Overslaan en naar de inhoud gaan Direct naar de hoofdnavigatie
Rijksoverheid logo | naar de homepage van RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid
en Milieu
Ministerie van Volksgezondheid,
Welzijn en Sport
  • Nederlands
  • English
RIVM De zorg voor morgen begint vandaag
  • Home
  • Onderwerpen
  • Over RIVM
  • Publicaties
  • International
  • Contact
  • Agenda
  • MijnRIVM
  • Nederlands
  • English
  • Home
  • Pagina

Pagina's gerelateerd aan "Staphylococcus aureus"

Terug naar onderwerp

Staphylococcus aureus-infecties - informatie voor professionals

Hier vinden zorgprofessionals informatie over de Staphylococcus aureus-infecties, zoals de LCI-richtlijn, surveillance en diagnostiek.

Staphylococcusneusdragerschap bij huisartsen in Nederland

Staphylococcus aureus is een commensale bacterie die voorkomt op de huid en de slijmvliezen, met name van de neus. De bacterie is bij ongeveer 25% van de gezonde mensen altijd aanwezig, bij, 50% soms wel soms niet en bij 25% nooit. Derhalve kunnen we een onderscheid maken in dragers, intermitterende dragers en niet-dragers. (1) De commensale bacterieflora van zowel patiënten als gezonde personen vormen een belangrijk reservoir van antibioticaresistente bacteriën en resistente genen die overgedragen kunnen worden naar antibioticagevoelige, potentieel pathogene micro-organismen. (2) Antibioticagebruik wordt algemeen beschouwd als de belangrijkste risicofactor voor de selectie en verspreiding van antibioticaresistente micro-organismen. Ongeveer 80% van het humane antibioticagebruik wordt in de huisartsenpraktijk voorgeschreven, het merendeel voor luchtweginfecties. (3) Dit antibioticagebruik zal leiden tot selectie van antibioticaresistente luchtwegpathogenen, inclusief S. aureus, de verwekker van ernstige pneumonieën na influenza. (4) Daarnaast is S. aureus de meest voorkomende verwekker van huidinfecties. (5)

Stoppen met studie geneeskunde omwille van MRSA-dragerschap?

Een student geneeskunde bleef ondanks meerdere behandelingen maandenlang drager van Meticillineresistente Staphylococcus aureus (MRSA). Het MRSA-dragerschap werd ontdekt nadat de KNO-arts een ooruitstrijk afnam in verband met een oorinfectie. Nadat de student driemaal zonder succes was behandeld werd een contactonderzoek gestart en werden 3 MRSA-positieve familieleden gevonden met hetzelfde Spa-type t008. Mogelijk speelt de familie een belangrijke rol bij het in stand blijven van het dragerschap. Tijdens de vierde behandeling werden deze familieleden meebehandeld. Al in de follow-upperiode testten zij allen weer MRSA-positief. De student mag volgens de richtlijnen van de Werkgroep Infectie Preventie (WIP) geen patiëntencontact hebben. Hierdoor loopt niet alleen zijn komende co-assistentschap maar ook de rest van zijn studie geneeskunde en daarmee zijn uiteindelijke beroepsuitoefening gevaar.

Commentaar bij 'Stoppen met de studie geneeskunde omwille van MRSA-dragerschap?'

Het Nederlandse beleid ten aanzien van meticillineresistente Staphylococcus aureus (MRSA), zoals dat is verwoord in de WIP-richtlijnen, streeft ernaar de verspreiding van MRSA in de gezondheidszorg zoveel mogelijk te voorkomen. Dit streven dient het belang van de individuele patiënt, de individuele werker in de gezondheidszorg en het algemene belang. De individuele patiënt en gezondheidszorgwerker lopen minder kans op een infectie met MRSA, met alle gevolgen van dien, en het algemeen belang is gediend met de mogelijkheid van een terughoudend antibioticumbeleid en lagere kosten voor de gezondheidszorg. Dit beleid is inderdaad kosteneffectief gebleken. (1,2) Meestal ontstaat er geen belangrijk conflict. tussen de genoemde belangen en kunnen ze allen in redelijkheid gediend worden. Maar een enkele keer ontstaat er wel een conflict. Een voorbeeld is het verhaal van de geneeskundestudent in het artikel ‘Stoppen met de studie geneeskunde omwille van MRSA-dragerschap?’

MRSA-dragerschap bij vleeskalverhouders, hun familieleden en dieren

In 2007 is Meticillineresistente Staphylococcus aureus (MRSA) voor het eerst bij vleeskalveren en vleeskalverhouders in Nederland aangetoond. Sinds de eerste waarnemingen van dragerschap zijn meerdere studies uitgevoerd die samengevat worden in dit artikel.

MRSA bij paarden in Nederland: mogelijke tranmissie naar de mens?

Meticillineresistente Staphylococcus aureus (MRSA) komt de laatste jaren steeds vaker voor bij paarden. Van 2003 tot 2005 ging het vooral om sporadische gevallen van het multilocus sequence type (MLST) ST8 en Spa-type t064. De 20-40 klinische gevallen (eerste isolaten) die op dit moment door het Veterinair Microbiologisch Diagnostisch Centrum (VMDC) worden gemeld betreffen vaak wondinfecties na operaties waarbij het meestal gaat om de veegerelateerde MLST ST398 die sinds 2006 wordt gevonden. Spa-type t011 komt nu het meest voor, maar t588 en t2123 worden ook gevonden. MRSA van MLST-ST8 Spa-type t064 komt tegenwoordig minder vaak voor (zie figuur 1). Deze Spa-typen worden ook bij de mens gevonden.

De invloed van meticillineresistente Staphylococcus aureus op morbiditeit, mortaliteit en ziektelast in de klinische praktijk

In dit proefschrift worden de resultaten gepresenteerd van een reeks klinische studies en systematische literatuur studies met als doel om de invloed te evalueren van meticillineresistente Staphylococcus aureus (MRSA)-infecties op de totale ziektelast in de klinische praktijk, met inbegrip van morbiditeit en mortaliteit.

Kosten en gevolgen van het MRSA-beleid in Nederlandse ziekenhuizen

Ziekenhuisinfecties met meticillineresistente Staphylococcus aureus (MRSA) zijn geassocieerd met hoge mortaliteit en kosten. Om deze redenen is het belangrijk om MRSA- infecties zoveel mogelijk te voorkomen. In 2008 werd 0.7% van alle S. aureus bacteriëmieën in Nederlandse ziekenhuizen veroorzaakt door MRSA. (3) De belangrijkste reden voor deze lage prevalentie is het MRSA-beleid (ook wel search-and-destroybeleid genoemd) dat in de huidige vorm sinds 1988 wordt toegepast in de Nederlandse ziekenhuizen en is vastgelegd in de richtlijn van de Werkgroep Infectie Preventie (WIP). (4) De maatregelen zijn destijds gebaseerd op 2 epidemiologische kenmerken: MRSA-dragerschap bij gezonde mensen is verwaarloosbaar en de belangrijkste risicofactor voor MRSA-dragerschap is opname in een buitenlands ziekenhuis. Hoewel effectief, vraagt het beleid veel inspanning van medewerkers in de gezondheidszorg en gaat het gepaard met hoge kosten. (5) Recent zijn zowel de epidemiologie van MRSA als de diagnostische mogelijkheden om dragerschap aan te tonen in belangrijke mate veranderd en het is dan ook tijd voor een kritische beschouwing.

Gezelschapsdieren, bron van MRSA?

Aan het Veterinair Microbiologisch Diagnostisch Centrum (VMDC) van de faculteit Diergeneeskunde wordt regelmatig de vraag gesteld of gezelschapsdieren de bron van besmetting met meticillinerestistente Staphylococcus aureus (MRSA) bij de mens kunnen zijn en of zij een rol kunnen spelen bij een falende eradicatiebehandeling van mensen.

Paginering

  • Huidige pagina 1
  • Pagina 2
  • › Volgende ›
  • » Laatste »

Service

  • Contact
  • Persinformatie
  • Werken bij het RIVM
  • Klachten
  • Woo-verzoeken bij het RIVM
  • Zakendoen met het RIVM
  • Huisregels sociale media

Over deze site

  • Cookies
  • Privacy
  • Toegankelijkheid
  • Disclaimer en copyright
  • Coordinated Vulnerability Disclosure
  • Website archief

Talen

  • English
  • Nederlands

Volg ons

  • Abonneren nieuwsbrieven
  • RSS feed
  • X Twitter
  • Facebook
  • LinkedIn
  • Youtube
  • Instagram
  • Mastodon