Het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu krijgt veel vragen over het dragen van mondmaskers, vooral van medewerkers buiten het ziekenhuis, bijvoorbeeld  uit de langdurige zorg. Zorgmedewerkers willen graag weten of  het zin heeft om een mondmasker te dragen om zich  te beschermen tegen het nieuwe coronavirus.

Zie ook veelgestelde vragen voor zorgmedewerkers buiten de ziekenhuiszorg

Het nieuwe coronavirus wordt overgedragen via druppeltjes uit de neus en keel. Door hoesten en niezen worden de druppeltjes verspreid. Iemand anders kan ze inademen en daardoor besmet raken. De druppeltjes blijven niet in de lucht hangen. Ze  vallen snel op de grond, binnen 1,5 meter van de patiënt. Daarom is het belangrijk om 1,5 meter afstand te houden. De druppeltjes kunnen ook via de handen worden overgedragen. Bijvoorbeeld als iemand met de handen aan de neus of het gezicht zit en vervolgens een ander aanraakt. Daarom is het ook belangrijk om regelmatig je handen te wassen.

Mondmaskers in de gezondheidszorg

Mondmaskers zijn medische hulpmiddelen die druppeltjes uit de neus en keel kunnen tegenhouden. In de gezondheidszorg worden ze gebruikt door medewerkers die coronapatiënten verzorgen. De maskers zorgen ervoor dat de medewerkers zelf niet besmet raken.  

Zie ook 

Behalve een mondmasker moeten medewerkers bij de verzorging van coronapatiënten ook een spatbril, een schort en wegwerphandschoenen dragen.

Het is belangrijk dat mondmaskers en handschoenen op een juiste manier worden gebruikt. Bekijk de instructievideo's hieronder.

Risico op besmetting

Het risico op besmetting voor een medewerker is afhankelijk van hoe vaak en hoe intensief de medewerker in contact komt met druppeltjes uit de neus en de keel van coronapatiënten. Dit risico is het grootst voor medewerkers die risicobehandelingen moeten uitvoeren. Het gaat dan bijvoorbeeld om het uitzuigen van de longen. Daarom moeten zorgmedewerkers een speciaal medisch mondmasker gebruiken dat extra beschermt. Ook bij lichamelijk onderzoek of persoonlijke verzorging is er intensief contact en risico op besmetting. Daarom moeten zorgmedewerkers daarbij ook een mondmasker dragen. Echter als een zorgmedewerker alleen even iets aangeeft aan een patiënt of iemand even snel te hulp schiet, is de kans minimaal dat de zorgmedewerker net op dat ene moment besmet raakt. Daarom is het niet nodig om steeds een mondmasker te dragen. 

Zorgmedewerkers met klachten

Zorgmedewerkers die  last hebben van neusverkoudheid , hoesten of koorts kunnen zich laten testen op coronavirus. Om te voorkomen dat zij patiënten besmetten moeten zij thuisblijven totdat de uitslag van de test bekend is. Alleen bij hoge uitzondering  mag een medewerker met klachten (waarbij geen sprake is van koorts) doorwerken met gebruik van mondmasker en handschoenen totdat de uitslag bekend is. Als de testuitslag positief is blijft de medewerker thuis, tot 24 uur na het verdwijnen van alle klachten  Wanneer een medeweker weer aan het werk mag wordt bepaald in overleg met de werkgever en de bedrijfsarts

Gebruik uit voorzorg

Het is niet zinvol en niet nodig om uit voorzorg altijd een mondmasker te dragen. Hoewel er soms coronavirus wordt aangetoond bij personen die (nog) geen klachten hebben, wordt het virus pas verspreid als het uit de neus of keel komt door hoesten, niezen of via de handen . Daarom is het heel belangrijk om altijd de hygiëne adviezen op te volgen: hoesten of niezen in de ellenboog,  papieren zakdoekjes gebruiken en regelmatig handen wassen. Daarnaast is het belangrijk dat zorgmedewerkers en patiënten al bij lichte klachten worden getest. Zodra er in een wooneenheid of afdeling van een verpleeghuis een besmetting is vastgesteld bij een bewoner of bij een medewerker, moeten er in deze wooneenheid of op deze afdeling maatregelen worden genomen die verder gaan dan alleen het gebruik van mondmaskers. Wat er precies moet gebeuren kan per situatie verschillen. Dit wordt bepaald door een team van deskundigen uit de instelling, zo nodig in overleg met de GGDGemeentelijke Gezondheidsdienst.