Het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu heeft in mei 2018  de metingen die de kerncentrale Borssele zelf uitvoert in de directe omgeving van de kerncentrale gecontroleerd. Hiervoor zijn diverse monsters geanalyseerd die in de maand mei op diverse plekken zijn genomen. Er is hierin geen radioactiviteit afkomstig van de kerncentrale aangetroffen.

De kerncentrale Borssele laat NRGNuclear Research Group maandelijks monsters nemen van gras, water, luchtstof, sediment en zeewier. En jaarlijks een grondmonster. NRGNuclear Research and consultancy Group bepaalt vervolgens de stralingsactiviteit in deze monsters. In het algemeen komen de data van het RIVM en NRG met elkaar overeen. Het RIVM heeft in 2018 in enkele monsters zeer lage hoeveelheden radioactiviteit aangetroffen. Dit is niet ongebruikelijk, omdat er in de Nederlandse bodem van nature en als gevolg van de Tsjernobyl ramp lage hoeveelheden radioactiviteit  aangetroffen kunnen worden.