Er zit een gat tussen de ambities en de daadwerkelijke aanpak van lekkage van pre-productie plastics (pellets) naar het milieu. Sommige bedrijven nemen vrijwillig maatregelen. Dit blijft mensen werk en maatregelen zijn relatief duur. Daarnaast ontbreken eenduidige eisen in de milieuvergunningen en handhaving daarop. De Europese Unie heeft in de EU European Union plastic strategy maatregelen aangekondigd. Nederland ondersteunt de Europese plastic strategy.

Deze plastic korrels, poeders en vlokken komen vrij door morsen bij de productie, overslag en transport. Overal ter wereld worden ze op stranden aangetroffen. Door hun kleine formaat zijn het microplastics. Zij vormen een risico voor consumptie door (mariene) diersoorten en uiteindelijk voor de hele voedselketen. 
 
Verschillende organisaties monitoren de hoeveelheid pre-productie plastics in het milieu. Zo monitort Nurdle hunter het aantal pre-productie plastics dat op stranden wordt aangetroffen. International pellet watch analyseert de verontreinigingen van de plastics. Veel van de aangetroffen verontreiniging komt van oorsprong niet in het plastic voor. De plastics hebben deze verontreinigingen waarschijnlijk tijdens het verblijf in het water geadsorbeerd. Daarom vergroot de adsorptiecapaciteit het potentiele risico van pre-productie plastics.

Overheid in actie

In januari 2018 publiceerde de Europese Unie de Europese Plastic strategy. Hierin staat dat de volgende maatregelen tegen het verlies van pre-productie plastics worden verkend:
  • Maatregelen om het verlies van pre-productie plastics te voorkomen op basis van nieuwe beste beschikbare technieken (BBT). Alle polymeerproducenten in Europa moeten deze maatregelen implementeren. Handhaving zal via kwaliteitssystemen en milieuvergunningen worden geborgd. 
  • Een verordening voor het vermijden van het verlies van de plastics tijdens het transport, door het gebruik van best practice-normen. 
  • Regelgeving waardoor degenen die plastic op de markt brengen moeten zorgen dat hun hele toeleveringsketen goede praktijken laat zien om plasticverlies te voorkomen.
  • Uitgebreide regelingen voor producentenverantwoordelijkheid om de kosten van herstelmaatregelen te dekken.
  • De ontwikkeling van een testnorm voor de kwantificering (zowel in massa als aantal) van de microplastics in de influent-, effluent- en slibuitstoot van afvalwaterzuiveringsinstallaties.
  • Regelingen onder producentenverantwoordelijkheid om de kosten van opruimacties door te rekenen.

OSPAR

Binnen de OSPAR, The Convention for the Protection of the Marine Environment of the North-East Atlantic, staan micro-plastics hoog op de agenda. OSAR heeft als doel om de hoeveelheid marien afval in 2020 substantieel te verlagen tot gehaltes waarbij deze geen schade veroorzaken. Daartoe zijn regionale actieplannen opgesteld. Een van de kerndoelen daarin is zero pellet loss (nul verlies van pre-productie plastics). 

Maatregelen in de keten

De plasticsproductieketen is 25 jaar geleden Operation Clean Sweep (OCS) gestart. Dit is een gezamenlijk programma dat de verspreiding van pre-productie plastics naar het milieu wil voorkomen. De grootste bedrijven zijn hier inmiddels bij aangesloten en hebben een centrale ondersteuning om maatregelen binnen aangesloten bedrijven door te voeren. 
 
Tijdens twee werkbezoeken die het RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu bracht aan bedrijven die zich bij Operation Clean Sweep hebben aangesloten bleek dat deze bedrijven verregaande maatregelen nemen. Er zit echter ruimte tussen het treffen van een maatregel en de werkwijzes. Zo zijn de stoffer en blik die om de 30 meter aanwezig zouden moeten zijn bij het op- en overslagbedrijf in geen velden of wegen te zien. Ook is onduidelijk waar men het opgeveegde materiaal zou moeten laten.  Een bedrijf heeft geconstateerd dat chauffeurs deze voorzieningen meenemen en zij op grote schaal uit het bedrijf verdwenen. 
 
Een ander knelpunt is dat chauffeurs zelf de belading doen en veelal het Nederlands en Engels niet machtig zijn. Hierdoor is voorlichting en instructie een uitdaging. 
 
Over het terrein rijden continue twee veegauto’s rond die morsingen opvegen er ligt ook daadwerkelijk weinig op de grond en in de straatkolken. De veegauto’s vegen echter droog en dat werkt niet als het regent. Daarom zijn er inmiddels dweilauto’s besteld ter vervanging.  
 
Er zijn dus wel degelijk initiatieven binnen bedrijven om morsen en lekkage van pellets naar het milieu te voorkomen. Het blijft echter mensenwerk en er hangt een aanzienlijk prijskaartje aan maatregelen.
 
Door het ontbreken van eenduidige eisen in de milieuvergunningen zit er een aanzienlijk hiaat zit tussen ambitie en praktijk. Dit is een gat waar de EU European Union -regelgeving invulling aan kan geven. De verwachting is echter dat men dit via de kwaliteitssystemen wil doen. Dit is minder verplichtend dan de weg van de milieuvergunningen.