Groenten snijden op het aanrecht

Om het risico op veelvoorkomende aandoeningen te verkleinen, bieden DNAdeoxyribonucleic acid-testen nu nog weinig kansen om leefstijladvies te personaliseren. Uit een verkenning van het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu blijkt dat voor weinig veelvoorkomende ziekten al een DNA-test bestaat die het risico op het krijgen van deze aandoeningen goed kan voorspellen. Verder blijken leefstijladviezen voor veel van deze aandoeningen hetzelfde te zijn, zoals niet roken en voldoende bewegen.

In Nederland komen sommige aandoeningen veel voor, zoals hart- en vaatziekten, kanker en obesitas. De oorzaak hiervan is een combinatie tussen genetische aanleg, gedrag en omgevingsfactoren. Het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu heeft verkend of DNAdeoxyribonucleic acid-testen samen met leefstijladviezen kunnen helpen voorkomen dat mensen zo’n ziekte krijgen. Een DNA-test uitvoeren om leefstijladviezen te personaliseren lijkt echter op dit moment nog weinig nut te hebben.

Kansen benutten en ontwikkelingen monitoren

Voor enkele specifieke aandoeningen ziet het RIVM wel kansen om DNA-testen te gebruiken voor persoonlijk leefstijladvies. Een goede DNA-test en persoonlijke leefstijladvies voor mensen met een verhoogd genetisch risico bestaan voor de oogziekte leeftijdsgebonden maculadegeneratie en de hart- en vaatziekte familiaire hypercholesterolemie.  Door de snelle ontwikkelingen op het gebied van DNA-testen en leefstijladviezen kunnen in de toekomst ook kansen ontstaan voor andere aandoeningen. Het RIVM adviseert daarom om deze ontwikkelingen te monitoren.

Onderzoek en kennisuitwisseling

Ook beveelt het RIVM aan om te onderzoeken of mensen hun gedrag veranderen op basis van een DNA-testuitslag  (gedragsonderzoek) en hoe een DNA-test succesvol kan worden ingezet en door wie (implementatieonderzoek). Verder adviseert het RIVM om efficiënte uitwisseling van kennis tussen onderzoekers, zorgprofessionals, beleidsmakers en patiëntverenigingen te bevorderen. Op deze manier kan gezamenlijk worden gekeken wat het beste werkt om DNA-testen effectief in te zetten voor persoonlijke preventie.