In Nederland wordt veel stikstof uitgestoten. De meeste stikstof komt op de grond terecht. Dat schaadt het milieu. Stikstof kan de biodiversiteit, de kwaliteit van grond- en oppervlaktewater en de gezondheid van mensen verslechteren. Daarom is in wetgeving vastgelegd dat de uitstoot van stikstof moet verminderen. Als onafhankelijk kennisinstituut heeft het RIVM een belangrijke rol bij het in kaart brengen van de neerslag van stikstof in kwetsbare natuurgebieden.

Wat is stikstof?

Stikstof (N2) is een kleur- en reukloos gas. Het is overal om ons heen. Stikstof is van zichzelf niet schadelijk voor mens en milieu. Echter, wanneer men spreekt over stikstof bedoelt men vaak de chemische verbindingen van stikstof in de lucht die wel schadelijk kunnen zijn voor mens en milieu: stikstofoxiden en ammoniak.

  • Stikstofoxiden (NOx, een verbinding tussen stikstof en zuurstof ) komen vooral in de lucht terecht door uitlaatgassen van het verkeer en de uitstoot van industrie. NOx is een optelling van stikstofmonoxide (NO) en stikstofdioxiden (NO2).
  • Ammoniak (NH3, een verbinding van stikstof en waterstof) komt vooral van dieren in de veeteelt. Mest van dieren verdampt als ammoniak en komt zo in de lucht terecht. Dit komt vrij in stallen en bij de bemesting (ook door kunstmest) van weiland en akkers. Een klein deel ammoniak komt uit andere bronnen zoals industrie, de bouw en het verkeer.

Stikstofproblematiek

Nederland stoot al jaren veel stikstof uit. Veel van die stikstof komt weer neer op de bodem en in de natuur. In veel natuurgebieden in Nederland komt zoveel stikstof terecht, dat dat schadelijk kan zijn voor de kwetsbare natuur. Dat is slecht voor de biodiversiteit, de kwaliteit van grond- en oppervlaktewater en voor de gezondheid van mensen. Europese wet- en regelgeving schrijft voor dat landen kwetsbare natuur moeten beschermen. In 2019 heeft de Raad van State de Europese regels getoetst en ook gezegd dat de natuur beter beschermd moet worden. Daarom zijn er strengere regels voor het uitstoten van stikstof ingesteld (lees: Aanpak stikstofuitstoot verminderen).

In Europa stoot Nederland relatief veel stikstof uit, gevolgd door de omringende landen. Een compleet overzicht van stikstofuitstoot per Europees land, is te vinden in onderstaande figuur.

Het RIVM heeft een belangrijke rol bij het in kaart brengen van hoeveel stikstof in de lucht, in de bodem en in het water terechtkomt. Op deze webpagina’s kijken we naar stikstof die via de lucht in de natuur terechtkomt. Op de pagina Landelijk Meetnet effecten Mestbeleid leest u meer over stikstof in het water en in de bodem.

Het RIVM registreert, meet en rekent met modellen

In gesprekken over stikstof worden veel (wetenschappelijke) termen gebruikt. Drie belangrijke termen die iets (anders) zeggen over de hoeveelheid stikstof:

Het RIVM en verschillende partnerinstituten houden bij hoeveel stikstof er de lucht ingaat. Via een meetnetwerk meten we op heel veel verschillende plekken in het land hoeveel stikstofoxiden en ammoniak er in de lucht zit (concentratie). Ook meten we hoeveel stikstof op de grond terechtkomt. Echter, het is praktisch niet haalbaar om op elke locatie te meten. Daarom gebruiken we modellen om een gedetailleerd beeld van de stikstofneerslag te berekenen. Van een landelijk beeld tot op lokaal niveau. Met deze berekeningen en modellen kunnen we ook verwachtingen voor de toekomst maken.

Monitoring, advies en onderzoek

De gegevens die het RIVM verzamelt, geven inzicht in de stikstofdepositie en in welke kwetsbare natuur er te veel stikstof terechtkomt. In overheidsbeleid is vastgelegd hoeveel de stikstofdepositie in kwetsbare natuur omlaag moet. Het RIVM kijkt in hoeverre dit doel wordt gehaald en of de doelen van dat beleid in de toekomst ook worden gehaald. Op basis van wetenschappelijke kennis  geeft het RIVM advies aan beleidsmakers over het ontwikkelen en bijstellen van stikstofbeleid, de overheid maakt keuzes voor beleid. Ook doet het RIVM aanvullend wetenschappelijk onderzoek en adviseert lokale en regionale overheden over meten en berekenen. Adviezen en onderzoek worden vastgelegd in rapporten en (wetenschappelijke) publicaties te vinden op deze website of in wetenschappelijke tijdschriften.

Open data

We maken onze data zoveel mogelijk openbaar toegankelijk en publiceren het online. Soms hebben we echter te maken met privacygevoelige data, die niet gedeeld kan worden. Bekijk alle open data van stikstof in de lucht. 

Alle open data van het RIVM is ook beschikbaar via data.rivm.nl.

Samenwerking

Nationale en internationale samenwerking versterkt de kwaliteit van ons werk. We delen en ontwikkelen kennis in verschillende samenwerkingsverbanden:

  • De Emissieregistratie: een samenwerking tussen RIVM, CBS Centraal Bureau voor de Statistiek (Centraal Bureau voor de Statistiek), PBL Planbureau voor de Leefomgeving (Planbureau voor de Leefomgeving), WUR Wageningen University & Research (Wageningen University & Research) en Deltares. Het RIVM heef t hierin de regie en stuurt de emissieregistratie aan. De emissieregistratie stelt jaarlijks de emissies van alle relevante Nederlandse bronnen vast.
  • Monitoring en Evaluatie Stikstof reductie en Natuurverbetering: een samenwerking tussen het RIVM, PBL en WUR. Dit consortium rapporteert periodiek over stikstof reductie en natuurverbetering in het kader van de Wet Stikstof reductie en Natuurverbetering.
  • Onderzoek stikstofmonitoring: meet- en modelonderzoek met andere kennisinstellingen binnen het Nationaal Kennisprogramma Stikstof (NKS) van het Ministerie van LNV Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit).