Het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu houdt op verschillende manieren de verspreiding van infectieziekten, zoals het nieuwe coronavirus in de gaten. Met Infectieradar brengen we in kaart of mensen in Nederland klachten hebben die kunnen wijzen op een infectie met het nieuwe coronavirus. Aan dit onderzoek kan iedereen in Nederland meedoen.

We weten dat de meeste mensen met het nieuwe coronavirus milde of weinig klachten hebben. Ze gaan dan niet naar de huisarts en wachten soms even met het maken van een testafspraak. Of ze laten zich niet testen. Door bij te houden of mensen in Nederland klachten hebben die kunnen wijzen op het nieuwe coronavirus kunnen we een mogelijke opleving van het virus snel zien. En ook als mensen minder klachten hebben, is dit een belangrijk signaal. Zo kunnen we samen vinger aan de pols houden. Infectieradar is daarmee een mooie toevoeging op de cijfers uit de GGDGemeentelijke Gezondheidsdienst-teststraten, de ziekenhuisopnames en de andere onderzoeken van het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu over het nieuwe coronavirus.

Hoe werkt Infectieradar?

Deelnemers ontvangen eerst een lijst met vragen over hun achtergrond. Over hun werk, leeftijd, en bestaande ziekten en aandoeningen. Daarna geven mensen één keer per week door of ze in de afgelopen week koorts of andere klachten had. Het gaat dan bijvoorbeeld om klachten zoals een loopneus, hoesten, niezen, keelpijn, koorts of verlies van reuk of smaak. Ook als ze geen klachten hebben, is het belangrijk dat ze dit doorgeven. Zo kan het RIVM volgen hoe gezondheidsklachten verspreid zijn in Nederland en hoe zich dat ontwikkelt in de tijd. Die gegevens kunnen we gebruiken voor wetenschappelijk onderzoek naar de verspreiding van het nieuwe coronavirus.