Vijfde ziekte is een besmettelijke vlekjesziekte. Mensen krijgen het door een virus.

Vijfde ziekte komt vooral voor bij kinderen. Zij zijn er meestal niet erg ziek door.

Bij kinderen beginnen de klachten meestal met:

  • kleine rode vlekjes in het gezicht,
  • soms vuurrode wangen,
  • soms koorts.

Daarna:

  • Verspreiden de vlekjes zich over het lichaam.
  • Soms jeuken de vlekjes.
  • Na ongeveer een week verdwijnen de vlekjes.

De vlekjes kunnen nog een paar weken lang terugkomen, bijvoorbeeld door een warme douche, kou of drukte. Ze verdwijnen dan ook weer snel. Kinderen voelen zich meestal niet ziek.

Volwassenen met de vijfde ziekte hebben vaak last van stijve handen en voeten. Dit duurt meestal 1 tot 2 weken. Volwassenen krijgen soms vlekjes.

De tijd tussen besmet raken en ziek worden is meestal 1 tot 3 weken.

Het virus zit in de keel van iemand die besmet is. Door hoesten en niezen komen kleine druppeltjes met het virus in de lucht. Mensen kunnen deze druppeltjes inademen en besmet raken.

Iemand met de vijfde ziekte kan andere mensen besmetten vanaf 1 week voordat hij ziek wordt, totdat de vlekjes verschijnen.

Vijfde ziekte is vooral besmettelijk als je lange tijd dicht bij iemand in de buurt bent die het virus heeft. Bijvoorbeeld in gezin, kinderdagverblijf, peuterspeelzaal of school.

Niet iedereen die in de buurt is geweest van iemand met de vijfde ziekte, wordt ziek.

Mensen die geen vijfde ziekte hebben gehad, kunnen besmet raken en ziek worden.

Veel volwassenen hebben de ziekte als kind al gehad. Iemand die vijfde ziekte heeft gehad, kan de ziekte niet opnieuw krijgen.

De huisarts kan door bloedonderzoek zien of iemand besmet is met het virus. Dit kan bijvoorbeeld voor zwangere vrouwen belangrijk zijn om te weten.

Krijgt een zwangere vrouw in de eerste helft van de zwangerschap de vijfde ziekte? Dan is er een klein risico op een miskraam. Bij de meeste vrouwen verloopt de zwangerschap normaal en zijn er voor de baby geen gevolgen.

Ben je zwanger en heeft iemand in het gezin de vijfde ziekte? Overleg dan met je huisarts. Je kunt wel je kinderen gewoon halen en brengen naar een kindercentrum.

Er is geen inenting om de ziekte te voorkomen. Wat kun je wel doen?

Bij hoesten of niezen:

  • Gebruik een papieren zakdoek. Heb je geen papieren zakdoek bij de hand? Hoest dan in de plooi van je elleboog.
  • Gebruik een zakdoek maar één keer.
  • Gooi de zakdoek na gebruik weg.
  • Was hierna uw handen.
  • Het is niet nodig om bij iedereen die hoest of niest uit de buurt te blijven. Houd pasgeboren baby’s wel uit de buurt van hoestende en niezende mensen.
  • Leer kinderen ook netjes te hoesten en te niezen.

Vijfde ziekte gaat vanzelf over.

Denk je dat je de vijfde ziekte hebt? Bel dan de huisarts als je daar vragen over hebt.

Voelt een kind zich goed? Dan kan het gewoon naar een kindercentrum of school. Vijfde ziekte is al besmettelijk voordat iemand klachten krijgt. Thuisblijven helpt niet om te voorkomen dat anderen ziek worden.

Heeft je kind vijfde ziekte? Vertel het dan aan de pedagogisch medewerker of de leerkracht. Zij kunnen in overleg met de GGDGemeentelijke Gezondheidsdienst andere ouders informeren. Ouders kunnen dan letten op de klachten van vijfde ziekte bij hun kind.

Een volwassene met vijfde ziekte die zich goed voelt, kan gewoon werken.

Heb je nog vragen over de vijfde ziekte?

Vraag het de GGD-afdeling Infectieziekten of de huisarts.