blijken de resultaten goed vergelijkbaar. De resultaten zijn daarom voldoende betrouwbaar voor schattingen van bronbijdrage en het mogelijke effect van maatregelen.
 

Gerelateerde onderwerpen

Home / Documenten en publicaties / A reanalysis of the BOP dataset : Source apportionment and mineral dust

RIVM De zorg voor morgen begint vandaag
Menu