Naast het grootschalig vragenlijstonderzoek wordt er voor het Coronadashboard driewekelijks een steekproef getrokken die representatief is voor de Nederlandse bevolking en waarvan de resultaten uit te splitsen zijn naar Veiligheidsregio’s. Tussen 1 en 7 juni jl. heeft hiervoor de dertiende meting plaatsgevonden. Aan deelnemers is gevraagd naar naleving van en draagvlak voor de basis gedragsregels die gelden in Nederland vanwege de corona-pandemie. Deze rapportage is een beknopt verslag van de belangrijkste veranderingen ten opzichte van de vorige meting. 

Naleving van de gedragsregels

Figuur 1 geeft een beeld van de naleving van, en het draagvlak voor de basis gedragsregels. De groene en rode lijnen betreffen een statistisch significante verandering ten opzichte van de meting drie weken eerder. In deze ronde is geen enkele maatregel statistisch significant toegenomen (er zijn dus geen groene lijnen). Bij de gele lijnen is er geen sprake van een statisch significante verandering omdat de verandering ten opzicht van de ronde ervoor minimaal was. 

Figuur 1: Ontwikkeling van naleving en draagvlak voor de basis gedragsregels ronde 13

Figuur 1: Ontwikkeling van naleving en draagvlak voor de basis gedragsregels (rood: statistisch significante afname; groen: statistisch significante toename; geel: geen statistisch significante toe- of afname).

De linker grafiek in figuur 1 toont dat in de laatste meetronde (1 - 7 juni 2021) de naleving van de gedragsregels varieert van 33,9% voor 'vaak handen wassen' tot 98,2% voor het 'dragen van een mondkapje in het openbaar vervoer'.

Vaak handen wassen is de gedragsregel waarvan de minste deelnemers aangeven dat ze deze de afgelopen week hebben nageleefd. Hierbij moet wel opgemerkt worden dat het gerapporteerde percentage is gebaseerd op minimaal 10 keer handen wassen per dag, wat een arbitrair afkappunt is. Uit het grootschalig cohort onderzoek van de RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu Corona Gedragsunit blijkt dat wanneer men in een situatie belandt waarin je je handen behoort te wassen (bijv. bij thuiskomst, op bezoek gaan, na toiletbezoek, etc), dit in gemiddeld 75% van de gevallen lukt. Dit is dus een andere maat.

De linker figuur geeft ook de ontwikkeling van de naleving tussen de laatste (1 - 7 juni 2021) en de voorlaatste meting (11 - 17 mei 2021). Hieruit blijkt dat drie gedragsregels de naleving is gedaald. Het gaat om 1) Het dragen van mondkapjes in publieke binnenruimtes, 2) Vermijden van drukke plekken en 3) Anderhalve meter afstand houden. Naleving van de andere zeven gedragsregels is stabiel. De naleving van thuisblijven bij klachten is met ruim 4 procentpunt gedaald. Deze afname is echter niet statistisch significant. Dit komt mogelijk omdat de groep deelnemers met corona-gerelateerde klachten steeds kleiner wordt (nl. 8,5% van alle respondenten). 

Draagvlak voor de gedragsregels

In de rechterhelft van figuur 1 is te zien dat het draagvlak in de laatste meetronde varieert van 44,9% voor het thuis ontvangen van maximaal twee bezoeker tot 90,3% voor thuisblijven bij klachten

Deze figuur toont dat van de 10 gedragsregels er 7 statistisch significant gedaald zijn. De andere 3 zijn gelijk gebleven. De grootste daling zien we bij het ontvangen van maximaal 4 personen thuis. In de vorige meetronde was deze juist gestegen van 34,5% naar 52% als gevolg van verruiming van de maatregel (van 1 naar 2 personen). Nu is deze weer gedaald naar 44,9%. Het maximaal aantal personen tegelijkertijd thuis ontvangen is 4. Dit aantal is ten tijde van deze meetronde aangepast. Op 5 juni is het maximaal aantal bezoekers aangepast van 2 naar 4 bezoekers.  

Trends over tijd

Figuur 2 toont per gedragsregel de trend sinds het begin van de metingen begin oktober 2020. Vanaf die tijd was er elke drie weken een meting naar naleving van en draagvlak voor de gedragsregels onder de bevolking. Tevens is er informatie verzameld over de eigen effectiviteit. Dit houdt in dat aan deelnemers is gevraagd hoe moeilijk of makkelijk ze een maatregel vinden. In figuur 2 is het percentage deelnemers weergegeven dat een maatregel (heel) makkelijk vindt.

Wat opvalt is dat draagvlak en naleving voor sommige maatregelen ver uit elkaar liggen. Voor drie twee gedragsregels ligt het draagvlak lager dan de naleving. Voor de andere regels ligt het draagvlak juist hoger dan de naleving of in het geval van het dragen van mondkapjes in publieke binnenruimtes op gelijk niveau. 

In deze ronde zien we dat de naleving van het maximaal aantal bezoekers blijft stabiel terwijl het draagvlak daalt van 52% naar 45%. Het draagvlak en de naleving van thuiswerken dalen gestaag. 

Voor de indicator ‘Blijf thuis bij klachten’ moet opgemerkt worden dat er sprake is van een trendbreuk vanaf ronde 11 wegens een verbeteringsslag die is gemaakt in de berekening. Door het stellen van een extra vraag aan de respondenten houden we nu rekening met geldige redenen om naar buiten te gaan ondanks dat je klachten hebt. Een voorbeeld is om een dringende medische reden of om je te laten testen. Het verschil met de oude berekeningswijze in ronde 11 was het berekende percentage ongeveer 12 procentpunt lager. Zie ook het verantwoordingsdocument

Als we kijken naar de eigen effectiviteit, dan zien we dat het percentage deelnemers dat een gedragsregel (heel) makkelijk vindt vaak dezelfde trend volgt als het draagvlak voor diezelfde gedragsregel. De eigen effectiviteit ligt over het algemeen alleen wat lager. Opvallend is dat het verschil tussen draagvlak en het percentage deelnemers dat dit (heel) makkelijk vindt bij thuiswerken, minder groot is geworden.  

Grafieken trends in naleving en draagvlak van de gedragsregels ronde 13

Figuur 2: Trends in naleving, draagvlak en effectiviteit van de gedragsregels.

Naleving en draagvlak van de gedragsregels per leeftijdscategorie

Figuur 3 toont per gedragsregel de naleving en het draagvlak per leeftijdscategorie. Uit de figuur blijkt dat het draagvlak voor de verschillende maatregelen over het algemeen toeneemt met de leeftijd; hoe ouder de respondenten, hoe hoger het draagvlak. 

Het verschil in draagvlak tussen de leeftijdscategorieën is voor de gedragsregel 'ontvang niet meer dan het maximum toegestane aantal bezoekers thuis' het grootst. Voor de andere gedragsregels zijn de verschillen tussen de verschillende leeftijdscategorieën voor het draagvlak minder groot.

De naleving van de gedragsregels naar leeftijd laat een minder eenduidig beeld zien. Bij de naleving  van 'vermijd drukke plekken' zien we eenzelfde patroon als bij het draagvlak: meer respondenten hebben aangegeven de gedragsregels na te leven naarmate de leeftijd toeneemt. Het omgekeerde zien we echter bij 'laten testen bij klachten', 'thuis blijven bij klachten' en bij 'hoesten en niezen in de elleboog'; de naleving van deze drie regels is juist het hoogst bij de jongste leeftijdscategorieën. Bij de overige gedragsregels zijn er minder duidelijke verschillen tussen de leeftijdscategorieën.

Grafieken Verschil in draagvlak voor de diverse gedragsregels tussen leeftijdscategorieën ronde 13

Figuur 3: Verschil in draagvlak voor de diverse gedragsregels tussen leeftijdscategorieën (voor gedragsregel Thuiswerken is de groep 70+ te klein om een cijfer op te nemen).

Verschillen per regio

Er zijn drie gedragsregels waarvan de steekproefgrootte niet toereikend is voor regionale uitsplitsing wegens te weinig waarnemingen voor een betrouwbaar kaartbeeld. Het betreft: 1) thuisblijven bij klachten, 2) laten testen bij klachten en 3) het dragen van een mondkapje in het openbaar vervoer. Slechts een beperkt aantal respondenten is namelijk in zo’n situatie geweest (dat wil zeggen weinig respondenten hadden coronagerelateerde klachten of hebben aangegeven dat ze in de afgelopen drie weken met het openbaar vervoer hadden gereisd).  

Van de overige zeven gedragsregels zijn regionale kaarten over zowel de naleving als draagvlak beschikbaar. De variatie tussen de regionale cijfers verschilt per gedragsregel. De cijfers van de regio met de laagste waarde en de regio met de hoogste waarde (en het verschil) zijn weergegeven in onderstaande tabel (zie ook figuur 4 en 5).

Tabel 1: Regionale variatie (min, max, verschil) in naleving en draagvlak van gedragsregels. 

Naleving Min(%) Max(%) Verschil(%)
Draagt een mondkapje in publieke binnenruimtes 67,4 87,8 20,4
Hoest en niest in de elleboog 58,2 68,2 10
Houdt 1,5 meter afstand 59,6 65,8 6,2
Ontvangt niet meer dan het voorgeschreven aantal bezoekers thuis (tijdens deze meting: maximaal 2) 81,4 90,8 9,4
Vermijdt drukke plekken 65,7 76,1 10,4
Wast vaak de handen (>10 keer per dag) 25,9 37,3 11,4
Werkt (volledig) thuis 58 78,5 20,5
Draagvlak Min(%) Max(%) Verschil(%)
Draag een mondkapje in publieke binnenruimtes 72,3 83,8 11,5
Hoest en nies in de elleboog 81 91,5 10,5
Houd 1,5 meter afstand 80 88,2 8,2
Ontvang niet meer dan het voorgeschreven aantal bezoekers thuis (tijdens deze meting: maximaal 1) 37,0 54,5 17,5
Vermijd drukke plekken 83,5 92,6 9,1
Was vaak de handen (>10 keer per dag) 74,7 86,3 11,6
Werk (volledig) thuis 71,6 83,1 11,5

De regionale variatie bij de naleving van de gedragsregels varieert tussen de 6,2% en 20,5% en voor het draagvlak tussen de 8,2% en 17,5%. Bij het naleven van 'thuis werken' zien we de grootste variatie (20,5%) en 'draag een mondkapje in publieke binnenruimte' (20,4%) tussen de veiligheidsregio’s. Bij draagvlak zien we de grootste regionale variatie (17,5%) bij 'ontvang niet meer dan het maximum toegestane aantal bezoekers thuis'

De kleinste regionale variatie bij naleving zien we bij de gedragsregels 'afstand houden' (6,2%). Bij draagvlak betreft het eveneens 'afstand houden' (8,2%).

Van de gedragsregels zijn er zeven als kaart met een regionale uitsplitsing beschikbaar op het  Coronadashboard van de Rijksoverheid. 

Figuur 4 Naleving en draagvlak gedragsregel mondkapjes ronde 13
figuur 5 ontvang maximaal aantal bezoekers ronde 12

Gevaccineerd of bereid tot vaccinatie

Het percentage deelnemers dat gevaccineerd is of bereid is zich te laten vaccineren is sinds begin januari licht gestegen. Tot en met meetronde 5 bestaat dit cijfer alleen uit deelnemers die zeggen bereid te zijn zich te laten vaccineren. Vanaf meetronde 6 (afgenomen in januari 2021) wordt ook het percentage deelnemers dat al minimaal één vaccinatie heeft ontvangen meegenomen in dit cijfer. Dit laatste deel neemt toe bij elke meting. In de laatste meetronde geeft 87,3% van de deelnemers aan gevaccineerd te zijn of bereid is zich te laten vaccineren. In onderstaande grafiek staat eveneens een uitsplitsing naar leeftijd. De grootste stijging zien we bij de groep van 40-54 jaar: 8,3 procentpunt.

Vaccinatiebereidheid naar leeftijd ronde 13

Over de deelnemers

Aan de dertiende ronde deden 4.970 deelnemers mee. De man-vrouw, leeftijds- en opleidingsverdeling staat gepresenteerd in onderstaande tabel.

De door ons gepresenteerde cijfers worden gewogen naar leeftijd, geslacht en opleidingsniveauzodat ze een zo representief mogelijk beeld geven van de Nederlandse bevolking en de bevolking naar Veiligheidsregio.  

    N=4.970
Geslacht    
  man 50,0%
  vrouw 50,0%
Leeftijd    
  16-24 jaar 10,7%
  25-39 jaar 17,1%
  40-54 jaar 23,3%
  55-69 jaar 27,2%
  70+ 21,6%
Opleidingsniveau    
  laag 23,4%
  midden 40,2%
  hoog 36,4%

Resultaten van de veertiende meting zullen begin juli worden gepubliceerd.