De kennis over microplastics in oppervlaktewater ontwikkelt zich snel, maar kent op dit moment een aantal onzekerheden. Met name de kwaliteit en beschikbaarheid van meetgegevens is nog onvoldoende. Dat constateren het RIVM en (Wageningen University &Research) in een onderzoek naar de bruikbaarheid van risicogrenswaarden voor microplastics in de praktijk. Ook adviseert het RIVM om met betere meetgegevens de risicogrenswaarde voor oppervlaktewater opnieuw te bepalen.
Microplastics komen overal ter wereld voor, ook in Nederlands oppervlaktewater. Het RIVM concludeerde in 2025 dat een methode van de (Wageningen University &Research) geschikt is om de schadelijke effecten op planten en dieren te beoordelen en de resultaten voor beleid te gebruiken. Als vervolg hierop hebben het RIVM en WUR deze methode in de praktijk toegepast. Daaruit blijkt dat op sommige plaatsen en momenten de hoeveelheid microplastics in oppervlaktewater mogelijk schadelijk is voor het milieu. Maar het RIVM kan met deze gegevens nog niet aantonen welke schadelijke effecten kunnen ontstaan.
Kwaliteit meetgegevens nog onvoldoende
Er blijkt nog veel onzeker te zijn over de hoeveelheid microplastics in water en hoe schadelijk dat is. Het nemen van monsters en analyseren van microplastics in oppervlaktewater kost veel tijd en geld. Daarom is er nog maar op een klein aantal plaatsen in Nederland gemeten. Ook zijn de gegevens lastig met elkaar te vergelijken, onder andere omdat er nog geen standaardmethode is voor deze metingen. Vooral deeltjes kleiner dan 20 micrometer zijn moeilijk te meten.
Advies om risicowaarde opnieuw te bepalen
Het is belangrijk dat onderzoek naar de schadelijke effecten van microplastics in oppervlaktewater betrouwbaar is. Maar de risicowaarde die wetenschappers nu gebruiken, is bepaald met onderzoek waarvan kwaliteit van de gegevens niet altijd aan de eisen voldoet. Om een beter onderbouwde uitspraak over schadelijke effecten te kunnen doen, beveelt het RIVM aan om de risicogrenswaarde opnieuw te bepalen met gegevens die wel aan alle eisen voldoen.
Het RIVM deed dit onderzoek in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW).