De zon geeft continu straling af. Die straling beweegt zich als golven. Een deel daarvan zien we als zonlicht. Maar er is ook deel dat we met het blote oog niet kunnen zien. De lengte van de golf bepaalt hoeveel energie erin zit. Deze lengte wordt uitgedrukt in miljardsten van een meter, ook wel nanometer (nm) genoemd. UV ultraviolet (ultraviolet)-straling is niet zichtbaar voor de mens. 

Het RIVM kan UV-straling met behulp van apparatuur meten. Dat doet het RIVM ongeveer elke 10 minuten. Met deze gegevens berekent het RIVM vervolgens de zonkracht. Een hogere zonkracht betekent dat mensen sneller kunnen verbranden.  

Om de zonkracht te berekenen, volgt het RIVM een paar vaste stappen die internationaal zijn afgesproken.   

  1. We meten van alle golflengten UV-straling hoe veel er van is (blauwe lijn).  
  2. We zoeken per golflengte op hoe gevoelig de huid voor verbranding is (rode lijn). De huid is namelijk niet voor iedere golflengte even gevoelig.  
  3. We vermenigvuldigen, per golflengte, de hoeveelheid UV-straling met de gevoeligheid van de huid. Op die manier wordt de hoeveelheid UV-straling gewogen. Door deze vermenigvuldiging krijgen we een nieuwe lijn (oranje).  
  4. We berekenen hoe groot het gebied onder deze oranje lijn is. Op deze manier houden we maar één getal over.  
  5. Omdat dit getal onhandig klein is, vermenigvuldigen we dit nog met 40. Dit is de zonkracht.  

In Nederland ligt de zonkracht tussen 0 en 8. In andere landen kan de zonkracht best hoger liggen - in bijvoorbeeld Australië kan de zonkracht hoger dan 11 zijn. 

figuur zonkracht irradiantie en golflengte