Binnen dit punt-prevalentieonderzoek wordt van elke bewoner in het verpleeghuis een aantal gegevens geregistreerd. Zo wordt de aanwezigheid van hulpmiddelen zoals een urethrakatheter geregistreerd en het antibioticumgebruik op de dag van de registratie.

Van elke bewoner wordt bepaald of deze een of meer van de volgende zorginfecties heeft:

  • sepsis / bacteriëmie,
  • infectie van de onderste luchtwegen,
  • urineweginfectie,
  • gastro-intestinale infectie
  • huidinfectie.

Het prevalentieonderzoek is  een punt-prevalentieonderzoek, dit wordt uitgevoerd in de maanden april en november. In een ideale situatie vindt de gegevensverzameling in het verpleeghuis op één dag plaats. In de praktijk wordt de gegevensverzameling uitgevoerd binnen een 1 maand, waarbij cliënten van een bepaalde afdeling wel op één dag worden geïncludeerd.

Het prevalentieonderzoek signaleert op landelijk niveau de trends in het vóórkomen van zorginfecties. Op instellingsniveau dient het onderzoek als hulpmiddel bij het bepalen van hoogrisico populaties. De resultaten kunnen richtinggevend zijn bij het starten van interventies of aanvullend onderzoek. Het protocol is tot stand gekomen in samenwerking met een expertgroep van specialisten ouderengeneeskunde, adviseurs infectiepreventie en arts-microbioloog en met het Regionaal Zorghygiëne Netwerk Nijmegen en omstreken (REZONRegionaal Zorghygi?ne Netwerk Nijmegen en omstreken).