De uitstoot van ammoniak is in 2015 licht gestegen ten opzichte van 2014 en voldoet met 127,6 kiloton aan het Europees gestelde plafond. De toename komt vooral doordat in de agrarische sector meer kunstmest is gebruikt. De toename wordt voor een deel afgezwakt door een dalende uitstoot in de varkens en pluimveesector als gevolg van schonere stalsystemen. Dit blijkt uit het Informatieve Inventory Report 2017 van het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu en partnerinstituten.

 

De totale uitstoot van ammoniak tussen 1990 en 2015 is met terugwerkende kracht naar beneden bijgesteld. Dit komt door nieuwe inzichten in de zogeheten emissiefactoren; daarmee wordt de uitstoot berekend. Zo is vanaf 2008 de jaarlijkse hoeveelheid ammoniak die via kunstmest wordt uitgestoten circa 4 kiloton lager dan eerder was berekend. Deze bijstelling is voortgekomen uit een internationale wetenschappelijke review die op verzoek van de staatssecretaris van Economische Zaken is uitgevoerd.

Andere stoffen

De emissies van stikstofoxiden, zwaveldioxiden en niet-methaan vluchtige organische stoffen blijven licht dalen. Voor deze stoffen blijft Nederland voldoen aan de gestelde plafonds. Behalve deze stoffen is de uitstoot van koolmonoxide, fijn stof, zware metalen en persistente organische stoffen tussen 1990 en 2015 bijna zonder uitzondering gedaald. Dit komt vooral door schonere brandstoffen, schonere automotoren en door emissiebeperkende maatregelen in de industrie.

In het Informatieve Inventory Report 2017 analyseren en rapporteren het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu en diverse partnerinstituten de uitstoot van stoffen. Europese lidstaten zijn hiertoe verplicht. Nederland gebruikt de analyses om beleid te onderbouwen.