Wat en waarom?

Het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu coördineert  meerdere landelijke programma’s die ziekte en leed bij zwangeren en kinderen voorkomen. Drie daarvan zijn het Rijksvaccinatieprogramma (RVPRijksvaccinatie programma), de hielprikscreening (NHSneonatale hielprikscreening) bij pasgeboren baby’s en de screening bij vrouwen die 12 weken zwanger zijn (PSIEPrenatale Screening Infectieziekten en Erytrocytenimmunisatie ; Prenatale Screening Infectieziekten en Erytrocytenimmunisatie).

 Jaarlijks worden gemiddeld 170.000 zwangeren en pasgeboren kinderen gescreend. Voor het vaccinatieprogramma worden ruim 2 miljoen vaccins ingekocht. Het vergt dan ook een flinke organisatie en logistiek om deze programma’s goed te kunnen uitvoeren. Het RIVM coördineert de inkoop, opslag en distributie van de vaccins en hielpriksets. Ook zorgt het ervoor dat de gegevens zorgvuldig worden geregistreerd.

RVP
Het RVP beschermt kinderen tegen 12 ernstige infectieziekten. De gemeente geeft hiervoor elke geboorte door aan het RIVM. Vervolgens ontvangen de ouders een oproep om de kinderen te laten vaccineren. Dit gebeurt op een aantal momenten in het eerste levensjaar en vervolgens op de leeftijd van 4, 9 en 12 jaar. Bij de brief zitten een folder en een aantal kaarten voor de juiste vaccinaties. Dankzij het RIVM gebeurt dit in heel Nederland op dezelfde manier en krijgt elk kind het juiste aanbod. Daarnaast wordt ervoor gezorgd dat de vaccins continu koel blijven, dus ook tijdens de opslag en het transport naar de consultatiebureaus. Ten slotte zorgt het RIVM voor de registratie van de gegevens.

Hielprik
De hielprik maakt het mogelijk om zeldzame ernstige ziekten in een heel vroeg stadium op te sporen. Als deze snel worden herkend en behandeld, kan blijvende schade vaak worden voorkomen. Het RIVM verstrekt de opdracht om de hielprikscreening uit te voeren bij pasgeboren kinderen. Ook legt het alle uitslagen vast in een landelijke database. Voor de hielprik is het belangrijk dat de hielprik zo snel mogelijk in het laboratorium kunnen worden onderzocht. Ook zorgt het RIVM ervoor dat ze de uitslagen daarna naar de huisarts en kinderarts gaan. Mocht er iets aan de hand zijn, dan kan het kind snel worden doorverwezen.

PSIE-screening
In het kader van de PSIE worden zwangeren onder meer op hivhumaan immunodeficientievirus, hepatitis B en syfilis gescreend. Dit voorkomt dat deze ziekten op de ongeboren vrucht of de baby worden overgedragen. Ook hier zorgt het RIVM ervoor dat vervolgstappen in gang worden gezet wanneer er wat wordt gevonden. Als de moeder bijvoorbeeld geïnfecteerd blijkt met het hepatitis B-virus, dan wordt het kind na de bevalling gevaccineerd. Dit vaccin zit standaard in het RVP voor baby’s, maar moet in zo'n geval direct bij de geboorte worden gegeven.

Hoe en met wie?

De drie programma's worden bij het RIVM centraal gecoördineerd en uitgevoerd in samenwerking met de Jeugdgezondheidszorg JGZJeugdgezondheidszorg (GGDGemeentelijke Gezondheidsdienst, thuiszorg, CJGLocal Youth and Family Centres), asielzoekerscentra, verloskundigen, huisartsen en kinderartsen.