Human health risks from arsenic in soil and groundwater in Apeldoorn, the Netherlands

Human health risks from arsenic in soil and groundwater in Apeldoorn, the Netherlands

Go to abstract

Samenvatting

De bodem en het grondwater in Apeldoorn en omgeving bevatten arseen; dit zit er grotendeels van nature in, maar een deel is vermoedelijk veroorzaakt door de mens. Op sommige plaatsen komt arseen via het grondwater aan de oppervlakte. Uit dit onderzoek blijkt echter dat er geen probleem voor de gezondheid is. Dit geldt voor kinderen die op de bodem of bij waterspeelplaatsen spelen en voor mensen die zelfgeteelde groenten eten.

Dit blijkt uit onderzoek van het RIVM en Wageningen Environmental Research, dat in opdracht van de gemeente Apeldoorn is uitgevoerd. Zij hebben een methode ontwikkeld om de gezondheidsrisico's te beoordelen. De aandacht gaat hierbij vooral uit naar de blootstelling aan arseen van kinderen die gronddeeltjes inslikken en mensen die zelf groenten telen en consumeren.

Om de blootstelling te bepalen, is eerst het arseengehalte in de bodem gemeten op 25 locaties op moestuincomplexen en plaatsen waar kinderen kunnen spelen. Vervolgens is bepaald hoeveel arseen er in het lichaam opgenomen wordt als mensen bodemmateriaal binnenkrijgen dat arseen bevat ('relatieve orale biobeschikbaarheid'). Daarnaast is het arseengehalte in groenten van moestuinen gemeten. Hiermee is de blootstelling via de consumptie van zelfgeteelde groenten bepaald.

Abstract

Slightly elevated levels of arsenic are found in soil and groundwater in and around the municipality of Apeldoorn. The majority is of natural origin, a smaller part can be related to human (industrial) activities. At some locations, arsenic has accumulated in the upper soil layers through groundwater transport (seepage). However, research shows no problems for human health. This conclusion holds for children recreating at water play grounds and individuals that grow and consume their own vegetables from allotments.

This is the conclusion from research of the National Institute of Public Health and the Environment (RIVM) and Wageningen Environmental Research, which was commissioned by the municipality of Apeldoorn. They developed a method to assess human health risks. The focus was on exposure to arsenic of children swallowing soil particles and individuals growing and consuming their own vegetables in allotments in and around the municipality of Apeldoorn.

With the purpose to assess exposure, the arsenic content in soil was measured at 25 locations, including vegetables gardens and places where children play. Subsequently, the amount of arsenic that enters the body after swallowing soil material that contains arsenic has been determined ('relative oral bioavailability'). Moreover, the arsenic content in soils and vegetables from the selected allotments was measured. Using the combined data on soil and crops, exposure through consumption of vegetables was determined.

Overig

Grootte
2.21MB