Profprofessor. drDokter. Aldert Piersma (1957) is senior onderzoeker reproductietoxicologie bij het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu en bijzonder hoogleraar reproductie- en ontwikkelingstoxicologie aan het Institute for Risk Assessment Sciences (IRASInstitute of Risk Assessment Sciences) van de Universiteit Utrecht.

"Het kan beter met minder! We zijn zeker in staat om beter onderzoek te doen met minder proefdieren. Dat is waar ik naar op zoek ben."
Thumbnail

Centraal in zijn werk staat hoe het aantal proefdieren kan worden teruggebracht voor het testen van giftige stoffen terwijl de testmethoden even goed blijven, zo niet beter worden.

Aldert Piersma studeerde biologie aan de Universiteit Utrecht met als specialisaties ontwikkelingsbiologie, tumorimmunologie en tumorfarmacologie. Hij promoveerde in 1985 aan de Erasmus Universiteit Rotterdam in de geneeskunde op de regulatie en differentiatie van stamcellen voor bloed bij muizen.

Na zijn promotie werkte Aldert bij Hubrecht Instituut voor ontwikkelingsbiologie aan een methode in vitro voor de identificatie van teratogene stoffen en hun werkingsmechanisme.

In 1988 kwam hij in dienst bij het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu als reproductietoxicoloog en hoofd van de afdeling reproductietoxicologie. In 2007 werd hij benoemd tot bijzonder hoogleraar aan het Institute for Risk Assessment Sciences (IRASInstitute of Risk Assessment Sciences). Zijn tijd verdeelt hij tussen onderzoek, advies en onderwijs.

Aldert vervult, en heeft vervuld, veel functies op gebied van reproductietoxicologie. Zo is hij lid van de Gezondheidsraad en hoofdredacteur van het Journal of Reproductive Toxicology, en was hij lid van het hoofdbestuur van de European Teratology Society (ETSEuropean Teratology Society) en heeft hij in 2005 het ETS-congres georganiseerd. Hij zit in tal van nationale en internationale commissies.
In 1987 heeft de ETS-prijs gewonnen en in 2007 de eerste Lef-in-het-lab-prijs voor zijn rol in het terugdringen van proefdiergebruik voor het doen van reproductieonderzoek.

Zijn huidige onderzoek richt zich onder andere op alternatieven voor dierproeven, het toepassen van transcriptomics en proteomics, en het ontwikkelen van intelligente testmethoden voor het schatten van de reproductietoxiciteit van stoffen voor REACHRegistratie, Evaluatie, Autorisatie (verlening van vergunningen) en restrictie (beperking) van CHemische stoffen.

Expertise

  • Reproductietoxicologie
  • Preventie aangeboren afwijkingen
  • Alternatieven voor dierproeven
  • Embryologie
  • Preventie onvruchtbaarheid
  • Teststrategieën en risicoschatting

Contact