Future-Proof Care and support Monitor for people with a disability. First monitoring report

Future-Proof Care and support Monitor for people with a disability. First monitoring report

Go to abstract

Samenvatting

In Nederland leven ongeveer 2 miljoen mensen met een verstandelijke, lichamelijke en/of zintuigelijke beperking. De meesten wonen met meer of minder hulp thuis, anderen wonen in een instelling. Het ministerie van VWS Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport) heeft in 2021 beleid gemaakt om te zorgen dat deze mensen ook in de toekomst kunnen rekenen op goede zorg en ondersteuning. Dit heet de Toekomstagenda, waar tot en met 2026 aan wordt gewerkt. 

De Toekomstagenda is er voor mensen met een beperking die levenslang invloed heeft op alle facetten van hun leven, voor mensen met een licht verstandelijke beperking en voor mensen die complexe zorg nodig hebben. De agenda beschrijft ook wat praktisch nodig is voor goede zorg: genoeg personeel, technologie en hulp om goede zorg te krijgen (cliëntondersteuning). 

Het RIVM volgt of de zorg en ondersteuning voor mensen met een beperking beter wordt en of het beleid daarbij helpt. Deze eerste rapportage laat onder andere zien dat in 2025 ruim 20 procent meer mensen met een beperking complexe zorg nodig hebben (zorgprofielen Verstandelijk Gehandicapten 6 en 7) dan in 2018. Verder wisten in 2024 meer mensen met een beperking dat een cliëntondersteuner hen hierbij kan helpen dan in 2023. 

In 2025 gingen meer mensen in de gehandicaptenzorg werken dan er stopten. Het ziekteverzuim onder personeel in deze zorgsector bleef sinds 2022 hetzelfde (ongeveer 8 procent). Ruim een kwart van de werkgevers betrok medewerkers bij de invoering van technologische innovaties, zoals sensoren en camera's voor veiligheid en zorg in de nacht. 

De monitor geeft nu al belangrijke informatie, maar is nog in ontwikkeling. Over sommige onderwerpen is nog geen informatie beschikbaar, zoals het aantal aanmeldingen van complexe casussen. Andere onderwerpen worden nu voor het eerst gemeten, zoals het percentage naasten dat zich betrokken voelt bij de zorg voor de cliënt. Het RIVM blijft hier de komende jaren aan werken.

Abstract

Approximately two million people in the Netherlands live with an intellectual, physical and/or sensory disability. Most live at home with various levels of support, while others live in a care institution. Policy developed by the Dutch Ministry of Health, Welfare and Sport in 2021 aimed to ensure that these people will also be able to rely on goodquality care and support in the future. This policy is known as the Future Agenda and will continue to apply until the end of 2026.

The Future Agenda is for people who have a disability that will have lifelong impact on all facets of their lives, people with a mild intellectual disability and people who need complex care. The agenda also describes what good-quality care demands in practice: sufficient personnel, technology and the support that people need to find good-quality care (client support).

RIVM monitors whether the care and support for people with a disability has improved and whether the policy contributes to this. This first report shows that in 2025 over 20 per cent more people with a disability required complex care (care profiles Intellectual Disabilities 6 and 7) than in 2018. It also shows that in 2024 more people with disabilities or their loved ones were aware that a client supporter could help them.

In 2025, more people started working in the disability care sector than left the sector. Sickness absence among staff in this care sector has remained the same since 2022 (approximately 8 per cent). Over a quarter of employers involved staff in the introduction of technological innovations, such as sensors and cameras for safety and overnight care.

Although still in development, the monitor is already providing important information. Information on some topics is not yet available, such as the number of registrations of complex cases. Other topics are now being measured for the first time, such as the percentage of their loved ones that feel they are being involved in the client's care. RIVM will continue developing this monitor in the coming years.

Uitgever

Instituut
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM

Resterend

Grootte
2602 kb