Man opent raam in kantoor om te ventileren

Sinds deze week veroorzaakt de omikron subvariant BA.2 de meeste besmettingen in Nederland. In de afgelopen week* werden 1.149 patiënten met een SARS severe acute respiratory syndrome-CoV coronavirus-2 besmetting in het ziekenhuis opgenomen. Een daling van 18% vergeleken met de week er voor. Op de IC intensive care daalde het aantal nieuwe opnames naar 88 (-28%). Het aantal positieve testen daalde in de afgelopen week met 22%, in vergelijking met de week ervoor. Ook daalde het aantal mensen dat zich liet testen met 15% ten opzichte van de week ervoor. Hiermee lijkt het hoogtepunt van deze besmettingsgolf achter ons te liggen.  

Alle wekelijkse COVID-19 cijfers staan in een tabel en in grafieken op de RIVM website.

Omikron subvariant BA.2 dominant in Nederland 

De BA.2, een subvariant van de virusvariant omikron, is vanaf deze week de meest voorkomende variant van het SARS severe acute respiratory syndrome-CoV coronavirus-2 virus in Nederland. Dit betekent dat het merendeel van de mensen met een positieve testuitslag deze variant van het coronavirus heeft. De BA.2 variant verschilt van de omikronvariant BA.1 in onder andere het spike-eiwit, de stekeltjes van het virus. BA.2 lijkt besmettelijker te zijn dan BA.1. Gegevens uit het Verenigd Koninkrijk en Denemarken wijzen erop dat BA.2 zich binnen huishoudens veel makkelijker verspreidt dan BA.1. Er zijn op dit moment geen aanwijzingen dat BA.2 mensen zieker maakt dan BA.1. De bescherming van vaccinatie tegen besmetting met de BA.2 variant is, net zoals tegen een besmetting met BA.1, lager bij mensen die langer geleden alleen de basisserie vaccinaties hebben ontvangen. Een booster vaccinatie verhoogt de bescherming tegen besmetting van zowel voor de omikron subvarianten BA.1 als BA.2.  

De BA.2 variant neemt, na introductie, de laatste weken steeds verder toe in de Nederlandse Kiemsurveillance. De kiemsurveillance is een landelijke steekproef van ongeveer 2000 testmonsters per week. Op basis van data uit de kiemsurveillance en uit laboratoria met PCR polymerase chain reaction-testen die een aanwijzing geven voor de aanwezigheid van BA.2 is de verwachting dat BA.2 deze week de dominante subvariant van de omikronvariant gaat worden en de BA.1 variant die op dit moment voor de meeste besmettingen zorgt verdringt.

Positieve coronatesten

Het aantal mensen met een positieve coronatest nam in de afgelopen week af met 22% ten opzichte van de week ervoor. In totaal werden 482.695 positieve testen in de afgelopen week bij het RIVM gemeld. Ruim 800.000 (833.178) mensen kwamen naar de testlocaties van de GGD Gemeentelijke Gezondheidsdienst om zich te laten testen op SARS-CoV-2. Dat zijn 15% minder afgenomen tests dan de week ervoor. In alle leeftijdsgroepen, met uitzondering van de 70-plussers, nam het aantal positieve testen af. Bij de leeftijdsgroepen 70-79 jaar en 80+ jaar is het aantal meldingen per 100.000 inwoners lager dan bij jongere leeftijdsgroepen, maar het steeg met respectievelijk met 27% en 35%. De grootste daling is zichtbaar in de leeftijdsgroep de groep 13-17 jarigen, maar in die leeftijdsgroep heeft nog steeds wél het hoogste aantal meldingen per 100.000 inwoners (figuur 1).

Ook bij versoepelingen van de maatregelen blijft het belangrijk om verspreiding van het virus vooral onder ouderen en kwetsbaren zoveel mogelijk te voorkomen. Zij hebben een grotere kans om in het ziekenhuis te komen als zij besmet raken met corona. Voorkom dat je een kwetsbare of oudere besmet, door voordat je op bezoek gaat een zelftest te doen en niet op bezoek te gaan wanneer je klachten hebt.  

Figuur 1: Aantal meldingen per 100.000 inwoners per leeftijdsgroep (3 januari 2022 tot en met 13 februari 2022).

Ziekenhuisopnames en opnamereden 

In de week van 7 t/m 13 februari werden 1.149 nieuwe patiënten met een SARS severe acute respiratory syndrome-CoV coronavirus-2 besmetting opgenomen (vorige week 1.393, -18%) in het ziekenhuis, waarvan 88 op de IC intensive care (vorige week 122, -28%).

De NICE registratie faciliteert sinds 25 januari de vastlegging van de opnamereden** van nieuwe patiënten met een bevestigde SARS-CoV-2 besmetting in het ziekenhuis en op de IC. In de afgelopen drie weken is de verdeling van patiënten met COVID-19 naar opnamereden nauwelijks veranderd. Zowel op de IC als op de verpleegafdeling is COVID-19 bij 8 op de 10 patiënten met SARS-CoV-2 de belangrijkste reden of een van de redenen voor ziekenhuisopname. Hieronder volgt een uitgebreidere update over de gegevens sinds 25 januari, voor de verpleegafdelingen en de IC.

Tussen 25 januari en 14 februari werden 3.575 patiënten met een SARS-CoV-2 besmetting in het ziekenhuis opgenomen. Daarvan was van 2.191 (61%) patiënten de opnamereden** bekend, bij 39% was de opnamereden (nog) niet bekend. Bij 52% was COVID-19 de belangrijkste reden van opname. Bij 30% van de opgenomen patiënten met bekende opnamereden ontregelde de SARS-CoV-2 besmetting een bestaande aandoening. Deze kwetsbare patiënten zouden zonder SARS-CoV-2 besmetting niet zijn opgenomen in het ziekenhuis. Daarmee was COVID-19 de belangrijkste of één van de redenen van ziekenhuisopname bij in totaal 81% van de patiënten met bekende opnamereden tussen 25 januari en 14 februari 2022 (zie figuur 2). 

Tussen 25 januari en 14 februari werden 282 patiënten met een SARS-CoV-2 besmetting op de IC opgenomen. Daarvan was van 226 patiënten de opnamereden bekend, bij 20% was de opnamereden (nog) niet bekend. Bij 62% was COVID-19 de belangrijkste reden van IC-opname. Bij 17% van de opgenomen IC-patiënten met bekende opnamereden ontregelde de SARS-CoV-2 besmetting een bestaande aandoening. Deze kwetsbare patiënten zouden zonder COVID-19 niet op de IC opgenomen zijn. Daarmee was COVID-19 de belangrijkste reden van IC-opname bij 79% van de patiënten met bekende opnamereden (zie figuur 3). In alle leeftijdsgroepen was COVID-19 de meest voorkomende reden of de aanjager van opname op de IC.

Figuur 2: Opnamereden** van 2.191 van de 3.575 patiënten met SARS severe acute respiratory syndrome-CoV coronavirus-2 op de verpleegafdeling, opgenomen tussen 25 januari en 14 februari 2022, geregistreerd tot 15 februari 00.00 uur. 

Figuur 3: Opnamereden** van 226 van de 282 patiënten met SARS severe acute respiratory syndrome-CoV coronavirus-2 op de intensive care, opgenomen tussen 25 januari en 14 februari 2022, geregistreerd tot 15 februari 00.00 uur.

Reproductiegetal

Het meest recente reproductiegetal van SARS-CoV-2 (31 januari) was 0,98 (0,97 – 0,98). Het reproductiegetal daalde ten opzichte van de week ervoor (1,11 op 24 januari). Dit betekent dat 100 mensen die op 31 januari 2022 het coronavirus hadden, samen 98 nieuwe personen besmetten. 

Maatregelen

Voorkom verspreiding van het virus en daarmee ziekenhuisopnames door je aan de geldende (basis)maatregelen te houden, ook als je gevaccineerd bent. Laat je vaccineren als je dat nog niet hebt gedaan en haal de booster om je bescherming weer een oppepper te geven.

* Het aantal meldingen van positieve testen dat tussen 8 februari 10:01 en 15 februari 10.00 uur aan het RIVM zijn gedaan.
De testen die in de GGD Gemeentelijke Gezondheidsdienst zijn afgenomen, ziekenhuisopnames en IC intensive care-opnames zijn naar kalenderweken.

** De opnamereden van patiënten met SARS-CoV-2 is onderverdeeld in 4 categorieën. 

  1. Vanwege COVID-19: COVID-19 is de reden van opname van de patiënt en de patiënt wordt daarvoor behandeld.
  2. Combinatie met COVID-19: COVID-19 is één van de redenen van opname: de patiënt is opgenomen doordat COVID-19 een bestaande aandoening zoals bijvoorbeeld diabetes of hartfalen heeft ontregeld. De patiënt zou zonder COVID-19 niet opgenomen hoeven worden.
  3. Andere opnamereden: Er is een andere opnamereden dan COVID-19: de patiënt is opgenomen vanwege een andere opnamereden en heeft geen behandeling nodig voor de SARS-CoV-2 besmetting. 
  4. Onbekend: het is (nog) niet bekend of de reden van opname gerelateerd is aan de SARS-CoV-2 besmetting.