Stikstof meten en berekenen; hoe doen we dat in Nederland?

 

Onze methode

Stikstof (N ) is een kleur- en reukloos gas dat overal om ons heen is. Ongeveer 78% van alle lucht bestaat uit stikstof. Stikstof is van zichzelf niet schadelijk voor mens en milieu. Maar er zijn ook verbindingen van stikstof in de lucht die wel schadelijk kunnen zijn voor mens en milieu. Dit zijn stikstofoxiden (NOx, verbindingen van stikstof en zuurstof) en ammoniak (NH3, een verbinding van stikstof en waterstof).

Het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu meet en berekent de hoeveelheid ammoniak en stikstofoxiden in de lucht en hoeveel ervan op de grond terecht komt.

Emissieregistratie

Samen met CBSCentraal Bureau voor de Statistiek, TNO, RVORijksdienst voor Ondernemend Nederland, PBLPlanbureau voor de Leefomgeving en WURWageningen University & Research verzamelt het RIVM miljoenen gegevens van alle bronnen in Nederland. Deze gegevens gaan de computermodellen in, samen met gegevens over het weer van het KNMIKoninklijk Meteorologisch Instituut.

Metingen

Meetinstrumenten bepalen hoeveel er van een bepaalde stof in de lucht, het water of de bodem zit. Het RIVM heeft in heel Nederland meetpunten ingericht met professionele apparatuur. Bij het verwerken van de meetgegevens wordt rekening gehouden met de kwaliteit en de ligging van die meetpunten.

Modelleren en berekenen

Het rekeninstrument AERIUS (met als kern het OPSOperationele Prioritaire Stoffen-model) rekent met alle gegevens van de Emissieregistratie en het KNMI uit waar de uitgestoten stoffen terecht komen: de depositie. AERIUS berekent ook de effecten van maatregelen, en kan toekomstverwachtingen maken.

Checken en aanpassen

De modelberekeningen worden vergeleken met de metingen en waar nodig bijgesteld. Op die manier ontstaat een beeld van de stikstofdepositie in Nederland, en dus ook in natuurgebieden. Het eindresultaat is de meest nauwkeurige en betrouwbare inschatting die gemaakt kan worden.