Vijver in het Houdringe bos

Het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNVMinisterie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit) heeft het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu gevraagd of er op wetenschappelijke gronden een maximale afstand bepaald kan worden voor het berekenen van de stikstofdepositie (neerslag) van een project. Dit wordt een afstandsgrens genoemd en is relevant voor het verlenen van vergunningen. Het RIVM ziet geen wetenschappelijke argumenten voor een afstandsgrens voor stikstofdepositie. Daarom adviseert het RIVM om hierover een beleidsmatige keuze te maken. De overheid bepaalt dan wanneer zij stopt met het berekenen van de stikstofdepositie. Beleidsmakers kunnen de inzichten uit het RIVM-onderzoek over de modellen en berekeningen wel meenemen in hun beslissing.

Ook op grote afstand vindt depositie plaats

De met de modellen berekende depositie zal ook op (zeer) grote afstand daadwerkelijk optreden. Daar is geen twijfel over mogelijk. Wel is de hoeveelheid neerslag op grote afstand heel klein.

Naar aanleiding van het advies van de commissie Hordijk (zie hieronder) is het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu gevraagd een begrenzing te onderzoeken op basis van afstand of de hoeveelheid neerslag. Uit dit onderzoek blijkt dat er geen punt te bepalen is waar de onzekerheid van modellen duidelijk toe- of afneemt. Hetzelfde geldt voor de hoeveelheid neerslag. Daarom valt vanuit de wetenschap geen grens aan te wijzen tot waar er sprake is van stikstofdepositie.

Berekenen van stikstofdepositie

Om te voorkomen dat stikstofgevoelige natuur extra belast wordt, is voor nieuwe projecten een vergunning nodig. Voor het verlenen van die vergunning gebruikt het bevoegd gezag rekenmodellen van het RIVM. Het is namelijk heel moeilijk om de depositie op grotere afstanden van de bron te meten. De modellen zijn gebaseerd op wetenschappelijke uitgangspunten, zoals chemische processen in de lucht en de manier waarop stoffen zich in de lucht verspreiden. De modellen worden niet alleen in Nederland, maar ook in andere landen gebruikt.

Onderzoek na advies commissie Hordijk

Aanleiding voor de vraag van LNVMinisterie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit was een advies van het Adviescollege Hordijk Meten en Berekenen (de ‘commissie-Hordijk’). Dit Adviescollege stelde in 2020 dat er sprake is van ongelijke behandeling van verschillende sectoren. Dit geldt voor de berekening van de stikstofdepositie bij de vergunningverlening van projecten. Een belangrijk punt daarbij is dat voor wegverkeer een afstandsgrens van 5 kilometer wordt gebruikt om een vergunning te verkrijgen. Voor de overige bronnen, zoals landbouw en industrie, geldt er nu nog geen afstandsgrens. Daarnaast stelt de commissie dat er een onbalans is tussen de nauwkeurigheid die vanuit juridisch oogpunt gevraagd wordt en de mate van onzekerheid bij het gebruik van wetenschappelijke modellen.