Wat en waarom

De meeste Nederlanders eten niet volgens de richtlijnen goede voeding die zijn opgesteld door de Gezondheidsraad. Zo eet slechts 5 tot 10 procent van de bevolking voldoende groente en fruit, krijgt 90 procent te veel verzadigd vet binnen, en is ons zoutgebruik veel te hoog. Bovendien heeft de helft van de bevolking overgewicht. Het huidige eetpatroon veroorzaakt dan ook veel ziekten en vroegtijdig overlijden in Nederland.

Ook is de productie en consumptie van voedsel belastend voor het milieu. Wereldwijd is voedsel verantwoordelijk voor 20 tot 30 procent van de broeikasgasemissies. Een duurzamer voedingspatroon zou niet alleen beter zijn voor het milieu, het is vaak ook gezonder. Bijvoorbeeld als we minder vlees zouden eten, of frisdrank zouden vervangen door kraanwater.

De belangrijkste maatschappelijke uitdaging op het gebied van voeding is om te komen tot een gezonder en duurzamer eetpatroon. Het RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu doet onderzoek en geeft advies om hieraan bij te dragen.

Hoe en met wie

Het RIVM brengt in kaart wat de samenstelling is van ons voedsel, wat en hoeveel we eten, en hoeveel we van welke voedingsstoffen binnenkrijgen (voedingsstatus). Daarnaast wordt de relatie tussen voedselconsumptie, gezondheid en duurzaamheid onderzocht. Ook evalueren we de mogelijkheden om voedingsmiddelen en voedselconsumptie gezonder en minder milieubelastend te maken.

Om een gezonder en duurzamer voedingspatroon te realiseren, zijn productverbetering en gedragsverandering heel belangrijk. Bij productverbetering gaat het erom dat producenten producten op de markt brengen die minder zout, vet en suiker bevatten. Het RIVM volgt daarvoor de samenstelling van de producten (monitor herformulering productsamenstelling).Bij gedragsverandering gaat het om de vraag hoe consumenten gezondere en duurzamere voedselkeuzes zouden kunnen maken. Dat kan zowel door veranderingen in omgeving, zoals wetgeving, als door individugerichte maatregelen, bijvoorbeeld via voorlichting of onderwijs.

Het RIVM werkt met veel nationale (onderzoeks)instituten samen die actief zijn op het gebied van voeding en gezondheid. Enkele voorbeelden zijn RIKILT, TNO, Planbureau voor de Leefomgeving (PBL Planbureau voor de Leefomgeving), Wageningen University & Research (WUR Wageningen University & Research), Universiteit Utrecht, Universiteit Maastricht. Hetzelfde geldt voor ziekenhuizen, zoals het AMC Academic Medical Center, de VU Vrije Universiteit en het UMCG Universitair Medisch Centrum Groningen. Ook nemen we deel aan nationale netwerken, bijvoorbeeld het Platform 0-4 jarigen. Internationale samenwerking is er met verschillende universiteiten en onderzoeksinstituten.