Westerschelde bij Terneuzen

Het RIVM heeft berekend hoe vaak hobbyvissers producten uit de Westerschelde kunnen eten zonder hierdoor teveel PFAS Per- en polyfluoralkylstoffen (Per- en polyfluoralkylstoffen ) binnen te krijgen. Het gaat daarbij om vis, garnalen, oesters, mosselen en lamsoor (een zeegroente).  Het is belangrijk om, behalve lamsoor, deze producten zo min mogelijk te eten. Dat komt omdat ze veel PFAS bevatten. Het eten van producten uit de Westerschelde draagt extra bij aan de al hoge PFAS-blootstelling via andere bronnen in Nederland.

Gezondheidskundige grenswaarde 

Het RIVM heeft berekend hoe vaak volwassenen een portie van vis (wijting, bot, spiering en zeebaars), garnalen, oesters, mosselen of lamsoor uit de Westerschelde kunnen eten. Met deze aantallen blijft de hoeveelheid PFAS Per- en polyfluoralkylstoffen (Per- en polyfluoralkylstoffen ) die mensen hierdoor binnen kunnen krijgen onder de gezondheidskundige grenswaarde. Als mensen meer PFAS binnenkrijgen dan deze grenswaarde, zijn nadelige gezondheidseffecten mogelijk. 

Resultaten

Volwassenen kunnen lamsoor wat PFAS betreft, onbeperkt eten. 
Een portie zelf gevangen bot uit de Westerschelde kan twee keer per jaar worden gegeten. Voor zeebaars is dat 1 tot 6 keer en voor spiering 2 tot 15 keer. Een portie wijting kan 4 tot 19 keer per jaar worden gegeten en een portie garnalen 5 tot 6 keer. Voor oesters en mosselen uit de Westerschelde is dit maximaal 7 keer per jaar tot 2 keer per week.   

Het RIVM geeft bandbreedtes voor het eten van deze producten omdat in dit onderzoek op verschillende locaties verschillende producten bemonsterd zijn. Ook is er onzekerheid over hele lage concentraties PFAS in de producten, omdat deze niet gemeten konden worden. De resultaten zijn gebaseerd op het eten van één van deze producten. Worden meerdere producten gegeten, dan kan dat dus per product minder vaak. Deze resultaten houden geen rekening met de blootstelling uit andere bronnen (voedsel en drinkwater). Omdat de blootstelling aan PFAS door deze bronnen al hoog is, is het belangrijk zo min mogelijk van producten uit de Westerschelde te eten.  

Over PFAS 

PFAS zijn stoffen die door de mens gemaakt zijn. Ze komen van nature niet voor in voedsel of drinkwater. Door emissies uit fabrieken en bijvoorbeeld door het gebruik in brandblusmiddelen zijn de stoffen in onze leefomgeving terecht gekomen. En daardoor ook in voedsel en drinkwater. Het RIVM heeft eerder al berekend dat mensen in Nederland op deze manier waarschijnlijk al meer PFAS binnenkrijgen dan de gezondheidskundige grenswaarde.

Minder PFAS

Het is belangrijk ervoor te zorgen dat er minder PFAS in de leefomgeving terechtkomen. Daarom werkt het RIVM in opdracht van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat mee aan een Europees voorstel om het gebruik en de productie van PFAS aan banden te leggen. Omdat PFAS heel langzaam afbreken, blijven ze nog jarenlang in onze leefomgeving aanwezig. Daarom werkt de overheid er aan om het contact met deze stoffen zoveel mogelijk te voorkomen. 

De kennis over PFAS en gezondheid is en blijft in ontwikkeling. Het RIVM doet nog verder onderzoek onder andere naar PFAS in bodem, oppervlaktewater en drinkwater.