- Publicatiedatum
- 2026-07-02
Monitor Sustainability and Health. First measurement
Monitor Sustainability and Health. First measurement
Samenvatting
De zorgsector in Nederland zorgt voor 7 procent van de totale uitstoot van broeikasgassen. De rijksoverheid en betrokken partijen willen de zorg in Nederland duurzamer maken en zo het milieu minder schaden (Green Deal Duurzame Zorg 3.0). Het RIVM volgt in opdracht van het ministerie van VWS hoe de verduurzaming zich ontwikkelt.
De monitor volgt de ontwikkelingen op de vijf thema's van de Green Deal Duurzame Zorg 3.0: de gezondheid van patiënten en medewerkers verbeteren, meer kennis en bewustwording creëren, minder CO2 uitstoten, meer grondstoffen hergebruiken (circulair), en minder medicijnen gebruiken. Eerder heeft het RIVM de situatie in 2024 in kaart gebracht. In dit vervolg gaat het om de stand van zaken in 2025. Het RIVM gebruikt bestaande gegevens voor de monitor.
De monitor laat vooral zien dat meer zorgorganisaties zich bewust worden van het belang van verduurzaming en daarvoor beleid en plannen maken. Zo steeg het geregistreerde aantal green teams in zorgorganisaties van 140 in 2023 naar 194 in 2025. Dit aantal is waarschijnlijk nog hoger omdat niet alle teams zich registeren. In deze teams vergroenen professionals de zorg in hun organisatie op verschillende manieren. Ook kregen meer zorglocaties een certificaat voor duurzaamheid in de zorg (820 in 2025 versus 658 in 2024).
Resultaten van een duurzamere zorg, zoals minder afval of minder CO₂-uitstoot, zijn nog niet altijd duidelijk zichtbaar. Dat komt doordat het tijd kost, maar ook doordat gegevens erover vaak ontbreken. Wel zijn sinds 2024 voor bijvoorbeeld astma meer poederinhalatoren voorgeschreven dan dosis-aerosolen. Poederinhalatoren zijn duurzamer omdat ze geen schadelijke gassen gebruiken.
In de toekomst is het belangrijk om te onderzoeken of meer gegevens te krijgen zijn. Bijvoorbeeld door indicatoren concreter te formuleren en te onderzoeken hoe meer gegevens kunnen worden verzameld. In 2027 is de volgende meting.
Abstract
The Dutch health care system accounts for 7 percent of the Netherlands' total greenhouse gas emissions. Central government and other relevant stakeholders aim to make health care in the Netherlands more sustainable in order to reduce its environmental impact (Green Deal Sustainable Healthcare 3.0). The National Institute for Public Health and the Environment (RIVM) monitors these sustainability efforts on behalf of the Ministry of Health, Welfare and Sport.
The Monitor Sustainability and Health tracks developments across the five themes of the Green Deal Sustainable Healthcare 3.0: improving the health of patients and staff, increasing knowledge and awareness, reducing CO2 emissions, reusing more raw materials (circular economy), and reducing the use of medicines. The previous edition of the monitor provided an overview of the situation in 2024; this latest version offers a snapshot of 2025. RIVM uses existing data to compile the monitor.
A key finding this year is that a growing number of care organisations are becoming aware of the importance of sustainability, as reflected in their policies and plans. For example, the number of registered green teams in care organisations has risen from 140 in 2023 to 194 in 2025. The actual number of green teams is likely to be even higher, as not all teams are registered. Green teams bring together care professionals who wish to contribute to the sustainability of their organisations in various ways. In addition, more care facilities were awarded a certificate for sustainability in health care last year (820 in 2025 compared with 658 in 2024).
The benefits of a more sustainable health care system, such as reduced waste or lower CO2 emissions, are not always immediately apparent. This is partly because it takes time, but also because relevant data is often lacking. However, since 2024 powder inhalers have been prescribed more frequently than metered-dose inhalers for conditions such as asthma. Powder inhalers are more sustainable because they do not use harmful gases.
Moving forward, it will be important to investigate whether more data can be collected. This could be done, for instance, by defining indicators more precisely and exploring new data collection methods. The next measurement will take place in 2027.
Uitgever
- Instituut
- Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM