Go to abstract

Samenvatting

Stoppen met roken is de beste optie voor de gezondheid, maar toch roken er nog steeds veel mensen. Fabrikanten brengen daarom producten op de markt met een directe of indirecte claim dat ze minder schadelijk zijn voor de gezondheid dan conventionele tabaksproducten. De meningen over deze zogeheten harm reduction-middelen zijn verdeeld, omdat de effecten op de gezondheid van de gebruiker nog niet duidelijk zijn. Om die te kunnen beoordelen is kennis nodig over de samenstelling van het product, het rookgedrag (hoeveel wordt ervan gerookt en hoe diep wordt geïnhaleerd) en de gezondheidseffecten van het product. Het RIVM heeft daarom een eerste inventarisatie gemaakt van harm reduction-producten en wat er over het gebruik en de gezondheidseffecten bekend is.

Voorbeelden van harm reduction-producten zijn tabak die in de mond wordt gestopt zoals de 'snus', de e-sigaret en een product waarin tabak wordt verhit maar niet verbrand (heat not burn). Bij deze vormen staan gebruikers niet aan schadelijke verbrandingsproducten bloot. De e-sigaret bijvoorbeeld verdampt een vloeistof die meestal nicotine bevat. De gebruiker krijgt hiermee minder schadelijke stoffen binnen dan bij het roken van een tabakssigaret. De effecten op de langere termijn en de effecten op de gehele bevolking zijn echter nog onduidelijk. Ook tabak-verhittingsproducten lijken minder schadelijk te zijn voor de gezondheid dan conventionele sigaretten. Meer kennis is nodig, zoals over het rookgedrag van de gebruiker, om een afgewogen oordeel over de schadelijkheid te kunnen geven.

Voorstanders van harm reduction-middelen vinden dat verstokte rokers ze beter kunnen gebruiken dan gewone tabak. Tegenstanders vrezen dat niet-rokers ze zullen gaan gebruiken vanwege het imago dat ze minder schadelijk zijn. Daarnaast bestaat de zorg dat ze een opstapje kunnen zijn naar het gebruik van conventionele tabaksproducten. Ook zouden ze mensen ervan kunnen weerhouden om te stoppen met roken, of het negatieve imago rond roken als 'stom en ongezond' wegnemen (renormaliseren).

Abstract

Smoking cessation is the best option for health, yet smoking prevalence is still high. Tobacco industry markets products with a direct or indirect claim that they are less harmful than conventional tobacco products. The opinions on these so-called harm reduction products are divided because the short- and long-term effects on the health of the user are not clear yet. Such an assessment requires knowledge of the composition of the product, the smoker's behaviour (such as amount of cigarettes smoked, how deeply the smoke is inhaled) and the health effects of the product. RIVM has made a first assessment of harm reduction products and the current knowledge on their use and health effects.

Examples of harm reduction products are oral tobacco, such as the so-called snus, the e-cigarette and tobacco that is heated but not burned (heat not burn). These products do not expose users to harmful combustion products. The e-cigarette, for example, evaporates a liquid that usually contains nicotine. The user is not exposed to as many toxicants as when smoking a tobacco cigarette, but the effects in the longer term and its effects on the population as a whole are still unclear. Heat not burn products also seem to be less harmful to health than conventional cigarettes. More data are needed, such as on the smoking behavior of the user, in order to give a balanced opinion on their harmfulness.

Proponents of harm reduction products believe that inveterate smokers are better of using these products than when smoking ordinary tobacco. Opponents fear that non-smokers will start using them due to their image that they are less harmful. An additional concern is that they may serve as a gateway to the use of conventional tobacco products, or could prevent people to quit smoking, or undo the negative image of smoking as "stupid and unhealthy' (renormalisation).

Overig

Grootte
707KB