In april 2016 nodigde het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu een team wetenschappers van internationale zusterinstituten uit om het RIVM-werk te evalueren. Deze peer-to-peer-evaluatie was organisatiegericht en daarmee heel waardevol. Hoe slaagt het RIVM erin om zijn visie ‘op de bres voor een gezonde bevolking in een gezonde leefomgeving’ te verwezenlijken? Directeur-Generaal RIVM André van der Zande blikt terug op een jaar waarin het RIVM zich nog meer liet zien. “Vertrouwen krijgen en houden is heel hard werken.”

"We hebben de bal zelf op de stip gelegd"

In april 2016 liet het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu een audit uitvoeren door de IANPHIInternational Association of National Public Health Institutes, de International Association of National Health Institutes. In dit samenwerkingsverband zijn zo’n 100 internationale zusterinstituten op gebied van volksgezondheid en duurzaamheid verenigd. Een afvaardiging daarvan nam de RIVM-strategie en –organisatie onder de loep. André van der Zande: “We hebben de bal zelf op de stip gelegd, het was een zelfevaluatie. Na afloop zijn we meteen aan de slag gegaan met verbetertrajecten.” De aanbevelingen van de auditeurs zijn verankerd in de lopende werkprocessen van de organisatie.

"We werken aan nog meer zichtbaarheid voor het publiek"

Publieksconferentie

De opvallendste ontwikkeling bij het RIVM – en daarin zal het instituut niet uniek zijn – is een groei in het contact met het publiek, naast de uitgebreide samenwerking met wetenschappers en andere professionals. André van der Zande: “De auditeurs waren onder de indruk van onze gang naar publieksgericht werken. Maar we kunnen nog veel meer doen. Via allerlei kanalen hebben we te maken met emoties. Boze mensen, droevige mensen. Hoe gaan we daar goed mee om?” Een van de activiteiten voor dit jaar is een publieksgericht evenement. “We willen in elk geval dat we elkaar beter leren kennen,” zegt Van der Zande. “We organiseren daarom in de week van de wetenschap in 2017 een publieksconferentie. Belangrijk om te doen, maar daar ben je er natuurlijk niet mee. We werken de komende tijd aan nog meer zichtbaarheid voor het publiek.”

RIVM’ers werden ook in het afgelopen jaar via interne leerwerktrajecten bewuster gemaakt van ieders eigen rol in de communicatie. Zo is het RIVM al langere tijd actief op sociale media, maar de aanwezigheid daar van de wetenschappers zelf kan nog versterkt worden, zo zagen ook de auditeurs. En verder vindt Van der Zande het van groot belang om goed te reageren op signalen uit de samenleving. “Die moeten we heel serieus nemen. We staan voortdurend in contact met de samenleving, met het publiek. Al in een vroeg stadium moeten we relevante signalen herkennen en benutten.”

Innovatie

De auditeurs concludeerden dat het RIVM ‘wetenschappelijk sterk en geloofwaardig’ is. Ook heeft het instituut goede relaties met nationale en internationale samenwerkingspartners. Verder roemden de auditeurs de inspanningen van het RIVM om innovatie te bevorderen, bijvoorbeeld via de Innovatieprijs voor de RIVM’er met het meest innovatieve initiatief.

Eén bevinding uit de audit vond Van der Zande wat teleurstellend. Dat ging over Global Health: mondiale gezondheid en duurzaamheid. Het RIVM doet daar meer dan gemiddeld aan, vergeleken met de buitenlandse zusterinstituten. Maar dat werd niet zo gezien door de IANPHI-commissie, die vaak zelf meer werk doen direct in ontwikkelingslanden. “We hebben veel meer World Health Organisation Collaborating Centres dan het gemiddelde buitenlandse zusterinstituut. Daar zijn we trots op. Maar het betekent wel dat we nog meer moeten doen aan de zichtbaarheid van ons werk.”

"Vertrouwen krijgen en houden is hard werken"

Trusted advisor

Proactief zijn is heel belangrijk voor het RIVM in zijn rol van trusted advisor, de betrouwbare en onafhankelijke adviseur die midden in de samenleving staat. Soms kom je als instituut in een reactieve rol terecht. “Goed reactief zijn is minstens zo belangrijk, daarmee krijg je vertrouwen. Alles gaat veel sneller dan vroeger, we moeten daar voortdurend alert op zijn. Vertrouwen krijgen en houden is heel hard werken.”

De audit geeft ‘een extra steun in de rug’, vindt Van der Zande. “Het grootste compliment van de auditeurs was dat RIVM’ers een leergierige grondhouding hebben. De valkuil van goede professionals en wetenschappers kan zijn, dat ze zelfingenomen overkomen. Ze zijn immers gewend om hun standpunt te verdedigen in soms felle wetenschappelijke discussies. Dat anderen zien dat we een lerende attitude hebben, is belangrijk voor onze rol als trusted advisor.”