De projectleider van het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu vertelt over blootstelling en gezondheidsrisico's.

Blootstelling en gezondheidsrisico's (Nederlandse ondertiteling)

(Beeldtitel: Chroom-6 bij het re-integratieproject tROM in Tilburg: Blootstelling en gezondheidsrisico's. Jan-Paul Zock:)

STILTE

JAN-PAUL ZOCK: Om de kans op werk te vergroten moesten tussen 2004 en 2012 ongeveer 800 Tilburgers meedoen aan het re-integratieproject tROM.
Er werd onder andere gewerkt aan de restauratie van museumtreinen.
Onderzoek toont aan dat een aantal tROM-deelnemers kan zijn blootgesteld aan chroom-6.
Chroom 6 kan in het schuurstof van de oude verflagen van de treinen hebben gezeten.
Stof met chroom-6 kon vooral vrijkomen bij het schuren en bij het gebruik van perslucht bij het schoonmaken.
Eenmaal vrijgekomen kan dit in het lichaam terechtkomen.
Het stof kan worden ingeademd en ingeslikt.
Het onderzoek toont aan dat bij tRom de blootstelling aan chroom-6 zodanig was dat het tot ziekten kan leiden.
De risico's voor de gezondheid hangen af van het soort werkzaamheden, de duur van de werkzaamheden de plek waar ze zijn uitgevoerd en genomen maatregelen.
Daarnaast hangt het risico af van andere factoren zoals leefstijl, arbeidsverleden contact met andere stoffen en persoonlijke gevoeligheid.
Want wanneer iemand ziek is én is blootgesteld aan chroom-6 hoeft dat niet per se te betekenen dat de ziekte het gevolg is van chroom-6.
Deelnemers konden direct of indirect worden blootgesteld.
Directe blootstelling was de hoogste blootstelling.
Indirecte blootstelling kon regelmatig of incidenteel zijn.
Ook werkten er mensen bij tROM die vrijwel niet in de treinloods kwamen.
Hun blootstelling is verwaarloosbaar.
De deelnemers die aan treinen hebben gewerkt kunnen direct zijn blootgesteld aan chroom-6.
Dat geldt ook voor de begeleiders die de werkzaamheden hebben voorgedaan.
Deelnemers en begeleiders die in dezelfde hal ander werk deden, stonden verder weg.
Zij kunnen indirect zijn blootgesteld aan chroom-6.
Mensen die ander werk deden en wel eens in de hal waren zijn mogelijk indirect of incidenteel blootgesteld.
Hoe hoger, vaker of langer de blootstelling hoe groter de kans op het krijgen van ziekten.
De onderzoekers hebben bekeken of directe, indirecte en incidentele blootstelling aan chroom-6 heeft kunnen leiden tot ziekten bij tROM-deelnemers, -begeleiders en andere betrokkenen.
Bij directe, indirecte en incidentele blootstelling aan chroom-6 kunnen longkanker, maagkanker, neus- en neusbijholtekanker en allergische astma en rhinitis ontstaan.
Bij directe en indirecte blootstelling kan daarnaast ook allergisch contacteczeem optreden.
Het is onwaarschijnlijk dat dit ook kan optreden bij incidentele blootstelling.
Als de directe of indirecte blootstelling heel lang duurde kan dit ook leiden tot perforatie van het neustussenschot door chroomzweren.
Alleen directe en langdurige blootstelling kan leiden tot chronische longziekten.
Deze resultaten gelden als naar tROM als geheel wordt gekeken.
Voor een beoordeling voor u persoonlijk spelen meer zaken een rol dan alleen de blootstelling aan chroom-6.
Als u denkt dat u ziek bent geworden door het werken met chroom-6 bij tROM neem dan contact op met het informatiepunt bij het CAOP.
Zij kunnen u wijzen op uw mogelijkheden.

(Beeldtekst: Informatiepunt Chroom-6 Tilburg:
www.tilburg.onderzoekscommissiechroom6.nl.
Telefoon: 06 20 44 81 94.

Het Nederlandse wapenschild met daarnaast: Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu.
Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.

Beeldtekst: Wil je meer weten?
www.rivm.nl/chroom-6-en-carc.)