Vragen over bijwerkingen

Wat is er bekend over een ernstige bijwerking na vaccinatie met AstraZeneca?

Tot begin april heeft Bijwerkingencentrum LarebLandelijke Registratie Evaluatie Bijwerkingen acht meldingen van een zeldzaam ernstig ziektebeeld na vaccinatie met AstraZeneca ontvangen. Het gaat om een combinatie van stolselvorming (trombose) én een tekort aan bloedplaatjes (trombocytopenie). De klachten ontstonden 7 tot 20 dagen na vaccinatie. Het gaat om vrouwen tussen de 23 en 65 jaar. Het Europees Geneesmiddelenbureau (EMAEuropean Medicines Agency) heeft op basis van alle beschikbare gegevens de conclusie getrokken dat er een mogelijk verband is met het vaccin en dit ernstige ziektebeeld. Maar dat de kans dat dit beeld ontstaat zeer klein is. 

Waarom gaat de vaccinatie met AstraZeneca door voor mensen geboren in 1960 of eerder?

De Gezondheidsraad adviseert om AstraZeneca in te blijven zetten voor mensen boven 60 jaar (geboren in 1960 of eerder). Het risico op ernstige gevolgen van de ziekte COVID-19 op oudere leeftijd is veel groter dan het risico op het ernstige, maar zeldzame ziektebeeld van stolselvorming en een laag aantal bloedplaatjes na vaccinatie met het AstraZeneca vaccin. Daarom blijft de vaccinatie doorgaan voor mensen geboren in 1960 of eerder. Mensen geboren in 1961 of later krijgen een ander vaccin.

Is duidelijk hoe deze zeldzame bijwerking ontstaat? 

Hoewel de combinatie van stolselvorming (trombose) met een tekort aan bloedplaatjes (trombocytopenie) ernstig is, komt dit maar zeer zelden voor.  Men weet nog niet precies hoe dit beeld ontstaat, maar er wordt gedacht dat dit misschien komt door een reactie van het afweersysteem, die ook wel wordt gezien bij mensen die behandeld worden met heparine. De Nederlandse Internisten Vereniging en Federatie Medische Specialisten hebben dat gemeld aan de specialisten. Zij geven ook aan welke diagnostiek en behandeling overwogen moet worden bij iemand die na vaccinatie dit ernstige ziektebeeld krijgt.

Meer informatie over het gemelde zeldzame ziektebeeld is hier te vinden: COVID-19 Vaccine AstraZeneca: benefits still outweigh the risks despite possible link to rare blood clots with low blood platelets | European Medicines Agency (europa.eu)
.

Wat moet ik doen als ik na de vaccinatie klachten krijg? 

Na de vaccinatie kunt u last krijgen van (veel voorkomende) bijwerkingen binnen de eerste twee dagen  zoals gevoeligheid en pijn op de plek van de prik. Ook spierpijn kan voorkomen, net als vermoeidheid, verhoging en koorts, koude rillingen, gewrichtspijn en misselijkheid. Deze bijwerkingen komen vaak voor, maar verdwijnen ook na een aantal dagen vanzelf. 
 
Bel uw huisarts of de huisartsenpost als u na vaccinatie last krijgt van: kortademigheid, pijn op de borst, zwelling van de benen (dikkere benen) of buikpijn die lang duurt. 
Bel uw huisarts of de huisartsenpost ook direct als u een paar dagen na vaccinatie last krijgt van: ernstige of langdurende hoofdpijn, wazig zien, blauwe plekken of kleine ronde plekjes (puntbloedingen) op uw huid op een andere plek dan waar u geprikt bent. 
    
U kunt alle vermoedens van bijwerkingen van de vaccinatie melden bij het Bijwerkingencentrum Lareb. Meld vooral die bijwerkingen die u opvielen. Bijvoorbeeld omdat de bijwerking niet in de bijsluiter staat. Of omdat de bijwerking anders of heviger verliep dan u had verwacht.

Als ik trombose of een embolie heb gehad, heb ik dan meer risico op trombose door de vaccinatie met AstraZeneca? 

Nee, we zien niet meer trombose of embolie na de vaccinatie. Mensen die eerder een trombose of embolie hebben gehad hebben niet meer risico op dit zeldzame ziektebeeld. Dit geldt ook voor mensen die trombose of embolieën door COVID-19 hebben gehad.

Ik heb een tekort aan bloedplaatjes (trombocytopenie), gebruik bloedverdunners, of heb een stollingsstoornis (gehad). Loop ik dan meer risico op dit ernstige ziektebeeld na vaccinatie met AstraZeneca?

Nee, er zijn geen aanwijzingen dat u meer risico loopt op dit ernstige ziektebeeld na vaccinatie met AstraZeneca als u een tekort heeft aan bloedplaatjes, bloedverdunners gebruikt of een stollingsstoornis heeft (gehad).

Loop ik meer risico op dit ernstige ziektebeeld als ik de pil gebruik?   

Nee, er zijn geen aanwijzingen dat mensen die de pil gebruiken na de vaccinatie vaker dit ernstige ziektebeeld krijgen. 

Ik heb in het verleden heparine-geïnduceerde trombocytopenie (HIT) gehad. Loop ik nu meer risico met Astrazeneca?

HIT is een zeldzame en zeer ernstige aandoening die ontstaat door het gebruik van heparine. Het is nog onbekend of patiënten die HIT hebben gehad een verhoogd risico hebben op de zeldzame bijwerking van het Astra Zeneca-vaccin. Patiënten die HIT hebben gehad kunnen het best contact opnemen met hun behandelend specialist, die geïnformeerd wordt vanuit de wetenschappelijke verenigingen om tot een goed advies te komen.

Meer informatie

Meer informatie over de vaccinatie met AstraZeneca staat op de website www.coronavaccinatie.nl.

Vragen over het interval tussen 2 vaccinaties met AstraZeneca

Tweede prik AstraZeneca-vaccin na 4 tot 12 weken

De Gezondheidsraad adviseert dat de tijd tussen de eerste en de tweede dosis van het AstraZeneca-vaccin kan liggen tussen de vier en twaalf weken. Wat binnen die periode het beste moment is, is niet te zeggen. 

Waarom was het geadviseerde moment voor de tweede prik van AstraZeneca eerder 12 weken na de eerste prik?

In februari heeft de Gezondheidsraad geadviseerd om de tweede prik 12 weken na de eerste prik met AstraZeneca te geven. Op die manier konden met een beperkte hoeveelheid vaccin zo snel mogelijk zo veel mogelijk mensen met een eerste dosis vaccin beschermd worden tegen COVID-19.

Waarom adviseert de GRgroepsrisico een periode van 4-12 weken tussen de 1ste en 2de prik met AstraZeneca? 

Het AstraZeneca-vaccin is 60-80% effectief in het voorkomen van ziekte door het coronavirus. Dit betekent dat er in een groep gevaccineerde mensen 60-80% minder mensen coronaklachten krijgen dan in een (even grote) groep mensen die niet is gevaccineerd is. 

Een aantal studies naar het AstraZeneca vaccin laten een trend zien dat een langere periode tussen 2 prikken een betere bescherming geeft: als de tweede vaccinatie na 12 of meer weken wordt gegeven, is de bescherming beter dan wanneer een periode van minder dan 6 weken wordt aangehouden. De Gezondheidsraad wijst erop dat deze studies nog niet voldoende bewijzen dat een langere periode tussen 2 prikken echt beter is. 

De tijd tussen toediening van de eerste en de tweede dosis van het AstraZeneca-vaccin kan liggen tussen de vier en twaalf weken. Wat binnen die periode het beste moment is, is niet te zeggen. Dit is ook het advies van de fabrikant. 

Welk periode tussen 2 prikken wordt nu gebruikt? 

Het streven is om de tweede vaccinatie tussen de 4-12 weken na de eerst te geven. Als dat om praktische redenen niet lukt, is het geen probleem om het interval te verlengen tot 14 weken. Het is vooral belangrijk dat de tweede vaccinatie gegeven wordt. 

Zijn mensen die 12 weken tussen de 1e en 2e prik hadden nu minder goed beschermd? 

Nee, er is geen reden om te denken dat een periode van 12 weken of langer leidt tot minder bescherming. Van andere vaccins weten we dat een langere periode tussen 2 prikken juist vaak leidt tot een betere bescherming na de 2e prik. 

Leidt het GR-advies ook tot wijzigingen in de periode tussen 2 prikken met het AstraZeneca-vaccin in de praktijk?

In de praktijk hangt dit ook af van andere factoren, zoals de mogelijkheden om geplande afspraken nog te verzetten, de daadwerkelijke leveringen en de logistiek van de vaccindistributie. In de praktijk wordt een periode van 6 tot 14 weken tussen 2 prikken aangehouden.