Sinds het begin van de coronapandemie gelden er bepaalde gedragsadviezen. Om beter te begrijpen hoe mensen denken over de geldende gedragsadviezen, wat hun drijfveren zijn om zich hier aan te houden en wat de impact op mensen is, houden het RIVM en GGD Gemeentelijke Gezondheidsdienst (Gemeentelijke Gezondheidsdienst) GHOR Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio (Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio) Nederland (samen met de regionale GGD’en) een groot onderzoek. Het onderzoek gaat over het gedrag van mensen, wat ze vinden van de gedragsadviezen van de overheid en hoe het fysiek, mentaal en sociaal met ze gaat in dit coronatijdperk. 

Dit cohort onderzoek is geschikt om naar patronen over tijd te kijken, maar minder geschikt om percentages op 1 moment in de tijd te meten (niet representatief voor Nederland): zaken als vaccinatiebereidheid worden overschat in dit onderzoek. Kijk hier voor meer informatie over de methode en representativiteit van dit onderzoek.

Samenvatting Ronde 21

De (voorlopig) laatste meetronde van dit onderzoek is uitgevoerd vlak na de zomervakantie, van 7-11 september 2022. De druk op de ziekenhuizen is op dit moment lager dan een half jaar geleden, maar de rioolwatercijfers laten zien dat er nog behoorlijk veel virus circuleert. Om een nieuwe opleving van het coronavirus dit najaar tegen te gaan, hebben de sectoren sectorplannen opgesteld. Ook gelden nog een aantal gedragsadviezen om de verspreiding van het coronavirus te beperken, zoals handen wassen en testen bij klachten. Bovendien kan dit najaar iedereen van 12 jaar en ouder een herhaalprik krijgen. 

Meer deelnemers testen bij klachten

De hygiëne-adviezen regelmatig handen wassen en hoesten en niezen in de elleboog worden relatief stabiel nageleefd. Bij coronaklachten worden mensen nog altijd geadviseerd om een coronatest te doen. In de meeste gevallen is een zelftest voldoende. Deze ronde is er een toename in het aandeel deelnemers dat test en thuisblijft bij klachten (resp. 8 en 7 procentpunt). Bijna drie kwart van de deelnemers doet een (zelf)test bij klachten. En meer dan de helft van de deelnemers bleef thuis tijdens de klachten, tot zij een negatieve (zelf)test uitslag hadden. Het aantal deelnemers dat in isolatie ging na een positieve (zelf)test uitslag is gelijk gebleven ten opzichte van de vorige meting: iets meer dan de helft ging helemaal niet naar buiten en een derde alleen voor een laag risico situatie zoals een frisse neus halen of de hond uitlaten. 
De toename in testen en thuisblijven bij klachten komt ook terug in factoren die het gedrag mogelijk verklaren. Ondanks dat de zorgen om een nieuwe opleving of een nieuwe virus variant wat zijn afgenomen, schatten deelnemers de kans om zelf besmet te raken iets hoger in dan in juni. Meer deelnemers staan op dit moment achter de adviezen testen en thuisblijven bij klachten dan in juni. Ook zien nu iets meer deelnemers mensen in hun naaste omgeving testen bij klachten dan drie maanden geleden. 

Sociale activiteit en welbevinden stabiel

Deelnemers ondernamen na de vakantieperiode ongeveer even veel sociale activiteiten als voor de vakantieperiode (in juni). Zij gingen bijvoorbeeld even vaak naar buiten voor de horeca, een feestje, om op bezoek te gaan bij vrienden of familie of om te sporten. Het aantal deelnemers dat naar buiten gaat ligt voor de meeste sociale activiteiten op het hoogste niveau sinds het begin van de pandemie. Het mentaal welbevinden van de deelnemers vanaf 25 jaar en ouder is gelijk gebleven ten opzichte van de vorige meetronde in juni. Over jongere deelnemers kunnen vanwege de groepsgrootte geen losse uitspraken worden gedaan. 

Betrokkenheid bij sectorplannen afhankelijk van sector en functieniveau

Binnen het onderzoek werken 3301 deelnemers binnen een van de sectoren (zoals zorg, onderwijs, of detailhandel). Twee van de tien deelnemers die bij een van de sectoren werken (zorg, onderwijs, detailhandel, etc.), geven aan bekend te zijn met de coronaplannen van hun sector en de inhoud daarvan. Dit bewustzijn is iets hoger onder deelnemers met een management of leidinggevende functie. Ook zijn er duidelijke verschillen tussen de sectoren: in het onderwijs geeft bijvoorbeeld de helft aan bekend te zijn met de sectorplannen en in de detailhandel een kwart. Van de deelnemers die bekend zijn met de inhoud van de sectorplannen, voelt ongeveer een derde zich betrokken bij de plannen van zijn of haar sector en is ruim drie kwart van plan zich aan het sectorplan te houden wanneer het kabinet aangeeft dat maatregelen nodig zijn. Of deelnemers de maatregelen proportioneel vinden (dat de voordelen groter zijn dan de nadelen) en als effectief zien (dat ze de verspreiding van het virus remmen), lijken de belangrijkste voorspellers hierbij.  

Vertrouwen in overheid licht toegenomen, vraag om meer communicatie blijft

Ten opzichte van de vorige meetronde is het vertrouwen in de aanpak van de overheid licht toegenomen, met 4 procentpunt. Een kwart van de deelnemers is nu (heel) positief over de aanpak (25%; 51% neutraal; 24% negatief). De meerderheid van de deelnemers vindt dat er op dit moment voldoende maatregelen worden genomen (62%; 10% te veel; 27% te weinig). Ondanks dat de zorgen over een mogelijke opleving van het virus deze ronde iets zijn afgenomen (7 procentpunt lager), heeft nog steeds maar 1 op de 4 deelnemers er vertrouwen in dat de overheid goed voorbereid zal zijn op een nieuwe opleving. Drie kwart van de deelnemers vindt dat de overheid meer zou moeten communiceren over haar plannen om met een mogelijke opleving om te gaan. 

Dit en meer blijkt uit de 21e en (voorlopig) laatste ronde van het vragenlijstonderzoek van de RIVM Corona Gedragsunit in samenwerking met GGD Gemeentelijke Gezondheidsdienst (Gemeentelijke Gezondheidsdienst) GHOR Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio (Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio) en de 25 GGD’en, uitgevoerd tussen 7 en 11 september 2022 onder 34.283 deelnemers.

Naleven gedragsregels

Sinds half maart 2020 gelden in ons land diverse gedragsmaatregelen en -adviezen die moeten helpen om het aantal ziektegevallen te beperken.

  • Lukt het om de gedragsadviezen na te leven? 
  • Laten mensen zich testen bij klachten?
  • Hoeveel wordt er thuisgewerkt?

En is dit veranderd in de afgelopen periode?

Verklaringen gedrag

Er zijn verschillende redenen waarom adviezen wel of niet worden opgevolgd, zoals:

  • Inschatting van de kans om besmet te raken of anderen te besmetten
  • Invloed van corona op de emotie
  • Inschatting of adviezen helpen
  • Hoe makkelijk of moeilijk de adviezen worden ervaren
  • Wat anderen doen in de omgeving

En is dit veranderd in de afgelopen periode?

Welbevinden & Leefstijl

De coronacrisis kan ook gevolgen hebben op de mentale, fysieke, en sociale gezondheid.

  • Wat is het effect op het mentale welzijn?
  • Hoe is de kwaliteit van sociale contacten?
  • Zijn mensen anders gaan eten en bewegen?

En is dit veranderd in de afgelopen periode?

Draagvlak

Aan de deelnemers gevraagd of ze achter de gedragsadviezen staan:

  • Is er draagvlak voor de gedragsadviezen? 
  • Wat als de gedragsadviezen langer duren?

En is dit veranderd in de afgelopen periode?

Vertrouwen in overheid

De mensen om ons heen kunnen invloed hebben op hoe we tegen de adviezen aankijken.

  • Hoe wordt er over de adviezen gesproken?
  • Is er vertrouwen in de aanpak van de Nederlandse overheid? 

En is dit veranderd in de afgelopen periode?

Vaccinatie

Sinds begin januari 2020 is een vaccin tegen corona beschikbaar in Nederland.

  • Hoe denken mensen over vaccineren?
  • Willen mensen zich laten vaccineren?
  • Houden mensen zich nog aan adviezen na vaccinatie?

En is dit veranderd in de afgelopen periode?

Vrije opmerkingen

Deelnemers konden aan het eind van de vragenlijst vrije opmerkingen geven over de coronaadviezen in het algemeen. Deze opmerkingen geven extra inzicht in redenen voor draagvlak, naleving en welzijn van de deelnemers tijdens de coronapandemie.

Over dit onderzoek

Het onderzoek wordt samen met het RIVM en de GGD Gemeentelijke Gezondheidsdienst (Gemeentelijke Gezondheidsdienst)'en uitgevoerd.

  • Hoe ziet het onderzoek eruit?
  • Wie doen er mee?
  • Hoe is het onderzoek begonnen?