Voor het project Boeren en Buren is een geurapp ontwikkeld. Met deze app kunnen deelnemers aan het project meldingen doen van geur(overlast).

Door wie is de geurapp ontwikkeld?

De app is door het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu  ontwikkeld, in eerste instantie voor gebruik voor onderzoek in het project Boeren en Buren, dat loopt tot en met 2021 (de metingen t/m eind 2020, de uitwerking in 2021).

Hoe werkt de geurapp

De app gaat uit van het “ik heb nu last” principe. Dat wil zeggen dat iemand een melding kan doen op het moment dat hij of zij een geur ervaart. De melding gaat gepaard met de vraag hoe (on)aangenaam iemand de geur ervaart.

Het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu  gebruikt de meldingen die gedaan worden met deze app voor onderzoek in het project Boeren en Buren in Venray. Het RIVM onderzoekt in hoeverre momenten en mate van geur in verband gebracht kunnen worden met bronnen. Dat gebeurt door de metingen te combineren met weergegevens zoals de windrichting. Ook wordt onderzocht of er een verband is tussen de meldingen en de metingen van luchtkwaliteit die in het project worden gedaan.

Bevat de geurapp nog meer features dan meldingen van geur?

De app bevat ook al extra vragen meer gericht op hinderbeleving, maar dat is in dit project niet het hoofddoel. Deze vragen gaan over hoe hinderlijk iemand de geur vindt, welke bron vermoedelijk de geur veroorzaakt, in welke mate de activiteit wordt verstoord, wat deze bezigheid was en of iemand alleen was of met andere mensen. Samen met de andere informatie kan dit helpen een beter beeld te beschrijven van de geursituatie bij mensen in de buurt.

Is de geurapp ook beschikbaar voor andere projecten?

De geurapp - of de basis daarvan - kan vermoedelijk ook voor andere projecten gebruikt worden. Maar het is niet zo dat we daar een kant en klare tool voor hebben liggen. Met name het beheer van data en accounts moet daarvoor apart geregeld worden. De vraag is dan wie er in voorkomende gevallen iets met de data gaan doen – waar moet de data terecht komen. Dat zal niet altijd bij het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu  zelf zijn.

We zullen de komende tijd in overleg met partijen als GGDGemeentelijke Gezondheidsdienst Gemeentelijke Gezondheidsdienst ’en, omgevingsdiensten en kennisinstellingen kijken naar de mogelijkheden om de app breder in te zetten.