Wettelijke eisen voor drinkwater

Het drinkwater in Nederland moet voldoen aan de kwaliteitsnormen van het Drinkwaterbesluit en dit moet regelmatig worden gecontroleerd. Eigenaren van een eigen winning moeten daarvoor in het bezit zijn van een door de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT Inspectie Leefomgeving en Transport) goedgekeurd Meet- en Analyse Programma. Dit meetprogramma moet 1 keer in de 5 jaar ter goedkeuring worden voorgelegd aan de ILT, eventueel in overleg met het laboratorium dat het meetprogramma uitvoert. Het drinkwater van de eigen winning moet door een bevoegd laboratorium worden bemonsterd en geanalyseerd. Als het drinkwater niet voldoet aan de normen van het Drinkwaterbesluit, dan dient de eigenaar dit direct te melden aan de ILT. De ILT controleert ook, indien van toepassing, of materialen en chemicaliën van de zuiveringsinstallatie die in contact komen met drinkwater, voldoen aan de Regeling Materialen en Chemicaliën. Hiertoe dient dan een ATA Attest Toxicologische Aspecten- of Kiwa Water Mark-certificaat van producten zoals filterzand, filtergrind, conditioneringsmiddelen (kalk, marmer, natronloog of actief kool) te zijn afgegeven. Als een eigenaar van een eigen winning voor de genoemde producten niet beschikt over de vereiste certificaten, dan kan hij deze bij de leverancier van de producten opvragen, zodat ze tijdens een inspectie kunnen worden gecontroleerd.

Ook moet een eigenaar van een eigen winning, als de locatie valt onder artikel 35 van het Drinkwaterbesluit, voldoen aan de regels voor legionellapreventie. In dit artikel worden bedrijven/organisaties genoemd die behoren tot “prioritaire instellingen”, zoals ziekenhuizen, inrichtingen met een logiesfunctie, zwembaden, sauna’s, zorginstellingen, gebouwen met een celfunctie, asielzoekerscentra en truckstops. Als artikel 35 van toepassing is dan dient de eigenaar een legionella-risicoanalyse te laten opstellen door een BRL beoordelingsrichtlijn 6010 gecertificeerd bedrijf. Deze risicoanalyse geeft inzicht in de kans op het groeien van legionellabacteriën in de drinkwaterinstallatie. Als er risico’s zijn moet de eigenaar dan ook een legionella-beheersplan laten opstellen, waarin de wekelijkse, maandelijkse en jaarlijkse beheersmaatregelen zijn opgenomen. Bijvoorbeeld het laten nemen van de vereiste watermonsters voor legionella-onderzoek (art. 43 Drinkwaterbesluit), het meten van de koud- en warmwatertemperaturen, het spoelen van de leidingen en de controle van de keerkleppen. De resultaten hiervan moeten worden vastgelegd in een logboek dat tijdens een inspectie voor de inspecteur ter inzage moet liggen.