Roodvonk is een besmettelijke ziekte. Mensen krijgen het door een bacterie.

De klachten beginnen meestal met:

  • hoge koorts,
  • braken,
  • hoofdpijn
  • en keelpijn.

Daarna:

  • komen er meestal felrode vlekjes op het lichaam. Er zijn geen vlekjes bij de neus of mond.
  • De huid met de vlekjes ziet eruit als rood kippenvel en voelt aan als schuurpapier.
  • Ook op de tong verschijnen felrode puntjes, dit heet ook wel frambozentong.
  • Na een paar dagen begint de huid te vervellen, vooral aan de vingers en tenen.

De klachten duren meestal 7 tot 10 dagen.

De bacterie zit in de neus en keel van iemand die besmet is. Veel mensen dragen de bacterie bij zich zonder er ziek van te worden. Door hoesten, niezen en praten komen kleine druppeltjes met de bacterie in de lucht. Mensen kunnen deze druppeltjes inademen en besmet raken.

Iemand met roodvonk is besmettelijk als de eerste klachten beginnen, al vóór er vlekjes zijn. Dit duurt totdat het vervellen van de huid over is. Medicijnen kunnen die tijd korter maken.

De tijd tussen besmet raken en ziek worden is 2 tot 7 dagen.

Iedereen kan roodvonk krijgen. Roodvonk komt het meeste voor bij kinderen van 3 tot 6 jaar oud.

Er is geen inenting om de ziekte te voorkomen.

Bij hoesten of niezen:

  • Gebruik een papieren zakdoek. Heb je geen papieren zakdoek bij de hand? Hoest dan in de plooi van je elleboog.
  • Gebruik een zakdoek maar één keer.
  • Gooi de zakdoek na gebruik weg.
  • Was hierna je handen.
  • Leer kinderen ook netjes te hoesten en te niezen.
  • Het is niet nodig om bij iedereen die hoest of niest uit de buurt te blijven. Houd pasgeboren baby’s wel uit de buurt van hoestende en niezende mensen.

Roodvonk gaat vanzelf over. Soms besluit een arts toch medicijnen te geven.

Voelt een kind zich goed? Dan kan het gewoon naar een kindercentrum of school. Roodvonk is al besmettelijk voordat iemand vlekjes krijgt. Thuisblijven helpt niet om te voorkomen dat anderen ziek worden.

Heeft je kind roodvonk? Vertel het dan aan de pedagogisch medewerker of de leerkracht. Zij kunnen in overleg met de GGDGemeentelijke Gezondheidsdienst Gemeentelijke Gezondheidsdienst  andere ouders informeren. Ouders kunnen dan letten op de klachten van roodvonk bij hun kind.

Een volwassene met roodvonk die zich goed voelt, kan gewoon werken. Werk je in de zorg? Dan moet je eerst overleggen met de GGD/bedrijfsarts of met je werkgever voor je weer gaat werken.

Heb je meer vragen over roodvonk?

Vraag het de GGD-afdeling Infectieziekten of de huisarts.