Boostervaccinatie tegen COVID-19. Achtergrondinformatie voor de Gezondheidsraad

Boostervaccinatie tegen COVID-19. Achtergrondinformatie voor de Gezondheidsraad

Go to abstract

Samenvatting

Sinds januari 2021 kunnen mensen in Nederland zich laten vaccineren tegen COVID-19, de ziekte die door het nieuwe coronavirus SARS-CoV-2 wordt veroorzaakt. Het belangrijkste doel van deze vaccinatie is om ernstige ziekte en sterfte te voorkomen. De vraag is nu of mensen die gevaccineerd zijn baat hebben bij een extra vaccinatie. Deze ‘booster’ is bedoeld als oppepper, die de werking van de eerste serie vaccins kan verbeteren. De Gezondheidsraad adviseert het ministerie van VWS of deze booster nodig is, en zo ja voor wie, wanneer, en met welk vaccin. Het RIVM heeft voor de Gezondheidsraad de wetenschappelijke kennis verzameld over factoren die relevant zijn voor dit advies. De inzet van een booster hangt grofweg van vier factoren af. Dat zijn: de situatie bij de bevolking (zoals het aantal zieken en gevaccineerden), de vaccins (onder andere: welke zijn er, zijn ze veilig, werken ze goed), de bescherming (zoals de timing van de booster, de invloed van natuurlijke infectie), en virusvarianten. Een booster kan nodig zijn als de beschermende werking van de eerste serie vaccins na een tijd te veel afneemt. Een andere reden voor een booster is wanneer de vaccinaties minder goed blijken te beschermen tegen nieuwe varianten van het coronavirus. Tot nu toe beschermen de huidige vaccins goed tegen ziekte en sterfte, ook tegen de varianten die in Nederland voorkomen. Het is nog niet duidelijk of en wanneer een booster kan helpen om ernstige ziekte en sterfte te verminderen. Wereldwijd is er nog weinig ervaring met een booster en er is nog weinig wetenschappelijk bewijs.

Abstract

Since January 2021, people in the Netherlands have been able to get vaccinated against COVID-19, the disease caused by the new coronavirus named SARS-CoV-2. The most important objective of this vaccination is to prevent severe disease and death. The question now is whether people who have been vaccinated would benefit from an extra vaccination. This so-called booster is intended to boost the effectiveness of the initial series of vaccinations. The Health Council of the Netherlands advises the Dutch Ministry of Health, Welfare and Sport on whether this booster is necessary and, if so, for whom, when, and with which vaccine.

RIVM has provided The Health Council of the Netherlands with a review of the scientific knowledge on the factors relevant for this advice. The use of a booster depends roughly on four factors: The current situation of the population (such as the number of sick persons and vaccinated persons), the vaccines (which vaccines are available, are they safe and effective, et cetera), the protection (such as the timing of the booster and the influence of natural infection), and the virus variants in circulation.

A booster can be necessary if the protection provided by the initial series of vaccines diminishes too much after a certain period of time. A booster can also be necessary if it turns out that the vaccinations provide less protection against new variants of the coronavirus. Until now, the current initial series of vaccinations provide effective protection against severe disease and death, including all the variants circulating in the Netherlands.

It is not yet clear if and when a booster can help reduce severe disease and death. Globally, there is still not much experience with a booster and there is still little scientific evidence for its use as of yet.

Uitgever

Instituut
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

Overig

Grootte
1674 kb