RIVM logo, Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Landelijk Meetnet effecten Mestbeleid; resultaten van monitoring op de natte gronden in de Zandregio in de periode 2004-2009 : Landbouwpraktijk en waterkwaliteit (hoofdrapport)

Minerals Policy Monitoring Program; results for the drained soils in the Sand region : Agricultural practice and water quality (main report)

Publiekssamenvatting

Dit is het hoofdrapport. Het bijlagenrapport heeft rapportnummer: 2015-0062

Het Landelijk Meetnet effecten Mestbeleid (LMM) volgt sinds 1992 de landbouwpraktijk en waterkwaliteit op landbouwbedrijven. Doel is het in kaart brengen van de effecten van het mestbeleid. Dit gebeurt in verschillende regio's in Nederland, zo ook in de Zandregio.

Binnen het reguliere programma in de Zandregio, wordt de waterkwaliteit in de bovenste meter van het grondwater gemeten door bemonstering in de zomer. In de natte (gedraineerde) delen van de Zandregio spoelt een deel van het neerslagoverschot af naar het oppervlaktewater. Om de invloed van de landbouw op de kwaliteit van het klein oppervlaktewater (slootwater) in beeld te brengen, is een apart winterprogramma in het leven geroepen. Hierin worden, naast het ondiepe grondwater, ook het drain- en slootwater bemonsterd.

Het gebruik van stikstof is belangrijk voor de landbouw. Als stikstof echter in het milieu terecht komt, dan kan dit leiden tot milieueffecten. Het beleid is erop gericht dat te beperken. Het stikstofbodemoverschot is het deel van stikstof in mest dat landbouwgewassen niet gebruiken om te groeien en dat in het milieu terecht kan komen. Dit overschot is op melkveebedrijven het grootst (circa 200 kg/ha) en op akkerbouwbedrijven het kleinst (circa 130 kg/ha). In de periode 2004-2008 neemt het stikstofoverschot op melkveebedrijven af van circa 240 tot 180 kg/ha. Bij de akkerbouwbedrijven is geen duidelijke trend zichtbaar.

In de natte delen van de Zandregio is nitraat, net als in andere regio's, een belangrijke parameter voor de waterkwaliteit. In de beschouwde periode lag de nitraatconcentratie in het bovenste grondwater, gemiddeld voor alle bedrijfstypen, boven de Europese norm van 50 milligram per liter. De gemiddelde concentraties zijn het hoogst in grondwater (77 milligram per liter), gevolgd door drainwater (63 milligram per liter) en slootwater (45 milligram per liter).

Voorliggend rapport geeft een overzicht van de monitoringsresultaten op de natte gronden van de Zandregio. Het RIVM en LEI Wageningen UR hebben deze resultaten gebruikt in de voorbereiding op en bij de uitvoering van een evaluatie van dit programma, die voorzien is in 2015.

Binnen het LMM heeft het RIVM de taak de waterkwaliteit op landbouwbedrijven in kaart te brengen. De landbouwpraktijk wordt gemonitord door LEI Wageningen UR.
 

Gerelateerde onderwerpen

Home / Documenten en publicaties / Landelijk Meetnet effecten Mestbeleid; resultaten van monitoring op de natte gronden in de Zandregio in de periode 2004-2009 : Landbouwpraktijk en waterkwaliteit (hoofdrapport)

RIVM De zorg voor morgen begint vandaag
Menu