Overzicht Nationale surveillance van carbapenemaseproducerende Enterobacteriaceae (CPECarbapenamse-producerende enterobacteriaceae) en MRSAMethicillin-resistant Staphylococcus aureus tot en met week 32 2012

Nationale surveillance van meticillineresistente Staphylococcus aureus (MRSAMethicillin-resistant Staphylococcus aureus).

In onderstaand overzicht vindt u de resultaten van de nationale surveillance van meticillineresistente Staphylococcus aureus (MRSA). Infecties veroorzaakt door meticillineresistente Staphylococcus aureus (MRSA) zijn moeilijk te behandelen door de ongevoeligheid van deze bacterie voor alle β-lactamantibiotica (zoals penicillines, cefalosporines en carbapenems) en hun wisselende gevoeligheid voor andere groepen antibiotica. De nationale surveillance is opgezet om het effect van het MRSA search-and-destroybeleid te monitoren en te toetsen.


In tabel 1 is het totale aantal MRSA-isolaten opgenomen maar tevens het aantal buitenland gerelateerde en veegerelateerde isolaten en er is weergegeven hoeveel isolaten uit mogelijk infectieus materiaal afkomstig zijn en hoeveel afgenomen zijn voor screening.

 

Tabel 1: Overzicht MRSA-isolaten week 1 t/m 32, 2012

2011

2012

Totaal aantal MRSA-isolaten
1838
1966

Aantal buitenland gerelateerde isolaten *

69
67

Aantal veegerelateerde isolaten (ST 398)

767
757

Aantal niet-veegerelateerde isolaten

1071
1209

Aantal screeningsisolaten

1177
1313

Isolaten uit mogelijk infectieus materiaal

651
609

Isolaten uit ander materiaal

10
44


Tabel 2: meest frequent gevonden spa-types tot en met week 32, 2012

 

 

2011

2012

Veegerelateerd (ST 398)

t011

492
494

 

t108

136
126

 

t034

68
64

Niet veegerelateerd

t002

132
122

 

t008

155
112

 

t1081

86
75

Nationale surveillance van carbapenemaseproducerende Enterobacteriaceae (CPECarbapenamse-producerende enterobacteriaceae)

In onderstaand overzicht vindt u de resultaten van de nationale surveillance van carbapenemaseproducerende Enterobacteriaceae (CPE). Doel van de surveillance is het voorkomen van CPE in kaart brengen. In het overzicht is 1 isolaat per patiënt weergegeven en zijn alleen de aangetoonde carbapenemasegenen opgenomen. In het overzicht zijn grote uitbraken niet opgenomen.

CPE-surveillance

Micro-organismen

Gen

Aantallen tot en met week 32, 2012

Klebsiella pneumonia

IMPimipenemase Japan

4

 

VIMVerona integron-encoded metallo beta lactamase

2

 

NDMNew Delhi Metallo-β-Lactamase

5

 

OXAoxacilline hydrolyserend metallo betalactamase-48

4

Enterobacter sppspecies

VIM

1

 

NDM

1

 

OXA 48

2

Escherichia coli

NDM

3

 

OXA-48

3

Indeling van de gevonden carbapenemasen

Drie Amblerklassen (1)

  • A: serinecarbapenemasen KPCklebsiella pneumoniae carbapenemase (Klebsiella pneumoniae-carbapenemase)
  • B: metallocarbapenemasen VIM (Verona integron encoded metallo-ß-lactamas
    NDM (New Dehli metallo-β-lactamase)
  • D: OXA-carbapenemasen OXA-48 (oxacillinehydrolyserende ß-lactamase)

Literatuur

  1. R.P. Ambler, et al. Biochem J. (1991) 276, 269-272.

 

Contactpersoon:

A.P.J. Haenen | Centrum Infectieziektebestrijding, RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, tel. 030 - 274 43 33