Het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu en de GGDGemeentelijke Gezondheidsdienst-en hebben een nieuwe richtlijn opgesteld die GGD’en volgen wanneer er sprake is van asbest in woningen of publieke gebouwen. Het uitgangspunt van de richtlijn is dat de maatregelen in verhouding staan tot het gezondheidsrisico.

Ingrijpende maatregelen, zoals uit huis plaatsing, hebben financiële of organisatorische gevolgen. Het is daarom van belang dat de gevolgen van dergelijke maatregelen in verhouding staan tot het gezondheidsrisico door de asbestblootstelling.

Maatregelen

Het uitgangspunt van de richtlijn is dat ‘niet-ingrijpende maatregelen’ altijd zo spoedig mogelijk worden genomen. Dit betekent dat mensen goed worden geïnformeerd over de situatie en dat zo veel mogelijk wordt voorkomen dat asbestvezels vrijkomen en zich kunnen verspreiden.

Wanneer er een vermoeden is van asbest in een woning, geeft de GGDGemeentelijke Gezondheidsdienst een gezondheidskundig advies. Dit advies is maatwerk en het is erop gericht gezondheidsschade te voorkomen.