De afgelopen maanden heeft ongeveer driekwart van de baby’s een prik gehad tegen het RS-virus Respiratoir Syncytieel-virus (Respiratoir Syncytieel-virus). Hierdoor liggen er deze herfst en winter fors minder baby’s op de kinder-IC’S. Vorig seizoen werden er tot februari nog 178 baby’s opgenomen door het RS-virus. Dit seizoen zijn dat er tot nu toe 43. De prik tegen het RS-virus is sinds september 2025 onderdeel van het Rijksvaccinatieprogramma. 

De prik wordt gegeven door de jeugdgezondheidszorg. Baby’s geboren tot en met eind maart krijgen de prik nog tijdens het huidige seizoen aangeboden. Hoe eerder baby's de prik krijgen, hoe beter. Met name de jongste kinderen hebben de grootste kans om in het ziekenhuis terecht te komen door het RS-virus Respiratoir Syncytieel-virus (Respiratoir Syncytieel-virus). Op dit moment gaat het RS-virus nog steeds rond in Nederland.

Minder IC Intensive care (Intensive care)-opnames 

In de periode van 29 september 2025 tot en met 1 februari 2026 zijn in totaal 43 baby’s op de Nederlandse kinder-IC’s opgenomen met een RS respiratoir syncytieel (respiratoir syncytieel)-virusinfectie. In diezelfde periode vorig jaar, waren dat 178 baby’s. Dat is een daling van 75%. Een groot deel van de daling in de IC-opnames is te danken aan de invoering van de prik tegen het RS-virus. Hoe groot het effect van de prik precies is wordt de komende tijd verder onderzocht.

Minder druk op de zorg

De kinderartsen zijn positief over de invoering van de prik tegen het RS-virus. Kinderarts Valerie Sloof van het Wilhelmina Kinderziekenhuis: “Op de kinder-IC zien we vooralsnog een duidelijke daling van het aantal patiënten met een RS-virusinfectie. Ook is de enorme druk afgenomen die we normaal gesproken in de winter op het aantal beschikbare kinder-IC bedden ondervinden”.  

RS-virus

Het RS-virus kan ernstige infecties aan de luchtwegen veroorzaken. Het virus komt het meest voor in de herfst en winter. Vooral voor jonge baby’s kan het RS-virus gevaarlijk zijn. Zij kunnen benauwd worden of een longontsteking krijgen.

Werking van de prik

De prik beschermt baby’s in hun eerste levensjaar tegen ernstig ziek worden door het RS-virus. Het is geen vaccinatie, maar een immunisatie. De prik bevat antistoffen tegen het virus. De baby hoeft deze antistoffen dus niet zelf aan te maken, wat bij een vaccinatie wel zo is. De prik beschermt vrijwel direct en de bescherming duurt ongeveer 6 maanden. Uit studies in andere landen die de prik al eerder hebben ingevoerd zoals Spanje, Portugal en België blijkt dat er ongeveer 80% minder kinderen door het RS-virus in het ziekenhuis terechtkomen na invoering van de prik.

Zeer weinig bijwerkingen

Er zijn weinig bijwerkingen. Eventuele bijwerkingen zijn huiduitslag, zwelling of roodheid van de prikplek of koorts. Dit komt tot nu toe overeen met de meldingen die Bijwerkingencentrum Lareb Landelijke Registratie Evaluatie Bijwerkingen (Landelijke Registratie Evaluatie Bijwerkingen) heeft ontvangen over de prik tegen het RS-virus. De klachten ontstaan doorgaans binnen een dag na toediening van de prik en gaan meestal vanzelf weer over. Wanneer een baby jonger dan 3 maanden koorts krijgt, kan dit een bijwerking van de prik zijn, maar wordt wel aangeraden contact op te nemen met de huisarts om eventuele andere oorzaken uit te sluiten.

Seizoensprik

Baby's krijgen de prik vlak voor of tijdens het seizoen waarin het RS-virus het meest voorkomt (herfst/winter). Het moment van de prik hangt dus af van de geboortedatum:

  • Baby’s die worden geboren van 1 oktober tot en met 31 maart krijgen de prik binnen twee weken na de geboorte. Dat gebeurt meestal thuis.
  • Baby’s die worden geboren van 1 april tot en met 30 september krijgen de prik in september of oktober, vlak voor de start van het RS-seizoen.