Go to abstract

Samenvatting

In 1996 werd een plotselinge en forse toename van aangiften, positieve serodiagnostiek, Bordetella isolaten en ziekenhuisopnamen van kinkhoest waargenomen, die naar alle waarschijnlijkheid een reele toename in de incidentie van kinkhoest reflecteert. Het merendeel van de kinkhoest-patienten betrof gevaccineerde 1-9 jarige kinderen. Onder de aangiften werd in 1994-1995 en met name in 1996 een toename van het aandeel gevaccineerden gezien. Ondanks de methodologische beperkingen van schattingen van vaccin-effectiviteit met behulp van de gebruikte methode, is het waarschijnlijk dat de vaccin-effectiviteit in 1996 lager is dan voorheen. In de periode 1993-1996 nam het aandeel aangiften op basis van eenpuntsserologie, die formeel niet aan de aangiftecriteria voldoen toe van 25% naar 48%. Behalve deze 'overrapportage' bleek voor patienten met tweepuntsserologie de geschatte onderrapportage af te nemen van 74% in 1993 naar 51% in 1996. Het aantal kinkhoest-patienten was in 1996 hoger dan in 1987. Verhoogde aandacht, veranderde diagnostiek noch een verlaagde vaccinatiegraad lijken een verklaring voor de epidemie. Er zijn aanwijzingen dat wellicht veranderingen zijn opgetreden in de ziekteverwekker. Hierdoor zou er een mismatch zijn tussen vaccin-geinduceerde immuniteit en de circulerende stammen. De constante ratio van ziekenhuisopnamen en aangiften en ziekenhuisopnamen en positieve tweepuntsserologie onder nuljarigen duiden er op dat de virulentie van de circulerende stammen niet is veranderd. Sinds januari 1997 wordt actieve surveillance van ziekenhuisopnamen in verband met kinkhoest uitgevoerd via het Nederlands Signalerings-Centrum Kindergeneeskunde om te onderzoeken of kinkhoest in ernst toeneemt; juist de preventie van ernstige kinkhoest bij kwetsbare jonge kinderen is het motief van kinkhoest vaccinatie. Ter optimalisatie van de thans beschikbare schattingen op basis van retrospectieve gegevens met alle methodologische bezwaren van dien, zal worden getracht in een prospectief onderzoek de vaccin-effectiviteit gedifferentieerd naar ernst van ziekte te schatten.

Abstract

A sudden and high increase in registrations, positive serodiagnostics, Bordetella isolations and hospital admissions were observed in the Netherlands in 1996. This seems to reflect a true increase in the incidence of pertussis. Most cases occurred among 1-9-year-old vaccinated children. In 1994-1995, and especially 1996 a higher proportion of vaccinated cases was seen among the cases registered. Despite the methodological constraints of vaccine-efficacy estimations using the screening method, a lower vaccine-efficacy for 1996 is probable. The proportion of registrations confirmed with one-point serology in the 1993-96 period which does not meet the formal criteria for registration increased from 25% to 48%. In addition to this 'overreporting', the underreporting of patients with positive two-point serology decreased from 74% in 1993 to 51% in 1996. The number of pertussis patients in 1996 was higher than in 1987. Increased awareness, changes in diagnostics and a lower vaccine coverage could not explain the epidemic. There are indications that changes occurred in the bacterium. This could have resulted in a mismatch between the vaccine-induced immunity and the circulating Bordetella strains. The constant ratio of hospital admissions and notifications and hospital admissions and positive two-point serology among infants less than one year old, indicate no change in the virulence of the circulating strains. In January 1997, active (monthly) surveillance by pediatricians of cases among hospitalized children was started to obtain insight into the severity of pertussis among infants. Protection of these infants is the main reason for pertussis vaccination. The methodological limitations of the current estimations based on the screening method and retrospective data, calls for optimisation of vaccine-efficacy estimations. Therefore a prospective study is considered to assess efficacy of the whole cell vaccine, differentiated by severity of disease, is under consideration.

Overig

Grootte
0MB