Bevolkingsonderzoek borstkanker en straling

Voor het borstonderzoek maken we röntgenfoto’s van uw borsten. Hierbij wordt u blootgesteld aan ioniserende straling. De hoeveelheid straling wordt uitgedrukt in milliSievert (mSv).

Per borst nemen we twee röntgenfoto’s. Van de vier röntgenfoto’s bij elkaar krijgt u een hoeveelheid straling van ongeveer 0,6 mSv. Straling kan kanker veroorzaken, maar dat risico is bij deze hoeveelheid heel erg klein.

In het dagelijks leven loopt u ook straling op. In Nederland is dat gemiddeld 2,6 mSv per jaar. Deze straling komt van natuurlijke gassen in huis (radon/thoron), voedsel, de bodem en bouwmaterialen, de kosmos en medisch onderzoek om een diagnose te stellen, zoals een röntgenfoto bij de tandarts of in het ziekenhuis.

Borstweefsel van jongere vrouwen is gevoeliger voor stralingsschade. Dit is een van de redenen om het bevolkingsonderzoek borstkanker in Nederland aan te bieden aan vrouwen vanaf 50 jaar. Op advies van de Gezondheidsraad kunnen vrouwen vanaf 50 jaar om de twee jaar deelnemen.

Om afwijkingen op de röntgenfoto’s op te kunnen sporen moeten de foto’s een goede beeldkwaliteit hebben. Daarvoor worden de borsten met een bepaalde kracht tussen twee platen samengedrukt. Het samendrukken kunnen vrouwen als gevoelig en ook pijnlijk ervaren. Als er minder kracht wordt gebruikt, moet voor een goede foto meer straling gebruikt worden. Er wordt veel onderzoek gedaan naar de balans tussen het gebruik van zo min mogelijk straling bij zo min mogelijk kracht.

Ieder jaar doen ongeveer 1 miljoen vrouwen mee aan het bevolkingsonderzoek borstkanker. De straling van het borstonderzoek voor vrouwen van 50 tot en met 75 jaar veroorzaakt volgens berekeningen één sterfgeval per jaar. Hier staat tegenover dat het bevolkingsonderzoek borstkanker per jaar 850 sterfgevallen voorkomt.


bevolkingsonderzoek borstkanker en straling

RIVM De zorg voor morgen begint vandaag
Menu