In het kader van zoönose en dierziekte surveillance van in Nederland in de natuur levende dieren, worden ondermeer dode reeën door het Dutch Wildlife Health Centre (DWHC) post-mortaal onderzocht. Op verzoek van het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie (EL&I, voorheen LNV) worden monsters van een aantal van deze reeën nu ook retrospectief getest op Coxiella burnetii door middel van PCR. Een deel van de geteste reeën zijn verkeersslachtoffers, aangeleverd door buitengewoon opsporingsambtenaren (BOA). De vraag is nu: Stel dat er PCR-positieve reeën tussen zitten, welk risico op Q-koorts hebben de BOA dan gelopen?