The first cases involving the Omicron variant of the coronavirus SARS-CoV-2 were reported in South Africa at the end of November 2021. The percentage of cases involving the Omicron variant is rising rapidly, including in the Netherlands. 

The rapid spread of the Omicron variant could lead to a high peak of hospital and ICU admissions, which may exceed care capacity by far. In order to stay ahead of this, the Outbreak Management Team (OMT) recommended expanding the measures on 17 December 2021.

Spread in the Netherlands

As of week 47 (week of 21 November), the Omicron variant has also been found by the Dutch pathogen surveillance. The pathogen surveillance data is updated each Friday afternoon.

Video still: Four questions about the Omicron variant

Watch the video: Four questions about the Omicron variant

14-01-2022 | 5:30 PM: The pathogen surveillance data has been updated until 12 January 2022. This data will be updated as soon as possible.

Results pathogen surveillance

The table below shows the pathogen surveillance results for the Variants of Concern and Variants of Interest identified by WHO and ECDC.  The total number of samples analysed in the context of pathogen surveillance includes not only the variants in this table, but all other variants as well. These results show the samples that were successfully analysed. The samples that were not successfully analysed are not shown in this table. The underlying data is public. The full data set also contains the data on the current Variants under Monitoring.

Weeknumber Total 2021/52 2021/51 2021/50 2021/49 2021/48 2021/47 2021/46 2021/45 2020/49 to 2021/44
Designation 76838 611 1489 1830 1877 1896 1927 1894 1803 63511
Alpha (B.1.1.7) 26267 0 0 0 0 0 0 0 0 26267
Beta (B.1.351)  439 0 0 0 0 0 0 0 0 439
Gamma (P.1)  384 0 0 0 0 0 0 0 0 384
Delta (B.1.617.2) 43486 254 1061 1663 1848 1885 1923 1894 1803 31155
AY.4.2* 463 3 50 58 60 50 50 44 42 106
Mu (B.1.621) 46 0 0 0 0 0 0 0 0 46
Lambda (C.37) 11 0 0 0 0 0 0 0 0 11
Omikron (B.1.1.529) 994 357 428 166 28 11 4 0 0 0

Download the table of virus variants

Pathogen surveillance data is updated weekly. New reports may be added up to and including week 50 of 2021 from the submissions provided by the (current and new) laboratories participating in pathogen surveillance. In any case, the figures for week 51 are not yet complete. In addition, numbers per week may differ from previous publications due to updates of sample collection dates or reclassification of the sample in the registration system (source and contact tracing instead of random sampling). These weekly figures are updated retroactively. 

As of 26 November 2021, ECDC escalated B.1.1.529 variant of interest (VOI) and is therefore included in the table from now on. B.1.616, B.1.620, B.1.427/429 (Epsilon), P.3 (Theta), B.1.525 (Eta), B.1.526 (Iota), B.1.617.1 (Kappa) and P.2 (Zeta) are de-escalated and removed by the WHO and ECDC.

*The numbers for AY.4.2 are also included in the total number for the Delta variant (B.1.617.2)

Increase in Omicron variant

The first cases involving the Omicron variant were reported in travellers from southern Africa.  The variant is now spreading so rapidly that it may very well become the most common and dominant variant in the Netherlands before the turn of the year. Based on data from laboratories and information from pathogen surveillance, RIVM National Institute for Public Health and the Environment is able to assess the increase of the Omicron variant at national level and compare it to the Delta variant.

Graph variants

grafiek verdeling Delta Omikron 21 januari 2022

The graph shows the delta variant and the omicron variant of SARS-CoV-2.

Special PCR test identifies Omicron variant
 

In addition to pathogen surveillance, RIVM National Institute for Public Health and the Environment receives data from laboratories in the Netherlands that are able to detect the Omicron variant using a special PCR test. These laboratories (Saltro, Synlab and Amsterdam UMC) share their data with RIVM. This enables RIVM to assess the percentage of infections with the Omicron variant. RIVM publishes updates every Friday afternoon.

  SYNLAB
Date* Total number of positive specimens Indication of Omicron % Indication of Omicron
1-dec 2622 1 0.0%
2-dec 3345   0.0%
3-dec 3500 1 0.0%
4-dec 3921 5 0.1%
5-dec 3665 3 0.1%
6-dec 2635 5 0.2%
7-dec 3669 5 0.1%
8-dec 2941 13 0.4%
9-dec 3155 11 0.3%
10-dec 2724 23 0.8%
11-dec 2563 18 0.7%
12-dec 1868 22 1.2%
13-dec 1940 23 1.2%
14-dec 2667 72 2.7%
15-dec 2137 74 3.5%
16-dec 2513 161 6.4%
17-dec 1027 81 7.9%
18-dec 1989 195 9.8%
19-dec 1284 135 10.5%
20-dec 1660 237 14,3%
21-dec 1545 303 19,6%
22-dec 1607 408 25,4%
23-dec 1809 517 28,6%
24-dec 1875 605 32,3%
25-dec 1816 645 35,5%
26-dec 1807 781 43,2%
27-dec 1288 574 44,6%
28-dec 1963 1020 52,0%
29-dec 1893 1112 58,7%
30-dec 1923 1267 65,9%
31-dec 3282 2219 67,6%
1-jan 1586 1122 70,7%
2-jan 1917 1462 76,3%
3-jan 2823 2296 81,3%
4-jan 3895 3410 87,5%
5-jan 4120 3642 88,4%
6-jan 3557 3167 89,0%
7-jan 3623 3275 90,4%
8-jan 3710 3363 90,6%
9-jan 3615 3298 91,2%
10-jan 2385 2243 94,0%

 

  SALTRO
Date* Total number of positive specimens Indication Omicron % indication Omicron
1-dec 885 0 0.0%
2-dec 916 1 0.1%
3-dec 888 4 0.5%
4-dec 1121 3 0.3%
5-dec 514 2 0.4%
6-dec 798 2 0.3%
7-dec 852 2 0.2%
8-dec 811 1 0.1%
9-dec 1041 0 0.0%
10-dec 821 3 0.4%
11-dec 553 7 1.3%
12-dec 656 6 0.9%
13-dec 263 0 0.0%
14-dec 168 5 3.0%
15-dec 775 30 3.9%
16-dec 964 45 4.7%
17-dec 922 64 6.9%
18-dec 751 82 10.9%
19-dec 777 92 11.8%
20-dec 574 75 13,1%
21-dec 1008 176 17,5%
22-dec 1171 297 25,4%
23-dec 1673 491 29,3%
24-dec 1350 422 31,3%
25-dec 1152 455 39,5%
26-dec 796 343 43,1%
27-dec 1125 561 49,9%
28-dec 1430 800 55,9%
29-dec 1318 792 60,1%
30-dec 1481 939 63,4%
31-dec 1695 1139 67,2%
1-jan 1445 1054 72,9%
2-jan 1942 1518 78,2%%
3-jan 1652 1359 82,3%
4-jan 2417 2096 86,7%
5-jan  2664 2347 88,1%
6-jan 1989 1769 88,9%
7-jan 2028 1828 90,1%
8-jan 1942 1804 90,1%
9-jan 2165 1980 91,5%
10-jan 1366 1275 93,3%

 

  GGD Amsterdam/AmsterdamUMC/Inbiome
Datum* Total number of positive specimens Indication Omicron % indication Omicron
1-dec      
2-dec 200 1 0.5%
3-dec      
4-dec      
5-dec 170 2 1.2%
6-dec 189 5 2.7%
7-dec 190 4 2.1%
8-dec 189 6 3.2%
9-dec 191 6 3.1%
10-dec      
11-dec      
12-dec 189 7 3.7%
13-dec 188 22 11.7%
14-dec 192 27 14.1%
15-dec 189 47 24.9%
16-dec 189 33 17.5%
17-dec 60 13 21.7%
18-dec 51 18 35.3%
19-dec 94 33 35.1%
20-dec 95 46 48,4%
21-dec 106 63 59,4%
22-dec 89 56 62,9%
23-dec 79 46 58,2%
24-dec      
25-dec      
26-dec 93 60 64,5%
27-dec 94 72 76,6%
28-dec 92 74 80,4%
29-dec 87 73 83,9%
30-dec 87 71 81,6%
31-dec      
1-jan      
2-jan 76 69 90,8%
3-jan 88 84 95,4%
4-jan 94 90 95,7%
5-jan 72 71 98,6%
6-jan 86 83 96,5%
7-jan      
8-jan      
9-jan 71 66 93,0%
10-jan 71 70 98,6%
11-jan 91 88 96,7%
12-jan 89 84 94,4%

Het RIVM National Institute for Public Health and the Environment publiceert wekelijks op vrijdagmiddag de data van Synlab, Saltro en het samenwerkingsverband in de regio Amsterdam. De gegevens kunnen in de loop van de week nog veranderen omdat ze door de labs dagelijks worden bijgewerkt. De aantallen van de laatste dagen zijn in sommige gevallen nog niet volledig.

*datum in bovenstaande tabellen kan zijn datum van monstername en/of datum van testuitslag.

Omikronvariant ook in het rioolwater gevonden

Ook het rioolwater wordt onderzocht op de aanwezigheid van verschillende varianten van het coronavirus. Sinds week 48 (29 november tot en met 5 december) wordt de omikronvariant ook in het rioolwater gevonden. 

Wat maakt de variant Omikron anders dan eerdere varianten?

Eerdere varianten die in Nederland aangetroffen werden, zoals de alfa- en de deltavariant, waren besmettelijker dan de oorspronkelijke variant van het coronavirus. Dat kwam onder andere doordat ze veranderingen aan het spike-eiwit van het virus hadden: de stekeltjes van het virus. De omikronvariant heeft ook veranderingen aan dit eiwit. Maar het zijn er veel meer dan bij de alfa- en de deltavariant. 

Bescherming na ziekte of vaccinatie 

De eerste onderzoeken laten zien dat mensen minder goed beschermd zijn tegen de omikronvariant. Mensen kunnen de omikronvariant van het virus krijgen terwijl zij het coronavirus al eerder hebben gehad of al zijn gevaccineerd. De effectiviteit van de vaccins tegen besmetting is zonder boostervaccinatie aanzienlijk lager dan bij de deltavariant

Over de effectiviteit van de huidige vaccins tegen opname in het ziekenhuis of op de IC is nog weinig bekend. Daar wordt (inter)nationaal veel onderzoek naar gedaan. Het RIVM volgt dit via internationale netwerken. 

Boosterprik

De hoogte van de piek en het aantal zieken en ziekenhuisopnames kunnen teruggebracht worden door zo veel mogelijk gevaccineerde mensen zo snel mogelijk hun boosterprik te geven. Bescherming tegen een besmetting met de omikronvariant neemt na een boosterprik fors toe. Zo blijkt uit onderzoek uit Engeland. 

Kunnen we met PCR-testen de omikronvariant goed vaststellen?

Ja. Verschillende laboratoria, waaronder het referentielaboratorium van de WHO, hebben hier onderzoek naar gedaan en dit bevestigd. PCR-testen tonen de aanwezigheid van een stukje genetisch materiaal van het coronavirus SARS-CoV-2aan in neus- en keelslijm. PCR-testen worden gebruikt om te bepalen of je het virus bij je draagt. Je krijgt bij de uitslag van een test niet te horen met welke variant van het coronavirus je besmet bent. Om dat te kunnen bepalen is verder onderzoek nodig. Het zogenaamde sequentieonderzoek. Dat betekent dat het virus, dat is afgenomen met een wattenstok in de neus en keel, verder wordt onderzocht. We kijken dan naar de bouwstenen van het virus. Door te kijken hoe het virus is opgebouwd kun je kenmerkende ‘bouwsteentjes’ van een variant herkennen. 

Werken de zelftesten ook goed bij de omikronvariant?

Ja, antigeentesten zijn ook goed om de omikronvariant vast te kunnen stellen. Dat geldt dus ook voor de zelftesten. Ook hier hebben verschillende laboratoria onderzoek naar gedaan en dit bevestigd. Het RIVM heeft dit gedaan voor een 6-tal zelftesten, zie onderzoek naar zelftesten bij de omikronvariant en voorgaand onderzoek van dezelfde zelftesten met wildtype virus Een zelftest is een antigeentest die geschikt is voor thuisgebruik. Antigeentesten kijken, net als PCR-testen, alleen of je het virus op dat moment bij je draagt. De test kijkt niet met welke variant van het coronavirus je besmet bent. Om dat te kunnen bepalen is verder onderzoek nodig. Hiervoor moet dan een nieuw monster afgenomen worden voor een PCR-test, waarna het zogenaamde sequentieonderzoek volgt. Dat betekent dat het virus, dat is afgenomen met een wattenstok in de neus en keel, verder wordt onderzocht. We kijken dan naar de bouwstenen van het virus. Door te kijken hoe het virus is opgebouwd kun je kenmerkende ‘bouwsteentjes’ van een variant herkennen. 

Travellers from southern Africa must go into quarantine immediately: stay home and contact the Municipal Public Health Services (GGDs) to make an appointment to get tested. The  GGD has opened a special hotline for these high-priority tests: 0800-5005. Get tested even if you do not have any symptoms, are already vaccinated, or previously tested positive for COVID-19.You should not have any visitors. These precautions apply at least until the test results are known and you have received instructions from the GGD.

 

Which countries?

These precautions are advised for people who have returned from:

  • South Africa
  • Botswana
  • Malawi
  • Lesotho
  • Swaziland
  • Namibia
  • Mozambique
  • Zimbabwe
  • Nigeria

How long do I have to stay in quarantine?

Stay in quarantine for 10 days. You can get tested by the GGD after 5 days. If you test negative on the fifth day, then you may be released from quarantine after receiving that negative test result.

I visited the region by myself. Does my family also need to go into quarantine?

No, your family or household members do not need to be quarantined as a preventive measure. Your family or household members will only have to go into quarantine if you yourself test positive for COVID-19.